Doelgroepen 2
Te kennen artikels
1. Het stimuleren van samenspel
Grote kleutergroep minder aandacht van een volwassenen
- Bij sommigen gaat het samenspel niet vanzelf
- Zeker niet bij slechtziende kinderen
o Extra begeleiding nodig
Fasen in de ontwikkeling van samenspel
Kijken en luisteren naar spel
o Kind zit in de buurt van anderen die samenspelen
o Aandacht specifiek op het spel van die kinderen
o Volgt het spel, soms verbaal contact
o Geen poging om mee te doen
Solospel
o Geen interactie
o Kind speelt met ander speelgoed tussen andere kinderen
Parallelspel
o Kind speelt naast anderen met hetzelfde speelgoed
o Verbaal contact
o Geen invloed op elkaars spel
Associatief spel
o Kinderen volgen en helpen elkaar
o Kunnen nog weglopen uit het spel zonder dat dit het spel verstoord
o Bij kinderen vanaf 4 – 5 jaar
Coöperatief spel
o Kind speelt samen met anderen
o Organiseren samen een spel
o Wijziging tijdens het spel als er iemand wegloopt
o Vanaf 5 jaar
! Grote individuele verschillen in niveau van samenspel
- Blinde en slechtziende kinderen kunnen vaak op jonger niveau samenspelen
dan goedziende klasgenootjes
Stimuleren van samenspel
, Spelvoorkeur
Spelkwaliteit en spelniveau
Individuele spelbegeleiding
Spelschema’s
Spelmateriaal en speelhoek
Vorm van samenspel
Speelmaatjes
Kies speelhoeken die het samenspel vergemakkelijken
Als begeleider
Wees niet directief
Vertellen wat ze aan het doen zijn
Sta niet tussen het kind en de groep
2. Het voelt niet meer als vrijwilligerswerk
Vermaatschappelijking! (Pleegzorg)
- Leen is begeleider van Fleur, Fleur is slechtziend
o Ze was 4 toen ze het hebben vastgesteld
o Ze had geen dieptezicht en zag geen kleuren
- Fleur ging alleen gaan wonen
o Eén keer in de week komt een meneer om te helpen met de administratie
o Familiehulp, licht en liefde
- Leen doet mee de boodschappen
o Ze ondersteund Fleur in de kleine dagdagelijkse handelingen
“Ik kan geen mimiek zien. Ik kan mensen dus niet inschatten. Dan is het heel fijn om
iemand vertrouwd bij je te hebben. “
- Leen gaat ook mee naar de gynaecoloog met Fleur als haar vriend moet werken
- Synergie is het uitganspunt
- De relatie staat centraal
o Doel = opbouwen van een duurzame band
o Mensen moeten zich langdurig engageren
o Langdurige verbinding
- Leen zorgt er voor dat Fleur meer dingen zelfstandig kan doen
3. De fiets als metafoor voor tweetalig – bi culturele ontwikkeling
- Patty Shores
- Wat hebben dove kinderen nodig om volt door het leven te kunnen
fietsen
Achterwiel van de fiets = Dovengemeenschap en Vlaamse Gebarentaal
- Het is de drijvende kracht van de fiets
Voorwiel = horende meerderheidscultuur, de maatschappij waarin we leven
De manier waarop de twee pedalen, de versnellingen en de ketting samenwerken is
heel belangrijk!
Te kennen artikels
1. Het stimuleren van samenspel
Grote kleutergroep minder aandacht van een volwassenen
- Bij sommigen gaat het samenspel niet vanzelf
- Zeker niet bij slechtziende kinderen
o Extra begeleiding nodig
Fasen in de ontwikkeling van samenspel
Kijken en luisteren naar spel
o Kind zit in de buurt van anderen die samenspelen
o Aandacht specifiek op het spel van die kinderen
o Volgt het spel, soms verbaal contact
o Geen poging om mee te doen
Solospel
o Geen interactie
o Kind speelt met ander speelgoed tussen andere kinderen
Parallelspel
o Kind speelt naast anderen met hetzelfde speelgoed
o Verbaal contact
o Geen invloed op elkaars spel
Associatief spel
o Kinderen volgen en helpen elkaar
o Kunnen nog weglopen uit het spel zonder dat dit het spel verstoord
o Bij kinderen vanaf 4 – 5 jaar
Coöperatief spel
o Kind speelt samen met anderen
o Organiseren samen een spel
o Wijziging tijdens het spel als er iemand wegloopt
o Vanaf 5 jaar
! Grote individuele verschillen in niveau van samenspel
- Blinde en slechtziende kinderen kunnen vaak op jonger niveau samenspelen
dan goedziende klasgenootjes
Stimuleren van samenspel
, Spelvoorkeur
Spelkwaliteit en spelniveau
Individuele spelbegeleiding
Spelschema’s
Spelmateriaal en speelhoek
Vorm van samenspel
Speelmaatjes
Kies speelhoeken die het samenspel vergemakkelijken
Als begeleider
Wees niet directief
Vertellen wat ze aan het doen zijn
Sta niet tussen het kind en de groep
2. Het voelt niet meer als vrijwilligerswerk
Vermaatschappelijking! (Pleegzorg)
- Leen is begeleider van Fleur, Fleur is slechtziend
o Ze was 4 toen ze het hebben vastgesteld
o Ze had geen dieptezicht en zag geen kleuren
- Fleur ging alleen gaan wonen
o Eén keer in de week komt een meneer om te helpen met de administratie
o Familiehulp, licht en liefde
- Leen doet mee de boodschappen
o Ze ondersteund Fleur in de kleine dagdagelijkse handelingen
“Ik kan geen mimiek zien. Ik kan mensen dus niet inschatten. Dan is het heel fijn om
iemand vertrouwd bij je te hebben. “
- Leen gaat ook mee naar de gynaecoloog met Fleur als haar vriend moet werken
- Synergie is het uitganspunt
- De relatie staat centraal
o Doel = opbouwen van een duurzame band
o Mensen moeten zich langdurig engageren
o Langdurige verbinding
- Leen zorgt er voor dat Fleur meer dingen zelfstandig kan doen
3. De fiets als metafoor voor tweetalig – bi culturele ontwikkeling
- Patty Shores
- Wat hebben dove kinderen nodig om volt door het leven te kunnen
fietsen
Achterwiel van de fiets = Dovengemeenschap en Vlaamse Gebarentaal
- Het is de drijvende kracht van de fiets
Voorwiel = horende meerderheidscultuur, de maatschappij waarin we leven
De manier waarop de twee pedalen, de versnellingen en de ketting samenwerken is
heel belangrijk!