100% satisfaction guarantee Immediately available after payment Both online and in PDF No strings attached 4.2 TrustPilot
logo-home
Summary

Samenvatting Media & Society (1 t/m 12)

Rating
-
Sold
1
Pages
21
Uploaded on
23-03-2023
Written in
2022/2023

Dit is een samenvatting van de hoofdstukken 1 t/m van het boek Media & Society (Nicholas Carah, 2021) voor het vak Media en Maatschappij. De belangrijkste informatie uit de tekst is overzichtelijk gemaakt en toegelicht. Als je alleen deze goed doorleest voor het tentamen denk ik dat je al wel een voldoende hebt. *Het blijft een persoonlijke samenvatting dus de dingen die ik als 'logisch' heb gezien heb ik eruit gelaten

Show more Read less
Institution
Course












Whoops! We can’t load your doc right now. Try again or contact support.

Written for

Institution
Study
Course

Document information

Uploaded on
March 23, 2023
File latest updated on
March 29, 2023
Number of pages
21
Written in
2022/2023
Type
Summary

Subjects

Content preview

Media en Maatschappij – Media & Society, power, platforms and participation

Hoofdstuk 1 – Meaning, Representation and power
Medium is de term die gebruikt wordt voor iets dat zich tussen twee punten bevindt,
dat kan van alles zijn. Op de helft van de 19e eeuw werd de term ‘media’ gebruikt om
kanalen van massacommunicatie te beschrijven zoals kranten, film, radio en
televisie. In de 20e eeuw gingen we ‘media’ beduiden als een set instituties en
technologieën die ‘meaning’ in de maatschappij gingen creëren. En toen computers
werden ontwikkeld halverwege de 20e eeuw, werd met ‘media’ ook opgeslagen data
bedoeld. ‘Media’ bevindt zich ten alle tijden in een ontwikkelingsproces. ‘Media’ is
een middel voor mensen om informatie buiten hun eigen lichaam op te bergen.
Menselijke communicatie is opmerkelijk niet alleen omdat we symbolen en systemen
maken die ‘meaning’ hebben, maar ook omdat we machines bouwen die
communicatie buiten ons lichaam stallen. Het bestuderen van media gaat om het
onderzoeken van sociale structuren en technologieën die we uitvinden om ons
gedeelde leven te organiseren.

meaning -> De menselijke capaciteit om gebruik te maken van ons lichaam om met
elkaar te communiceren. In ‘meaning’ vinden we de culturele, sociale en symbolische
dimensie van menselijke communicatie: de capaciteit om woorden, beelden en
geluiden te maken, delen en te begrijpen.

media -> De menselijke capaciteit voor het creëren mat materiele structuren,
middelen en instituties om informatie te verzamelen, op te slaan, te verwerken en te
distribueren. We gebruiken media om ons leven en onze ervaringen te organiseren
en om de wereld om ons heen te veranderen op een duurzame manier. Media
behoort tot de vele technologieën die in relevantie is gegroeid met de jaren omdat
mensen in een steeds complexer wordende stedelijke maatschappij wonen. Media is
nodig om grote populaties te managen.

fases van media:
1. Symbolic media (het bewaren van informatie op materialen zoals stenen, papier)
Informatie werd mobiel. Ze hebben mensen nodig die met hun eigen capaciteiten
deze informatie konden waarnemen en betekenis aan kunnen geven. Gedurende
deze periode ging men ook experimenteren met manieren van distributie (denk aan
een postduif). Door symbolic media was men in staat complexe samenlevingen te
creëren (handel).
2. Technical media (mechanisch reproduceren van informatie)
Begon door uitvinding printing press. Hebben geen mensen nodig om de realiteit om
te zetten naar een symbolische code, content van het ene medium naar het andere
opbergen (de muziek dat zich bevindt in een LP). Zijn belangrijk want ze zorgen voor
massaproductie en brede verspreiding van informatie wat nodig is voor dingen als
revolutie en kolonialisme. De belangrijkste redenen waarom media technologie
belangrijk werd:
- moderne media industrieën en beroepen ontstonden
- Media werd centraal in het dagelijks leven van mensen in massamaatschappijen
- Media werden sleutel instituties in de politieke en economische processen van de

,maatschappij
Media kijkt en reageert net zoveel naar ons als wij dat doen naar media

Halverwege de 20e eeuw begon beroepsvorming en wetenschap rond media, in
samenloop met de industrialisatie ervan. Onderzoekers onderzochten de zochten uit
hoe communicatie werkten en hoe ze het konden gebruiken om mensen te sturen.
Modellen van communicatie hadden 4 fundamentele elementen:
1. Een communicator
2. Een medium
3. Een boodschap/signaal
4. Een ontvanger

communicatie -> het proces waarbij een communicator een boodschap aflevert, via
een medium, naar een ontvanger met een intentie of doel

Modellen van communicatie beschrijven de relatie tussen communicators, media,
boodschappen en ontvangers als een ‘sociaal’ of ‘technisch’.
sociaal -> creatie en circulatie van ‘meaning’ tussen mensen
technisch -> het proces van systemen die informatie vangen, bewaren, distribueren
of processen
Krijgen kritiek omdat ze te lineair zouden zijn, een boodschap zou dan namelijk wel
met de goede interpretatie aan moeten komen bij de ontvanger -> het is onmogelijk
om met iedereen jouw precieze wereldbeeld met ervaringen en meningen direct over
te brengen.

Communicatie is een socio-technisch proces van het creëren van systemen voor de
uitwisseling van informatie door tijd en ruimte, en dan die systemen gebruiken voor
het laten circuleren van bepaalde ideeën en ‘meanings’ die een gedeeld wereldbeeld
creëren of actie in de wereld orkestreren.

‘meanings’ zijn bronnen die we gebruiken om onze identiteit te generen en om onze
positie te onderhandelen over waar we staan in de sociale wereld. ‘Meanings’ zijn
fluïde en hebben transacties en communicatie tussen mensen nodig om te bestaan.

Menselijke relatie zijn gekenmerkt door een ongelijke toewijzing van symbolische en
materiele bronnen. Die bronnen zijn de basis waarop individuen in staat zijn controle
uit te oefenen over de vorm van menselijke samenlevingen, cultuur en het vormen
van de materiele wereld (machtsrelaties <- ook fluïde)

Degenen met macht hebben een grotere capaciteit voor het ontwikkelen van
‘meaning’ door de macht te hebben over communicatie instituties en praktijken. Om
te begrijpen waarom iets een bepaalde ‘meaning’ heeft, is het dus belangrijk om te
kijken naar machtsrelaties.

power -> de capaciteit om te krijgen wat je wil van anderen als je met hen interacteert

Hoewel machthebbers media kunnen gebruiken voor het creëren en circuleren van

,hun gewenste ideeën, kan er niet gegarandeerd worden dat die ‘meaning’ ook
overkomen op de manier waarop ze dat bedoelen

De macht ligt bij iedereen
een beetje en vergt
samenwerking




De macht ligt bij een klein
groepje elite




Er is sprake van een
verdeling van macht als
het gaat om ‘meaning’
geven (vastgezet in
cultuur bijvoorbeeld) maar
er zijn ook elite

,de bronnen van macht:
- toegang tot materiele en culturele bronnen die nodig zijn om te krijgen wat je wil en
daarvoor consent te krijgen van anderen (geweld of dreiging bijvoorbeeld)
- Het bezetten van sociale posities die de capaciteit om te krijgen wat je wil verhogen,
die zorgen dat anders met je mee gaan en waardoor je andermans macht kan
verminderen
- Het gebruiken en beheersen van ‘meaning’ om sociale relaties te structureren

credentials -> criteria geproduceerd door instituties om je te kunnen aansluiten tot
een institutie (een leraar moet een diploma halen)

macht is niet onveranderlijk, instituties zijn daarom ook dynamisch. De materiele en
symbolische macht hebben zorgt echter wel voor een voordeel in
machtsontwikkelingen

meaning is fixed -> individuen doen mee in al bestaande sociale structuren en rollen
en hebben redelijk weinig capaciteit om ‘meaning’ te veranderen. (denk aan taal, dat
is nu eenmaal zo)

meaning can be temporarily fixed -> In dit geval hebben mensen enige zeggenschap
over ‘meaning’. Ze kunnen samenwerken om ‘meanings’ te veranderen, dit vergt
echter wel veel moeite. ‘Meanings’ zijn alleen materieel veranderd als dat wordt
gereflecteerd in grotere instituties en sociale structuren.

meaning is always open -> In dit geval hebben individuen veel agentschap.
‘Meanings’ veranderen als individuen nieuwe associaties creëren.

Het proces van ‘meaning’ maken zit vast aan een veelheid van door mens gemaakte
machtsrelaties en structuren die restrictief kunnen werken voor menselijke industrie
en creativiteit maar die het niet kunnen uitroeien. Zelfs als machtsrelaties en
structuren ‘meanings’ niet bepalen, zijn ze deel van een contextueel framework
waarin ‘meaning’ wordt gemaakt en beheerst.

manieren van dominante groepen of macht te creëren en te behouden:
- het gebruik of dreiging van geweld tegen degenen die hun ideeën tegenwerken
- Het creëren van legitimiteit voor de sociale afspraken die hen een dominante positie
geven
Elite groepen maken vaak gebruik van een mix tussen de twee

Machtsrelaties gebouwd op legitimiteit zijn makkelijker te onderhouden dan die
gebouwd op geweld -> het proces van ‘meaning’ maken en circuleren is belangrijk.

hegemonie -> de creatie en onderhouding van de legitimiteit van dominante en
machtige groepen

, professionele communicatoren zijn belangrijk voor het bewerkstelligen van
hegemonie
- helpen met het zorgen voor consent en legitimiteit voor een samenleving’s
dominante groep. Ontwikkelen steun voor de doelen van de machtige groepen.
Zorgen dat andere groepen het leiderschap, de ideeën en de morele code
aannemen. (Meest aanwezig in media- en onderwijssystemen)
- organiseren allianties en compromissen. (Zichtbaar in parlementen bijvoorbeeld)
- Leiden op een strategische manier politieke- en dwingende kracht. (de wet is hier
een voorbeeld van -> dreigen met geweld is genoeg)

meanings zijn fluide doordat ze constant veranderd worden door professionele
communicatoren (van zowel de dominante- als de niet dominante groep)

Hoofdstuk 2 – Representation
representation -> het sociale proces van het maken en uitwisselen van ‘meaning’

de realiteit zoals wij wie kennen is het product van relaties tussen mensen -> er is
geen realiteit zonder culturele en sociale uitoefeningen

representaties zijn sociale producten -> ‘meaning’ hangt af van wie het produceert en
verspreidt, de culturele context waarin het zich bevindt, en wie het ontvangt
- anticiperen, construeren en versterken hoe we over dingen denken
- ze benadrukken of bevragen onze meningen
- ze wekken emoties op
- bouwblokken zijn teksten en symbolen

representatie belangrijk want -> hoe we de wereld zien beinvloedt hoe we ons
gedragen

denotation -> het proces waarbij de relatie tussen de sign en de daarbij horende
‘meaning’ wordt genaturaliseerd

encodering -> ‘meaning’ maken
decoding -> ‘meaning’ interpreteren

dominant -> gewenste interpretatie wordt geaccepteerd
negotiated -> decodeur begrijpt de boodschap, maar gaat hier tegenin
oppositional -> decodeur gegrijpt de boodschap, maar wijst deze totaal af

Decodeurs hebben ook bepaalde macht, ze kunnen namelijk zelf bepalen hoe ze iets
interpreteren

Onze levenskansen worden bepaald door de hoeveelheid materiele en culturele
middelen waar we toegang tot hebben. Zo lang er niet genoeg middelen zijn voor
iedereen, zullen er problemen zijn tussen groepen en individuen.

ideology -> een systeem van ideeen en ‘meanings’ die we gebruiken om te snappen
$4.18
Get access to the full document:

100% satisfaction guarantee
Immediately available after payment
Both online and in PDF
No strings attached

Get to know the seller
Seller avatar
alvdbent

Get to know the seller

Seller avatar
alvdbent Universiteit Utrecht
Follow You need to be logged in order to follow users or courses
Sold
5
Member since
2 year
Number of followers
4
Documents
4
Last sold
9 months ago

0.0

0 reviews

5
0
4
0
3
0
2
0
1
0

Recently viewed by you

Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Frequently asked questions