Deze samenvatting bevat:
Verplichte literatuur:
- Heemelaar: seksualiteit, intimiteit en hulpverlening
- Douma en Hoes: handelen bij kindermishandeling en huiselijk geweld
Verplichte artikelen:
- Arboportaal
- Omgaan met agressie
- Privacy en wetgeving
- Factsheet en stappenplan ontspoorde mantelzorg
- Seksueel gedrag van kinderen bespreekbaar stellen. Het Vlaggensysteem als pedagogische
interventie
- Nationaal Rapporteur Mensenhandel en Seksueel Geweld tegen Kinderen. Op goede grond
pagina 31 t/m 67
--------------------------------------------------------------------------------------------
Heemelaar: seksualiteit, intimiteit en hulpverlening
Hoofdstuk 1: Beleving van seksualiteit en intimiteit
1.2 Taalgebruik en definities
Wafelbakker onderscheidt vier vormen van taalgebruik in de woordkeuze van mensen over seksuele
onderwerpen:
1. Kindertaal
2. Medische taal
3. Schuttingtaal
4. Verbloemende taal
Voortbordurend op de definities van Van Dale worden bij seksualiteit de volgende kenmerken
geconstateerd:
Gericht op de geslachtsgelijkheid.
Geslachtsgelijkheid impliceert ook gelijkheid op de genitaliën bij man of vrouw naast de
andere kenmerken van de geslachtelijkheid.
Gedrevenheid tot verdere fysieke/ genitale opwinding en dus tot seksuele prikkeling, soms
gericht op een orgasme, in de meeste gevallen in ieder geval genitaal.
Bij erotiek ben je wel gericht op lichamelijke lustbeleving, maar niet speciaal op seksueel verkeer,
en ook niet specifiek genitaal gericht.
Bij intimiteit beleef je genoegen aan het vertrouwd dicht bij iemand zijn, al of niet fysiek.
, Het lastige aan de definitiekwestie is dat je in een situatie gevoelens van intimiteit en erotiek en
seksualiteit kunt ervaren.
Seksualiteit is eigenlijk nooit iets puur individueels volgens socioloog Wouters ‘Seksuele
verlangens (staan) nooit los van relationele verlangens omdat elke bevrediging van een seksueel
verlangen plaats vindt in een relatie, hoe kortstondig of gefantaseerd ook.’
Cupiditas de liefde die gericht is op het eigen plezier, met onder andere de wellustige seksuele
liefde.
Caristas de naastenliefde, de onvoorwaardelijke liefde voor een ander waaraan je je eigen wensen
ondergeschikt maakt.
Eros het verlangen naar wat je mist, zoals de seksuele begeerte naar een ander mens.
Philia de niet-seksuele wederkerige liefde tussen vrienden of in een gezin.
1.3 Beleving
Ieder heeft zijn eigen connotatie (emotionele bijbetekenis) bij de gebruikte begrippen.
Het woord intimiteit heeft maatschappelijk een positieve connotatie, seksualiteit een
gemengde.
Gerde de Bruyn in de eerste plaats stelt zij dat er bij intimiteit sprake is van het gevoel van de
ander te houden en dat de ander ook om jou geeft. In de tweede plaats is het gevoel van belang dat
je je bij de ander op je gemak, veilig en vertrouwd voelt. Ten derde speelt de verwachting dat je je
gevoelens kunt uiten en delen.
Een script is een algemeen schema waarmee een individu een situatie aangaat.
Seksueel script of de love-map is het geheel van smaken en voorkeuren op het gebied van
seksualiteit dat ieder mens heeft.
Sprake van seksualiteit, maar niet van intimiteit als je (het lichaam van) de ander zuiver als object
benadert.
Intimiteit ontstaat bij de communicatie tussen subjecten, waarbij personen elkaar ontmoeten.
Taxatieschema van Naerssen
Positieve emoties Negatieve emoties
Eerste fase: taxatie. Het Interesse, aandacht, Onverschilligheid,
maken van een inschatting. nieuwsgierigheid, benadering, ambivalentie, afkeer,
Die start vaak met het gegeven ambivalentie. verwijdering.
wie je überhaupt aantrekkelijk
vindt. Dit heeft te maken met
het seksuele script.
Tweede fase: presentatie van Zichzelf presenteren in de Zichzelf presenteren in de
het zelf. De ander laten vorm van trots, schoonheid, vorm van arrogantie,
introversie (naar binnen