100% satisfaction guarantee Immediately available after payment Both online and in PDF No strings attached 4.6 TrustPilot
logo-home
Summary

Samenvatting - Medische kennis Oncologie

Rating
-
Sold
-
Pages
23
Uploaded on
09-05-2023
Written in
2019/2020

Samenvatting van medische kennis Oncologie. Hoorcolleges/powerpoints hierin meegenomen.

Institution
Course










Whoops! We can’t load your doc right now. Try again or contact support.

Written for

Institution
Study
Course

Document information

Uploaded on
May 9, 2023
Number of pages
23
Written in
2019/2020
Type
Summary

Subjects

Content preview

Medische Kennis – Oncologie
Les 1: algemene oncologie

Celdeling schema:
M: mitose (cel afdeling)
G1: celgroei
G0: apoptose (geprogrammeerde celdood)
S: DNA syntese
G2: Groei en voorbereiding op mitose

Probleem bij kanker: Oncogenese (het ontstaan van kanker)
1. Snelheid celdeling niet meer onder controle (door de rode stoplichten)
Tumorcellen negeren ‘contact-inhibitie’: normale cellen zeggen als ze te dicht bij
elkaar komen van we moeten nu stoppen met groeien, want we zijn met genoeg;
tumorcelen doen dit niet. De celdeling is ongecontroleerd.
2. Cellen gaan niet meer dood (apoptose; waardoor er nog meer cellen komen)
3. Angiogenese (tumorcellen zorgen ervoor dat bloedvaten ernaartoe groeien; tumor
stopt anders met groeien als het ongeveer 0,5 mm groot is, want dan hebben ze
nieuwe haarvaatjes nodig om verder te groeien)
4. Metastase (uitzaaiing); tumorcellen geven eiwitten af (MMP) (eiwit afbrekende
enzymen) Breken basaalmembraan door (buitenkant van bloedvaten/organen)
Hierdoor kunnen de cellen zich losmaken uit een weefsel en zich direct in omliggende
weefsels nestelen of zich verplaatsen. Cellen van een kwaadaardige tumor kunnen
losraken en via het bloed en/of de lymfe ergens anders in het lichaam terechtkomen.
Daar kunnen zij zich hechten en uitgroeien tot nieuwe tumoren.
5. Omzeilen immuunsysteem (tumorcellen ontsnappen aan immuunsysteem); De T-cel
(afweersysteem) herkent de tumorcel en doodt deze.

Waar gaat het fout?
Het gaat om schade in ons eigen DNA

Risicofactoren
- Leeftijd (hoe ouder iemand wordt, des te meer celdelingen er al in het lichaam
hebben plaatsgevonden. Bij elke celdeling kunnen er fouten in het DNA ontstaan)
- Erfelijke aanleg (genetisch; 5-10%)  BRCA1 en 2 (breast cancer)
- Omgevingsfactoren
 Voeding (te veel alcohol, rood en bewerkt vlees)
 Stress (langdurig)
 Ziekteverwekkers (pathogenen); virale infecties (hepatits B, HPV (humaan
papillomavirus), bacterie Helicobacter pylori)
 Giftige stoffen (roken, alcohol, PAK’s, asbest, fijnstof)
 Straling (UV, röntgen, gamma)

Wat kun je doen om de diagnose te stellen?
- MRI
- CT
- Bloedprikken

, - Iemand komt bij de HA met klachten (pijn, knobbeltje, boed bij ontlasting)
- Lichamelijk onderzoek
- Bloedonderzoeken
- Endoscopie (binnenkant slokdarm, maag of darmen bekijken)

Beeldvormende diagnostiek
- CT scan (lichaamsdeel kan plakje voor plakje weergegeven worden, de vorm, grootte
en structuur van de bloedvaten en organen zijn hierdoor goed te zien) met
röntgenstraling
- PET scan (radio-actieve glucose; snelgroeiende tumorcellen gebruiken heel veel
glucose) Er zit veel bij de hersenen en de prostaat
- MRI scan (ligging grootte en structuur van organen, bloedvaten en botten
weergegeven) met magnetisch veld en radiogolven
- Echo (misvormingen, tumoren of bloedklonters in weefsels)
PET en CT wordt vaak gecombineerd

Markers voor diagnose
Tumormarkers- stoffen afkomstig van de tumor
CEA (bij darmkanker)
PSA (prostaat specifiek antigeen; te veel  zieke prostaat) gebruikt voor, dit wordt gemeten
om te kijken of de behandeling effect heeft gehad of niet:
- Screening
- Reactie behandeling
- Recidief

Oncologie
Celonderzoek; ook wel genoemd?
Premaligne stadium= niet kwaadaardig maar ook niet goedaardig. Cellen hebben
kenmerken van kwaadaardige cellen. Hieruit KAN kanker ontstaan. Lichaam kan premaligne
cellen aanpakken.
Carcinoma in situ: vroege vorm, binnen basaalmembraan. Het gaat hierbij om cellen met
kwaadaardige kenmerken die echter het omliggende weefsel nog niet hebben geïnfiltreerd
en nog niet op afstand zijn uitgezaaid.

Benigne tumor= goedaardig
- Groei: binnen een kapsel, dringt NIET het omliggende weefsel binnen
- Groei: verdrukt omliggend weefsel
- Zaait NIET uit, metastaseert niet
- Niet direct levensbedreigend
- In het cranium (schedel) is gewoon te weinig ruimte en kan het delen verdrukken
waardoor je uitvalsverschijnselen krijgt  weghalen
- Kan ook kwaadaardig worden: maligne ontaardig of maligne degeneratie
Voorbeelden:
Ñ Hemangioom (aardbeienvlek) (1e)
Ñ Lipoom (2e) – Vetbult

, Maligne tumor= kwaadaardig
- Groei: dringt het omliggende weefsel binnen (invasieve groei)
- Groei: verwoest omliggende weefsel
- Zaait uit (metastaseert)
- Bedreigt gezondheid en leven patiënt
Voorbeelden:
Ñ Mammacarcinoom (borstkanker)
Ñ Prostaatcarcinoom (prostaatkanker)
$7.67
Get access to the full document:

100% satisfaction guarantee
Immediately available after payment
Both online and in PDF
No strings attached

Get to know the seller
Seller avatar
sannejansen7

Get to know the seller

Seller avatar
sannejansen7 Hogeschool van Amsterdam
Follow You need to be logged in order to follow users or courses
Sold
0
Member since
2 year
Number of followers
0
Documents
4
Last sold
-

0.0

0 reviews

5
0
4
0
3
0
2
0
1
0

Recently viewed by you

Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Frequently asked questions