Spiercellen
Skeletspiercellen bundels van lange cellen met een dwars streping (dwars gestreept spierweefsel).
Skeletspiercellen hebben meerdere kernen.
Epimysium= stevige bindweefsellaag die het spierweefsel omgeeft
Loopt door tot in de pezen (‘myotendinious junctions’). Bindweefsel van de pezen
loopt door het sacrolemma van de spieren: zeer krachtige verbinding.
Perimysium= dunne bindweefsellaag die elke bundel spiervezels omgeeft (‘fascicle’)
Binnen elke fascicle werken de spiervezels samen.
Bloed- en lymfevaten dringen door in de spieren tot aan de fascicle, om elke spiervezel
binnen de fascicle te bereiken.
De spiervezels zijn omringd door een dunne laag reticulaire vezels en fibriblasten:
endomysium
Capillairen (hele kleine bloedvaten) dringen door tot het endomysium en voorzien de
spieren van zuurstof.
Het sacroplasma van een spiercel heeft een strikte opbouw; namelijk lange filament-bundels in de
lengte van de cel, myofibrils. Met hoge vergrotingen (of elektronenmicroscoop) zie je donkere
banden (A-banden) en lichte banden (I-banden) in een spiercel; bestaat uit myofliamenten myosine
(dikke filamenten) en F-actine (dunne filamenten). Elke I-band bevat een dwarse streep, de Z-band.
Een functionele unit van een spiercel heet een sacromeer en loopt van Z-band tot Z-band.
Dik filament= myosine
Dun filament= F-actine
A-band= myosine en overlappend F-actine
I-band= F-actine
H-zone= geen F-actine, alleen myosine
Skeletspiercellen bundels van lange cellen met een dwars streping (dwars gestreept spierweefsel).
Skeletspiercellen hebben meerdere kernen.
Epimysium= stevige bindweefsellaag die het spierweefsel omgeeft
Loopt door tot in de pezen (‘myotendinious junctions’). Bindweefsel van de pezen
loopt door het sacrolemma van de spieren: zeer krachtige verbinding.
Perimysium= dunne bindweefsellaag die elke bundel spiervezels omgeeft (‘fascicle’)
Binnen elke fascicle werken de spiervezels samen.
Bloed- en lymfevaten dringen door in de spieren tot aan de fascicle, om elke spiervezel
binnen de fascicle te bereiken.
De spiervezels zijn omringd door een dunne laag reticulaire vezels en fibriblasten:
endomysium
Capillairen (hele kleine bloedvaten) dringen door tot het endomysium en voorzien de
spieren van zuurstof.
Het sacroplasma van een spiercel heeft een strikte opbouw; namelijk lange filament-bundels in de
lengte van de cel, myofibrils. Met hoge vergrotingen (of elektronenmicroscoop) zie je donkere
banden (A-banden) en lichte banden (I-banden) in een spiercel; bestaat uit myofliamenten myosine
(dikke filamenten) en F-actine (dunne filamenten). Elke I-band bevat een dwarse streep, de Z-band.
Een functionele unit van een spiercel heet een sacromeer en loopt van Z-band tot Z-band.
Dik filament= myosine
Dun filament= F-actine
A-band= myosine en overlappend F-actine
I-band= F-actine
H-zone= geen F-actine, alleen myosine