100% satisfaction guarantee Immediately available after payment Both online and in PDF No strings attached 4.6 TrustPilot
logo-home
Summary

Samenvatting Inspanningsfysiologie oefentherapie en training H2

Rating
-
Sold
-
Pages
7
Uploaded on
11-03-2017
Written in
2014/2015

Samenvatting H2 Inspanningsfysiologie oefentherapie en training

Institution
Course









Whoops! We can’t load your doc right now. Try again or contact support.

Connected book

Written for

Institution
Study
Course

Document information

Summarized whole book?
No
Which chapters are summarized?
H2
Uploaded on
March 11, 2017
Number of pages
7
Written in
2014/2015
Type
Summary

Subjects

Content preview

Samenvatting Inspanningsfysiologie oefentherapie en training Hoofdstuk 2

Energie
Met energie wordt arbeid verricht → mechanische arbeid
(groot) deel van de gebruikte energie komt vrij als warmte. Mechanische arbeid staat in de fysica
voor de kracht die nodig is voor het verplaatsen van een gewicht vermenigvuldigd met de
afstand van de verplaatsing.

Arbeid (W)
Arbeid wordt uitgedrukt in newton x meter (Nm) of Joule (J). Het verbruik van energie tijdens
arbeid = kcal
In berekening van arbeid is de snelheid van verplaatsing niet opgenomen. Het maakt niet uit hoe
snel, arbeid blijft gelijk.

Vermogen
Wanneer arbeid per tijdseenheid wordt berekend → vermogen
Vermogen (P) = power)) wordt uitgedrukt in eenheid Watt (W)
P= arbeid (in J/s, W of Nm/s)
tijd
Hoe langer het vermogen wordt volgehouden, hoe meer energie wordt verbruikt.

Capaciteit
Capaciteit heeft te maken met de omvang van de beschikbare energie voor een prestatie.
Aerobe capaciteit = totale hoeveelheid energie die d.m.v. de aerobe stofwisseling (dus m.b.v.
zuurstof) kan worden vrijgemaakt.

Rustige activiteiten → gebruik vetten als energiebron
→ 10 á 15 kg. bij gezond persoon
Het meest economische proces is de volledige vetverbranding van vetten m.b.v. zuurstof tot de
restproducten koolzuurgas en water → dat levert de meeste energie op.

Suikerhoudende reserve stoffen → koolhydraten
o Zetmeel
o Glycogeen
o Maltose glucos genoemd
o Sacharose
o Etc.

Koolhydraten na spijsvertering overwegend als glycose aan de spieren aangeboden worden.

Vetten worden uit vetweefsel afgegeven in de vorm van vrije vetzuren. De reserve stof vet is niet
eenvoudig in bloed te transporteren en vet moleculen worden eerst gesplitst in vetzuren en
glycerol = traag proces.

Glycose is een voor het lichaam snel afbreekbare koolhydraat, die voor een deel in de lever, maar
ook in de spieren ligt opgeslagen = snel proces → minder voorradig.
± 300-500 gram glucose in spieren, heeft paar seconden nodig tot activatie.
Glucose is een energiebron om zuinig op te zijn, mede omdat het zenuwstelsel alleen maar
glucose gebruikt voor hersenactiviteit.

Bij arbeid met hoogvermogen en bij vrijwel max. prestaties van enkele min. tot half uur is de
koolhydraatvoorraad de meest geschikte brandstof.

, Zowel vet als glucose (reservestoffen) hebben als nadeel dat bij onverwachte acties en
explosieve krachten de omzetting van vetten en suikers tekort schiet voor de levering van
energie op dat moment.

Celmetabolisme zorgt ervoor dat er steeds onmiddellijk inzetbare energie aanwezig is in de
vorm van energierijke fosfaten;
o ATP = adenosinetrifosfaat deze stoffen zijn drijvende krachten achter het grootste
o CP = creatinefosfaat deel van de celprocessen.

 Enige sec. tot halve min. bruikbaar
 Onontbeerlijk voor de celprocessen
 Worden voortdurend gerecycled

Terug vormen van ATP en CP kost energie, glucose + vetverbranding leveren brandstof
daarvoor. Glucose kan zonder zuurstof gedeeltelijk worden gesplitst in het proces dat glycolyse
het, de verdere afbraak vindt plaats in de citroenzuurcyclus.
De grote ATP winst treedt op bij het proces dat zuurstof nodig heeft = oxidatieve fosforylering.
Vetzuren worden ook in het celplasma afgebroken, maar dit proces – de β oxidatie – maakt geen
gebruik van de enzymen van de glycolyse.




ATP = adenosinetrifosfaat → vaste energieleverancier voor de lichaamscellen, die de energie uit
verbrandingsprocessen tijdelijk kan opslaan en doorgeven aan
energie vragende processen de totale voorraad ATP = klein.
ATP heeft een basisstructuur (een nucleotide en een suiker) met daaraan gekoppeld een keten
met 3 fosfaatgroepen. Afsplitsing van een fosfaatgroep van dit molecuul levert direct bruikbare
chemische energie.

ADP = adenosinedifosfaat ATP > ADP + Pi + energie
Pi = anorganische fosfaatgroep
$7.33
Get access to the full document:

100% satisfaction guarantee
Immediately available after payment
Both online and in PDF
No strings attached


Also available in package deal

Get to know the seller

Seller avatar
Reputation scores are based on the amount of documents a seller has sold for a fee and the reviews they have received for those documents. There are three levels: Bronze, Silver and Gold. The better the reputation, the more your can rely on the quality of the sellers work.
thijs92 Saxion Hogeschool
Follow You need to be logged in order to follow users or courses
Sold
29
Member since
12 year
Number of followers
24
Documents
13
Last sold
2 year ago

3.7

7 reviews

5
2
4
2
3
2
2
1
1
0

Recently viewed by you

Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Frequently asked questions