Thema 8 Systeem van bestuursrechtelijke rechtsbescherming
Literatuur en jurisprudentie
Leerstof:
Literatuur
- A.T. Marseille en H.D. Tolsma (red.), Bestuursrecht 2. Rechtsbescherming tegen de
overheid, Den Haag: Boom Juridisch 2016, p. 81-100 (zie Blackboard)
- N. Jak en T. Barkhuysen, ‘Wetsvoorstel organisatie hoogste bestuursrechtspraak
ingetrokken’, 21 november 2016, te vinden op:
https://www.stibbe.com/en/news/2016/november/wetsvoorstel-organisatie- hoogste-
bestuursrechtspraak- ingetrokken
- Kamerstukken
o Kamerstukken II 2009/10, 32450, 3, p. 6-9
o Kamerstukken II 2015/16, 34389, 3, p. 1-6
o Kamerstukken II 2016/17, 34389, 23
- Jurisprudentie
o HR 31 december 1915, Jurisprudentie-bundel SBR. Ars Aequi 2015
(Guldemond/Noordwijkerhout)
o EHRM 6 mei 2003, Jurisprudentie-bundel SBR. Ars Aequi 2015 (Kleyn)
- Aanbevolen optionele literatuur:
o BKVW (zevende druk), p. 153-160, 163-168 en 169-175
Introductie
In dit laatste thema van de cursus, staat de bestuursrechtelijke rechtsbescherming centraal.
Daarbij wordt teruggrepen op de kennis die u heeft opgedaan in het vak Inleiding Staats- en
bestuursrecht (zie ook de aanbevolen pagina’s uit BKVW). Met dit thema wordt bovendien
een verdere basis gelegd voor het bestuursprocesrecht.
Wat betreft het huidige systeem is van groot belang dat sinds 1 januari 2013 de Wet
aanpassing bestuursprocesrecht in werking is getreden. Deze wet heeft onder meer het stelsel
van bestuursrechtelijke rechtsbescherming een stuk overzichtelijker gemaakt dan voorheen
het geval was. De meeste regels zijn in de Awb te vinden. Met dit systeem wordt in thema 8
aan de slag gegaan. Welke rechterlijke instanties zijn belast met de eerste aanleg en het hoger
beroep en op welke wijze komt een belanghebbende bij deze instanties terecht?
Naast de genoemde wijzigingen is er de afgelopen jaren veel te doen geweest over de
organisatie van de hoogste bestuursrechtspraak. In het regeerakkoord ‘Bruggen slaan’
(https://www.rijksoverheid.nl/documenten/rapporten/2012/10/29/regeerakkoord) van het
kabinet Rutte II valt immers (op p. 28) te lezen: ‘De Raad van State wordt gesplitst in een
rechtsprekend deel en een adviserend deel. Het rechtsprekende gedeelte wordt samengevoegd
met de Centrale Raad van Beroep en het College van Beroep voor het Bedrijfsleven.’ Over de
(mogelijke) uitwerkingen van deze woorden is de afgelopen jaren veel gediscussieerd en
geschreven. In dit thema wordt het initiële, en ondertussen ingetrokken, wetsvoorstel dat naar
aanleiding hiervan verscheen besproken.
Literatuur en jurisprudentie
Leerstof:
Literatuur
- A.T. Marseille en H.D. Tolsma (red.), Bestuursrecht 2. Rechtsbescherming tegen de
overheid, Den Haag: Boom Juridisch 2016, p. 81-100 (zie Blackboard)
- N. Jak en T. Barkhuysen, ‘Wetsvoorstel organisatie hoogste bestuursrechtspraak
ingetrokken’, 21 november 2016, te vinden op:
https://www.stibbe.com/en/news/2016/november/wetsvoorstel-organisatie- hoogste-
bestuursrechtspraak- ingetrokken
- Kamerstukken
o Kamerstukken II 2009/10, 32450, 3, p. 6-9
o Kamerstukken II 2015/16, 34389, 3, p. 1-6
o Kamerstukken II 2016/17, 34389, 23
- Jurisprudentie
o HR 31 december 1915, Jurisprudentie-bundel SBR. Ars Aequi 2015
(Guldemond/Noordwijkerhout)
o EHRM 6 mei 2003, Jurisprudentie-bundel SBR. Ars Aequi 2015 (Kleyn)
- Aanbevolen optionele literatuur:
o BKVW (zevende druk), p. 153-160, 163-168 en 169-175
Introductie
In dit laatste thema van de cursus, staat de bestuursrechtelijke rechtsbescherming centraal.
Daarbij wordt teruggrepen op de kennis die u heeft opgedaan in het vak Inleiding Staats- en
bestuursrecht (zie ook de aanbevolen pagina’s uit BKVW). Met dit thema wordt bovendien
een verdere basis gelegd voor het bestuursprocesrecht.
Wat betreft het huidige systeem is van groot belang dat sinds 1 januari 2013 de Wet
aanpassing bestuursprocesrecht in werking is getreden. Deze wet heeft onder meer het stelsel
van bestuursrechtelijke rechtsbescherming een stuk overzichtelijker gemaakt dan voorheen
het geval was. De meeste regels zijn in de Awb te vinden. Met dit systeem wordt in thema 8
aan de slag gegaan. Welke rechterlijke instanties zijn belast met de eerste aanleg en het hoger
beroep en op welke wijze komt een belanghebbende bij deze instanties terecht?
Naast de genoemde wijzigingen is er de afgelopen jaren veel te doen geweest over de
organisatie van de hoogste bestuursrechtspraak. In het regeerakkoord ‘Bruggen slaan’
(https://www.rijksoverheid.nl/documenten/rapporten/2012/10/29/regeerakkoord) van het
kabinet Rutte II valt immers (op p. 28) te lezen: ‘De Raad van State wordt gesplitst in een
rechtsprekend deel en een adviserend deel. Het rechtsprekende gedeelte wordt samengevoegd
met de Centrale Raad van Beroep en het College van Beroep voor het Bedrijfsleven.’ Over de
(mogelijke) uitwerkingen van deze woorden is de afgelopen jaren veel gediscussieerd en
geschreven. In dit thema wordt het initiële, en ondertussen ingetrokken, wetsvoorstel dat naar
aanleiding hiervan verscheen besproken.