100% satisfaction guarantee Immediately available after payment Both online and in PDF No strings attached 4.2 TrustPilot
logo-home
Summary

Samenvatting Nieuw Nederlands

Rating
-
Sold
-
Pages
23
Uploaded on
19-01-2023
Written in
2022/2023

basis, argumenteren en samenvatten, een uitgebreide samenvatting met alle theorie van de hoofdstukken

Level
Course










Whoops! We can’t load your doc right now. Try again or contact support.

Written for

Institution
Secondary school
Level
Course
School year
6

Document information

Uploaded on
January 19, 2023
Number of pages
23
Written in
2022/2023
Type
Summary

Subjects

Content preview

Basis

1. onderwerp, hoofdgedachte, tekstdoel en titel

Onderwerp= een woord/ woordgroep die aangeeft waarover de tekst gaat.
(Nooit een hele zin)

Hoofdgedachte= een mededelende zin die het belangrijkste weergeeft wat in de tekst over
het onderwerp gezegd word. (Geen vraag)

Tekstdoel, omdat de schrijver/spreker iets wilt bereiken met zijn tekst bij het publiek.
Hij heeft een bepaald doel —> tekstdoel

Tekstdoelen zijn:
- Amuseren= met publiek vermaken
- Informeren= het publiek uitleggen hoe iets in elkaar zit (informatie geven)
- Opiniëren= het publiek zelf een mening laten vormen (laten denken)
- Overtuigen= het publiek een mening laten overnemen
- Activeren= het publiek aanzetten/oproepen om iets te gaan doen, of juist niet

De hoofdgedachte is een constatering —> informeren of opiniëren
De hoofdgedachte is een mening —> overtuigen of activeren

Het kan best zijn dat een tekst meerdere tekstdoelen heeft, dan is er een bijkomend doel.

Titel staat bij een geschreven tekst boven aan, er zijn 2 soorten titels:
1. Informerende titel= geeft aan waarover de tekst gaat
“het terug betalen van de studieschuld’

2. Motiverende titel= maakt de lezer nieuwsgierig naar de tekst
“afgestudeerden zitten op zwart zaad”

Veel teksten hebben een combinatie van een motiverende titel met een informerende
ondertitel.

“De ware ware”

,2.inleiding en slot

Een goede tekst bestaat uit 3 delen:
- inleiding
- middenstuk
- slot

De inleiding heeft 2 functies:
1. De aandacht van het publiek trekken
2. Het onderwerp van de tekst introduceren

Manieren om de inleiding aantrekkelijker te maken:
- Naar een actuele gebeurtenis verwijzen. (Iets wat tegenwoordig plaats vond of nu in
de media staat)
- Kort de voorgeschiedenis beschrijven.(Dat maakt ze nieuwsgierig naar hoe het nu zit)
- Een aantrekkelijk voorbeeld geven. (Een verhaaltje, een anekdote)
- Het belang voor het publiek aangeven. (Waarom de tekst voor hun belangrijk is)

Klassieke manieren om inleiding aantrekkelijk te maken door de eerste zin:
- Een intrigerende vraag
- Schokkende of opvallende cijfers
- Een paradox (een schijnbare tegenstelling)
- Een prikkend citaat (een letterlijke uitspaar van iemand die word aangehaald door
iemand anders)
- Een suggestie of een raadselachtige opsomming

Manieren waarop het onderwerp word geïntroduceerd:
- Er word een of meer vragen gesteld
- Er word een mening (standpunt) geformuleerd
- Er word een probleem geschetst

In het middenstuk worden dan die vragen beantwoord, de argumenten bij het standpunt
gegeven, of de verklaring en/of oplossingen voor het probleem gepresenteerd.

Slot= waarmee de tekst word afgerond. Het bevat meestal de hoofdgedachte (de conclusie)
van de tekst. (Het is meestal in een zin geformuleerd)

Naast de hoofdgedachte bevat het slot soms (een combinatie van):
- Een samenvatting in enkele zinnen(niet bij korte teksten)
- En afweging
- Een aansporing (een poging om iemand iets te laten doen) of
aanbeveling(advisering)
- Een toekomstverwachting

Het tekstdoel heeft te maken met hoe de tekst wordt afgerond, bij activerend —> aansporing

Manieren om aantrekkelijk te eindigen:
- Een aansluiting bij het begin (het cirkeltje rond maken)
- Een uitsmijter (een pakkende slotzin) (bijvoorbeeld een retorische vraag)

, 3.middenstuk

Het onderwerp in de tekst wordt in het middenstuk uitgewerkt in deelonderwerpen

Deelonderwerp bestaat uit een of meer alinea’.

Deelonderwerpen worden aangekondigd:
- Structurerende (eerste) zin
- (Informatief) tussenkopje)

Het deelonderwerp wordt vaak geformuleerd als vraag. De antwoorden op die vraag zijn
uitgewerkt in de alinea’s die samen het deelonderwerp vormen.

Voor de opbouw van een tekst in inleiding, middenstuk, slot bestaat uit verschillende
tekststructuren. De structuur van een tekst hangt vaak samen met het testdoelen de
deelonderwerpen.

Tekststructuren:
- Argumentatiestructuur
- Aspecten structuur
- Probleem- oplossing structuur
- Verklaringsstructuur
- Verleden- heden (-toekomst) structuur
- Voor- en nadelen structuur
- Vraag- antwoordstructuur
$8.21
Get access to the full document:

100% satisfaction guarantee
Immediately available after payment
Both online and in PDF
No strings attached

Get to know the seller
Seller avatar
estelleterburg

Get to know the seller

Seller avatar
estelleterburg
Follow You need to be logged in order to follow users or courses
Sold
1
Member since
3 year
Number of followers
1
Documents
3
Last sold
2 year ago

0.0

0 reviews

5
0
4
0
3
0
2
0
1
0

Recently viewed by you

Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Frequently asked questions