INLEIDING
Algemene informatie over de cursus en examen
2 Vragen, 1 uur voorbereidingstijd. => 2 algemene vragen (altijd 1tje over koop en 1tje over
huur). Beide vragen komen uit de cursus.
+ Mondelinge vragen uit de REST van de cursus (Meestal: over aanneming van werk of
lastgeving).
Wetboek toegelaten. Zelfs aangeraden. Je mag zelfs een geannoteerde gebruiken.
Kruisverwijzingen zijn ook geen probleem.
ALGEMENE INLEIDING
We bekijken eerst een aantal zaken die niet in de cursus van verbintenissenrecht werden
behandeld, maar die wel belangrijk zijn.
Voor andere zaken zal er vaak worden verwezen naar het verbintenissenrecht. Je moet het
opzoeken, als je iets niet begrijpt. Maar maak je geen zorgen! Er worden op het examen enkel
vragen gesteld uit deze cursus en nooit uit het verbintenissenrecht.
A. Verschil tussen Benoemde en Onbenoemde OVK
We gaan het hier meestal hebben over benoemde OVK uit het BW. In het BW hebben we
namelijk een stuk over contracten in het algemeen (verbintenissenrecht) en een stuk over door
de wetgever als fundamenteel geziene contracten (bv: koop, huur, woninghuur, handelshuur,
pacht, aanneming van werk, onderaanneming van werk, woningbouwwet, lastgeving, dading,
kanscontracten, borgtocht.... = Contracten die toen al zoveel voorkwamen, dat het nuttig was
om daar een aantal regels voor uit te werken. Dit zijn de benoemde overeenkomsten).
Geen contractenrecht! – In deze cursus behandelen we niet het contractenrecht.
Contractenrecht = algemeen verbintenissenrecht + Bijzondere overeenkomsten (= benoemde
overeenkomsten). We gaan hier enkel bijzondere overeenkomsten bekijken en waarschijnlijk
enkel diegene die in het BW staan. Maar let er wel op dat er zeeeeeeeeer veel verschillende
contracten bestaan in een zee van bijzondere wetgeving (bv: verzekeringscontract,
arbeidsovereenkomst, commissie, vervoersovereenkomst...).
Bijzondere overeenkomsten die noch in het BW noch in bijzondere wetgeving staan:
Voorbeeld: Leasing, franchising... = Daar bestaat geen wetgeving over. Je moet het maar
lezen in de rechtsleer. Maar dat is niet erg, want iedereen zal weten wat het is.
DAT KAN! => Contractsvrijheid = Men mag iets helemaal uniek uitwerken.
1