CONSTRUCTIE AFWERKING
HOOFDSTUK 0) HELLENDE DAKEN
- Valt de regen door het huis, dan is er vaak iets met het dak niet pluis
ALGEMEEN
DAKVORM
- 2 dakvormen, fundamenteel verschillend
• Het platte dak
• Het hellende dak
o Oudste dakvorm
o Dichting d.m.v het overlappen van kleine waterdichte onderdelen + helling
o Minimale helling van 10%. Helling afhankelijk van gebruikte dakdichtingsmaterialen
REPUTATIE
- Hellende daken bestaan al eeuwen lang
- Mits goed concept een geen gebreken zeer betrouwbaar
CONSTRUCTIE EN TERMINOLOGIE
- Hellende daken: principe van waterafvoer op een in zijn geheel niet waterdicht, hellend vlak,
opgebouwd uit kleine waterdichte onderdelen
- De dichting
• Door overlapping
• Door sluiting
- Functies van de verschillende onderdelen
1. Binnenafwerking
2. Drager
3. Dampscherm / luchtscherm = voorkomen van vocht in de dakopbouw en van luchtlekken
4. Isolatie: klimaatbeheersing / akoestiek
5. Onderdak: wind- en regenscherm
6. Dakbedekking en eventuele onder structuur (tengel- en pannenlatten, bebording, …) en
toebehoren
- Positie onderling is afhankelijk van daksysteem
BOUWFYSISCHE CONDITIES
KLIMAAT: WIND, REGEN, TEMPERATUUR
- Regen
• In België regen het ongeveer 7% van de tijd
• Per jaar ongeveer 700l/m² in het westen van het land en 1400l/m² in het oosten van het land
• Regenintensiteit (rp) van 0,05l/s.m² = 180l/h.m² = bui met terugkeerperiode 15 jaar en duur
van 2 min
- Wind
• Wind oefent krachten uit op hellende daken afhankelijk van
, o Hoogte bouw
o Ligging (bepaalt de ruwheidscategorie – IV/III/II/I/0)
o Overdruk in gebouw (luchtdichtheid)
o Plaats op dak: sterker aan randen, grootst bij hoeken
- Temperatuur
• Beschermde (geïsoleerde) volume van het gebouw: best zo klein mogelijk houden: → zolder
niet bewoond: thermische isolatie aanbrengen in de vloer in plaats van de dakschilden
• Isolatielaag rondom beschermde volume nergens onderbreken
• Lucht- en dampscherm nergens onderbreken om elk risico op inwendige condensatie door
convectie te vermijden
GELUID
- Goede luchtgeluidsisolatie
• Dak ontwerpen volgens het ‘massa-veer-massa’-principe
o De geluidsisolatie van een wand berust op twee principes: de massawet en het
massa-veer-massa-principe. Wanneer het massa van een wand ontoereikend is,
zoals het geval voor de meeste hellende daken, dient men zijn toevlucht te nemen
tot het tweede principe
• Binnen afwerking zoveel mogelijk scheiden van de draagconstructie
• Dakpannen scoren slechter dan bepaalde andere dakbedekkingsmaterialen
BRANDGEDRAG
- Brandweerstand
• Het koninklijk besluit van 7 juli 1994 stelt de basisnormen voor de preventie van brand en
ontploffing vast waaraan de nieuwe gebouwen in België moeten voldoen
• Het KB is niet van toepassing op eengezinswoningen, noch op gebouwen met een
oppervlakte van minder dan 100m² met maximaal twee bouwlagen
• De brandweerstand kan omschreven worden als het vermogen van een bouwelement om
gedurende een welbepaalde tijdsduur zijn functies te blijven vervullen. Het gaat hier met
name om
o Het draagvermogen (R)
o De vlamdichtheid (E)
o De thermische isolatie (I)
- Brandreactie van de dakbedekking
• KB: afwerkingsmaterialen moeten beantwoorden aan de brandreactieklasse A1
• Reglementering inzake de brandbescherming zowel op nationaal als op Europees niveau nog
in volle evolutie
, • Raadzaam de laatste ontwikkelingen op dit gebied van nabij op te volgen
DUURZAAMHEID EN MILIEU
- Afbraak, recuperatie, afvalverwerking en renovatiemogelijkheden: de regionale reglementen zijn ter
zake van kracht
- Circulair bouwen: vele dakconstructies worden gemaakt uit hout en zijn dus te recupereren. Ook
dakbedekkingsmaterialen zijn in sommige gevallen te recupereren
- Dakbedekkingsmaterialen dienen voldoende weerstand te hebben tegen de normale chemische
stoffen die in de atmosfeer aanwezig zijn (luchtvervuiling)
- In bijzondere omstandigheden, zoals de nabijheid van chemische bedrijven, uitlaatgassen of
voedingsindustrieën, moet men in overleg met de fabrikant de dakdichting de verenigbaarheid
controleren
VEILIGHEID
- Verankeringspunten voor collectieve veiligheidsvoorzieningen: laten de bevestiging van een
borstwering toe die de collectieve bescherming aan de randen van het gebouw waarborgt tijdens de
dakwerken
- Veiligheidshaken voor individuele veiligheidsuitrustingen
• Verbeteren en beveiligen toegankelijkheid tijdens afwerking
• Vergemakkelijken latere onderhouds- en herstellingswerken
• Ondersteunen de ladder van de dakwerker
• Kunnen worden gebruikt als verankeringspunten voor de individuele veiligheidsuitrustingen
BOUWSTABILITEIT
- De drager zorgt voor de stabiliteit
- Diverse mogelijkheden
- Rekening te houden met
• EG: afhankelijk van gebruikte materialen en afmetingen
• NL: vaak enkel onderhoud
• TL: wind, water, sneeuw, …
➔ Belasting berekening architect, ingenieur of leverancier noodzakelijk
OPBOUW
DRAGER
- Diverse mogelijkheden
• Traditioneel dak met gordingen
• Plankenspanten
o Ter plaatse samengesteld
o Geprefabriceerd
• Zelfdragende dakplaten
• Metalen spanten
TRADITIONEEL SPANT
- Wordt ter plaatse in mekaar getimmerd
1. Houten spanten (gebinte of kapgebinte)
, • +- 3 tot 5 m van mekaar
• Geen vaste sectie
• Soms vervangen door muur (topgevel/draagmuur)
2. Gordingen
• +- 1 tot 2.5m uit elkaar
• Sectie: 63*150/63*175/75*200 en 75*225
• De maximale overspanning 5à6m
• Nokgording of nokbalk
• Muurplaat
3. Kepers
• +- 0.4 tot 1m h.o.h
• Sectie: 50*60/63*72/63*80
HOOFDSTUK 0) HELLENDE DAKEN
- Valt de regen door het huis, dan is er vaak iets met het dak niet pluis
ALGEMEEN
DAKVORM
- 2 dakvormen, fundamenteel verschillend
• Het platte dak
• Het hellende dak
o Oudste dakvorm
o Dichting d.m.v het overlappen van kleine waterdichte onderdelen + helling
o Minimale helling van 10%. Helling afhankelijk van gebruikte dakdichtingsmaterialen
REPUTATIE
- Hellende daken bestaan al eeuwen lang
- Mits goed concept een geen gebreken zeer betrouwbaar
CONSTRUCTIE EN TERMINOLOGIE
- Hellende daken: principe van waterafvoer op een in zijn geheel niet waterdicht, hellend vlak,
opgebouwd uit kleine waterdichte onderdelen
- De dichting
• Door overlapping
• Door sluiting
- Functies van de verschillende onderdelen
1. Binnenafwerking
2. Drager
3. Dampscherm / luchtscherm = voorkomen van vocht in de dakopbouw en van luchtlekken
4. Isolatie: klimaatbeheersing / akoestiek
5. Onderdak: wind- en regenscherm
6. Dakbedekking en eventuele onder structuur (tengel- en pannenlatten, bebording, …) en
toebehoren
- Positie onderling is afhankelijk van daksysteem
BOUWFYSISCHE CONDITIES
KLIMAAT: WIND, REGEN, TEMPERATUUR
- Regen
• In België regen het ongeveer 7% van de tijd
• Per jaar ongeveer 700l/m² in het westen van het land en 1400l/m² in het oosten van het land
• Regenintensiteit (rp) van 0,05l/s.m² = 180l/h.m² = bui met terugkeerperiode 15 jaar en duur
van 2 min
- Wind
• Wind oefent krachten uit op hellende daken afhankelijk van
, o Hoogte bouw
o Ligging (bepaalt de ruwheidscategorie – IV/III/II/I/0)
o Overdruk in gebouw (luchtdichtheid)
o Plaats op dak: sterker aan randen, grootst bij hoeken
- Temperatuur
• Beschermde (geïsoleerde) volume van het gebouw: best zo klein mogelijk houden: → zolder
niet bewoond: thermische isolatie aanbrengen in de vloer in plaats van de dakschilden
• Isolatielaag rondom beschermde volume nergens onderbreken
• Lucht- en dampscherm nergens onderbreken om elk risico op inwendige condensatie door
convectie te vermijden
GELUID
- Goede luchtgeluidsisolatie
• Dak ontwerpen volgens het ‘massa-veer-massa’-principe
o De geluidsisolatie van een wand berust op twee principes: de massawet en het
massa-veer-massa-principe. Wanneer het massa van een wand ontoereikend is,
zoals het geval voor de meeste hellende daken, dient men zijn toevlucht te nemen
tot het tweede principe
• Binnen afwerking zoveel mogelijk scheiden van de draagconstructie
• Dakpannen scoren slechter dan bepaalde andere dakbedekkingsmaterialen
BRANDGEDRAG
- Brandweerstand
• Het koninklijk besluit van 7 juli 1994 stelt de basisnormen voor de preventie van brand en
ontploffing vast waaraan de nieuwe gebouwen in België moeten voldoen
• Het KB is niet van toepassing op eengezinswoningen, noch op gebouwen met een
oppervlakte van minder dan 100m² met maximaal twee bouwlagen
• De brandweerstand kan omschreven worden als het vermogen van een bouwelement om
gedurende een welbepaalde tijdsduur zijn functies te blijven vervullen. Het gaat hier met
name om
o Het draagvermogen (R)
o De vlamdichtheid (E)
o De thermische isolatie (I)
- Brandreactie van de dakbedekking
• KB: afwerkingsmaterialen moeten beantwoorden aan de brandreactieklasse A1
• Reglementering inzake de brandbescherming zowel op nationaal als op Europees niveau nog
in volle evolutie
, • Raadzaam de laatste ontwikkelingen op dit gebied van nabij op te volgen
DUURZAAMHEID EN MILIEU
- Afbraak, recuperatie, afvalverwerking en renovatiemogelijkheden: de regionale reglementen zijn ter
zake van kracht
- Circulair bouwen: vele dakconstructies worden gemaakt uit hout en zijn dus te recupereren. Ook
dakbedekkingsmaterialen zijn in sommige gevallen te recupereren
- Dakbedekkingsmaterialen dienen voldoende weerstand te hebben tegen de normale chemische
stoffen die in de atmosfeer aanwezig zijn (luchtvervuiling)
- In bijzondere omstandigheden, zoals de nabijheid van chemische bedrijven, uitlaatgassen of
voedingsindustrieën, moet men in overleg met de fabrikant de dakdichting de verenigbaarheid
controleren
VEILIGHEID
- Verankeringspunten voor collectieve veiligheidsvoorzieningen: laten de bevestiging van een
borstwering toe die de collectieve bescherming aan de randen van het gebouw waarborgt tijdens de
dakwerken
- Veiligheidshaken voor individuele veiligheidsuitrustingen
• Verbeteren en beveiligen toegankelijkheid tijdens afwerking
• Vergemakkelijken latere onderhouds- en herstellingswerken
• Ondersteunen de ladder van de dakwerker
• Kunnen worden gebruikt als verankeringspunten voor de individuele veiligheidsuitrustingen
BOUWSTABILITEIT
- De drager zorgt voor de stabiliteit
- Diverse mogelijkheden
- Rekening te houden met
• EG: afhankelijk van gebruikte materialen en afmetingen
• NL: vaak enkel onderhoud
• TL: wind, water, sneeuw, …
➔ Belasting berekening architect, ingenieur of leverancier noodzakelijk
OPBOUW
DRAGER
- Diverse mogelijkheden
• Traditioneel dak met gordingen
• Plankenspanten
o Ter plaatse samengesteld
o Geprefabriceerd
• Zelfdragende dakplaten
• Metalen spanten
TRADITIONEEL SPANT
- Wordt ter plaatse in mekaar getimmerd
1. Houten spanten (gebinte of kapgebinte)
, • +- 3 tot 5 m van mekaar
• Geen vaste sectie
• Soms vervangen door muur (topgevel/draagmuur)
2. Gordingen
• +- 1 tot 2.5m uit elkaar
• Sectie: 63*150/63*175/75*200 en 75*225
• De maximale overspanning 5à6m
• Nokgording of nokbalk
• Muurplaat
3. Kepers
• +- 0.4 tot 1m h.o.h
• Sectie: 50*60/63*72/63*80