100% satisfaction guarantee Immediately available after payment Both online and in PDF No strings attached 4.6 TrustPilot
logo-home
Summary

Samenvatting bodemvormende processen in kleigronden, zandgronden en veengronden (PECS02)

Rating
-
Sold
-
Pages
7
Uploaded on
13-03-2023
Written in
2020/2021

Deze samenvatting kan handig zijn voor eerstejaars studenten aan de Aeres Hogeschool die Toegepaste biologie studeren. De samenvatting omvat bodemvormende processen in zandgronden, kleigronden en veengronden die tijdens de PECS02 lessen aan bod komen.

Show more Read less
Institution
Course









Whoops! We can’t load your doc right now. Try again or contact support.

Written for

Institution
Study
Course

Document information

Uploaded on
March 13, 2023
Number of pages
7
Written in
2020/2021
Type
Summary

Subjects

Content preview

Zandgronden

Zand  grondsoort en textuurgrootte.
Zand  <8% lutum

Bodemvormende processen:
1. Podzolisatie  uit- en inspoeling humus, ijzer en aluminium
a. Moedermateriaal  arm  arme vegetatie. Organische stof door schimmels
omgezet tot amorfe humus  spoelt gemakkelijk uit.
Lage pH  ijzer en aluminium mobiel  spoelt mee uit.
Rijker moedermateriaal  rijkere vegetatie  door insecten omgezet in
moderhumus  spoelt minder makkelijk uit.
Witte zanden  amorfe humus  humuspodzol.
Bruine zanden  moderhumus  moderpodzol.
b. Klimaat  neergaande waterbeweging nodig  neerslagoverschot.
c. Tijd  duurt heel lang voordat duidelijke uit- en inspoelingslaag zich heeft
ontwikkeld.

2. Oxidatie en reductie ijzer:
a. Om iedere zandkorrel laagje ijzeroxide (roest)  fluctuatie grondwaterstand
 geoxideerde ijzer kan reduceren  wordt mobiel.
Reductieproces onder invloed van anaerobe reducerende bacteriën 
reduceren Fe3+ tot Fe2+.
b. Drogere periode  grondwater zakt  deel gereduceerde ijzer zal oxideren.
Andere deel zakt met grondwater mee  roestvlekken  gley-
verschijnselen.
c. Roestvlekken onder invloed van stagnerend water op ondoorlatende laag
ontstaan  pseudo-gley.
d. Hydromorfe kenmerken  profielkenmerken door water gevormd.

3. Ophoping organische stof:
a. 2 vormen:
i. Ophoping omdat afbraak organische stof kleiner was dan aanvoer 
zeer natte omstandigheden bijvoorbeeld.
ii. Ophoping omdat mens veel organische stof in vorm van mest heeft
opgebracht  antropogeen.

Voor afbraak organische stof zuurstof nodig  gebrek aan in natte, moerasachtige milieus
 afbraak blijft achter bij aanvoer  organische stof hoopt op  zeer humusrijke A-
horizont of veenvorming.

Dekzandgebieden en op stuwwallen  lang als landbouwsysteem gebruikt  heide van tijd
tot tijd afgeplagd voor strooisel onder schapen  potstalmest  bemesten lager geleden
zandgronden  bodems met zeer humusrijke bovengrond  enkeerdgronden.

, Geogenese in zandgronden:
Zandbodems ontstaan door:
- Afzetting door wind (eolisch):
o Fijn (50-210 m)
o Goed gesorteerd zand  geen grove componenten
o Weinig gelaagdheid herkenbaar
o Afgeronde korrels
- Afzetting door stromend water (fluviatiel):
o Grof (meestal >310 m)
o Matig of slecht gesorteerd  afwisseling grof en fijn.
o Duidelijke gelaagdheid
o Korrels kunnen scherpe randjes hebben.

Podzolisatie:
- Arm moedermateriaal  lutumarme zanden  arme vegetatie.
o Lage pH  uitspoeling Fe en Al.
o Humificatie door schimmels  amorfe humus  humuspodzolgronden.
- Neerslag/klimaat  meer neerslag dan verdamping  neerslagoverschot 
verticale waterbeweging.
- Tijd
- Definitie  chemische en fysische processen die leiden tot uitspoeling, transport en
neerslag van humus in bodem tezamen met ijzer en aluminium-oxiden.
Ontstaan van grijze uitspoelingslaag en zwartbruine inspoelingslaag.
- Voorwaarden:
o Neerslagoverschot + neergaande waterbeweging minimaal deel van jaar.
o NL  voedselarme zandgrond  slecht verweerbare mineralen (kwarts) en
geen klei en kalk.
o Buitenland:
 Koud klimaat  voedselrijker, zuur materiaal
 Warm en vochtig  voedselarm materiaal
Verloop proces:
1. Bodem met weinig nutriënten (wit zand)  kwartsrijk en zuur.
2. Voedselarme vegetatie + voedselarm organisch afval
3. Weinig bodemleven (geen homogenisatie, diepe beworteling om bij water te
komen).
4. Afbraak organisch afval door schimmels  vorming organische zuren + uitspoeling
door regen.
5. Oplossen ijzer en aluminium uit mineralen  vorming organische metaalcomplexen
+ neerslag
6. Xeromorfe humuspodzol  ijzer, compact (grondwater diep), fibers
Hydromorfe humuspodzol  geen ijzer en fibers, niet compact & invloed
grondwater.

Arme gronden  bomen die slecht afbreekbaar strooisel produceren, zoals naaldbomen 
weinig bodemleven  weinig afbraak & ophoping strooisel & verlaging pH.
$5.54
Get access to the full document:

100% satisfaction guarantee
Immediately available after payment
Both online and in PDF
No strings attached

Get to know the seller
Seller avatar
milouvdputten

Get to know the seller

Seller avatar
milouvdputten Aeres Hogeschool
Follow You need to be logged in order to follow users or courses
Sold
3
Member since
2 year
Number of followers
1
Documents
9
Last sold
8 months ago

0.0

0 reviews

5
0
4
0
3
0
2
0
1
0

Recently viewed by you

Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Frequently asked questions