Administratieve organisatie
Deel A hoofdstuk 1,2,3,4 en 7
Organisatie:
Een groepering van mensen die: in onderlinge samenwerking met behulp van middelen activiteiten
ontplooien om, op doelmatige wijze, overeengekomen doelstellingen te bereiken.
Kenmerken organisatie:
Doelbewustheid. Organisaties worden bewust door een persoon opgericht om bepaalde
doelstellingen te bereiken. De activiteiten zullen gericht moeten zijn op de realisatie hiervan;
Doelgerichtheid. Organisaties zijn gericht op het voortbrengen en/of aanbieden van goederen en
diensten waaraan in de samenleving behoefte bestaat. De concrete doelstelling zal voortdurend
moeten worden afgestemd op de behoeften in de samenleving;
Doelmatigheid. Om goederen en/of diensten te kunnen voortbrengen en/of aanbieden, zullen
werkzaamheden moeten worden verricht. Hiervoor zijn mensen en middelen nodig.
Doelbepaling:
Het formuleren van doelstellingen (wat te bereiken).
Doelrealisatie:
Medewerkers in een organisatie moeten met behulp van de ter beschikking gestelde middelen die
werkzaamheden (activiteiten) verrichten die nodig zijn om de doelstelling van de organisatie te
verwezenlijken.
Functies van de leiding:
Zijn plannen, organiseren, dirigeren en coördineren, controleren.
Strategische plannen:
Hebben betrekking op de te realiseren doelstellingen zelf.
Tactische plannen:
Het gaat om de wijze waarop en de middelen waarmee de vastgestelde doelen worden bereikt.
Operationele plannen:
Hebben betrekking op de voorbereiding en het regelen van de uitvoering.
Strategische planning:
De wijze waarop de organisatie wil inspelen op de externe mogelijkheden en bedreigingen enerzijds
en de sterke en zwakke punten van de organisatie anderzijds.
Balanced scorecard:
De kern van het systeem is hierin gelegen dat de missie en de strategie van een organisatie worden
vertaald in concrete doelen en prestatiemetingen. De filosofie is de oorzaak- en gevolgrelatie tussen
de componenten (medewerkers, bedrijfsprocessen, afnemers en opbrengst) van de waardeketen in de
organisatie.
Kritische succesfactoren:
Zijn factoren die bepalend worden geacht voor het succes van de organisatie.
Omgevingsfactoren:
De vraag naar producten en diensten, concurrentieverhoudingen, fiscale mogelijkheden enz.. Uit de
omgevingsfactoren volgen kansen en bedreigingen voor de organisatie.
,1
Deel A hoofdstuk 1,2,3,4 en 7
Organisatie:
Een groepering van mensen die: in onderlinge samenwerking met behulp van middelen activiteiten
ontplooien om, op doelmatige wijze, overeengekomen doelstellingen te bereiken.
Kenmerken organisatie:
Doelbewustheid. Organisaties worden bewust door een persoon opgericht om bepaalde
doelstellingen te bereiken. De activiteiten zullen gericht moeten zijn op de realisatie hiervan;
Doelgerichtheid. Organisaties zijn gericht op het voortbrengen en/of aanbieden van goederen en
diensten waaraan in de samenleving behoefte bestaat. De concrete doelstelling zal voortdurend
moeten worden afgestemd op de behoeften in de samenleving;
Doelmatigheid. Om goederen en/of diensten te kunnen voortbrengen en/of aanbieden, zullen
werkzaamheden moeten worden verricht. Hiervoor zijn mensen en middelen nodig.
Doelbepaling:
Het formuleren van doelstellingen (wat te bereiken).
Doelrealisatie:
Medewerkers in een organisatie moeten met behulp van de ter beschikking gestelde middelen die
werkzaamheden (activiteiten) verrichten die nodig zijn om de doelstelling van de organisatie te
verwezenlijken.
Functies van de leiding:
Zijn plannen, organiseren, dirigeren en coördineren, controleren.
Strategische plannen:
Hebben betrekking op de te realiseren doelstellingen zelf.
Tactische plannen:
Het gaat om de wijze waarop en de middelen waarmee de vastgestelde doelen worden bereikt.
Operationele plannen:
Hebben betrekking op de voorbereiding en het regelen van de uitvoering.
Strategische planning:
De wijze waarop de organisatie wil inspelen op de externe mogelijkheden en bedreigingen enerzijds
en de sterke en zwakke punten van de organisatie anderzijds.
Balanced scorecard:
De kern van het systeem is hierin gelegen dat de missie en de strategie van een organisatie worden
vertaald in concrete doelen en prestatiemetingen. De filosofie is de oorzaak- en gevolgrelatie tussen
de componenten (medewerkers, bedrijfsprocessen, afnemers en opbrengst) van de waardeketen in de
organisatie.
Kritische succesfactoren:
Zijn factoren die bepalend worden geacht voor het succes van de organisatie.
Omgevingsfactoren:
De vraag naar producten en diensten, concurrentieverhoudingen, fiscale mogelijkheden enz.. Uit de
omgevingsfactoren volgen kansen en bedreigingen voor de organisatie.
,1