Stap 1 – Denken aan de overdracht
Het denkproces over het eventuele verkopen van een onderneming
HB p. 24-81
1 Begin with the end in mind…
A-vraag moment dat je opricht, denken aan verkopen
• Nadenken over het einde vraagt moed.
• Stopzetten activiteit is vaak complex:
o Controle en macht
o Angst voor verandering
o Loyaliteit voor anderen
o …
• Bedrijfsoverdracht is voor 80% emotioneel, voor 20% zakelijk (technisch).
• Overlaten (passief) vs. overdragen (actief)
• Goede inschatting van financiële situatie na verkoop (advies).
Waarom verkopen?
• Persoonlijke redenen
o Pensioen
o Nood aan verandering
o Ziekte..
• Redenen verbonden aan het bedrijf
o Maximaal niveau is bereikt
o Gebrek aan opvolging
o Herstructurering
2 Reflectie, ambitie en motivatie
• Eigen positie en de onderneming kennen en uitdrukken:
o Wat willen we juist verkopen?
o Wat gebeurt er met personeel?
o Kunnen we wel verkopen?
o Timing, pricing,…
o …
• Motivatie:
o Waarom verkopen
= interessant indien problemen, indien ziekte snel wil verkopen
o Verschillende betrokkenen (vaak complex)
• Ambitie van de verkoop – overdracht
o Maximalisatie van de verkoopprijs
o Continuïteit van de onderneming
o Familiale opvolging
o Snelle verkoop
1
,3 Informatie
• Opstellen van een informatiememorandum is cruciaal!
• Informatie
o Verkoop vaak eenmalige gebeurtenis
o Share deal vs asset deal (zie volgende les)
o Eigendomsoverdracht – volledig beeld is cruciaal
o Bedrijfseconomisch dossier – waardering
• Overdracht aandelen = afstand huidig patrimonium én toekomstige resultaten! (heden en toekomst)
Vanuit JR -> Fair value
Vb. een auto waarde van 50.000 euro afschrijven over 5 jaar => na 5 jaar 0 euro op balans
(boekhoudkundige waarde)
➔ Op tweedehands is na 5 jaar de auto nog 15.000 euro waard -> fair value A-vraag
Basis van waardering = bedrijfseconomische waarde (fair value)
C-vraag
Waar boekhoudkundige waarde aflezen in jaarrekening? EIGEN VERMOGEN
• Belang van budgettering.
• Waardering (zie stap 5)
o Alle elementen die van belang zijn bij voorstelling van onderneming en prijsbepaling.
o Jaarrekening vormt basis – kritische benadering
o Niet meetbare elementen minstens even belangrijk
o Let op met subjectieve appreciatie.
o SWOT-analyse.
• Uiteindelijke overeenkomst (quid omvang?) – stap 12
• Voorzichtige prijsbepaling.
3.1 Soorten informatie
• Algemeen
• Financieel
• Marketing
• Specifieke elementen
2
,4 Introductie tot waardering
Waarderingsmethoden (zie stap 5)
• Waardering op basis van het vermogen (SW)
• Waardering op basis van het rendement (RW)
o Historische resultaten
o DCF methode.
• Gemengde methode (combinatie SW + RW)
• Marktwaarde benadering (multiple methode)
4.1 Verkopen bedrijf:
Vandaag Toekomst
- Imago - Cashflow (geld) BEST! A-vraag ->
- Inboedel discountant cashflow (DCF)
- Personeel o Vb. 7.000 euro (hoeveel geld je
- Goodwill verdient)
- Klanten o Niet kijken naar resultaten of
- Patenten winst, want de verkoper wilt
- Kennis dat je veel betaald voor het
bedrijf omdat het winst maakt,
maar je gaat er geen geld aan
verdienen
- Historische resultaten
o Vb. 50.000 euro (hoeveel winst
het bedrijf maakt)
▪ Substantiële waarde A-vraag ▪ Rendementswaarde (gemiddelde winst)
Gemengde methode = beide gecombineerd
Winst = geen geld -> rekening houden met afschrijvingen = niet-kas kosten
Substantiële waarde (SW) – wat is er vandaag?
3
, Rendementswaarde (Gemiddelde winst) – wat brengt de toekomst?
Rendementswaarde (DCF/FCF) – wat brengt de toekomst?
Marktwaarde - EBIT formules (eerder vlugge inschatting)
• EBIT formules worden vaak gebruikt in de praktijk
• Multiplicator op basis van databases (vgl met vergelijkbare bedrijven)
Mutiple methode
Op snelle wijze waardering, ruwe inschatting
• Geen echte waardering B-vraag
EBITDA= kerngetal
Vb. EBITDA (bedrijfswinst voor afschrijving) = 100.000 euro x 7 (multiple uit databases op basis van sector
= vb bakkerij) = 700.000 euro waard (is waarschijnlijk niet juist, maar is een ruwe inschatting)
4
Het denkproces over het eventuele verkopen van een onderneming
HB p. 24-81
1 Begin with the end in mind…
A-vraag moment dat je opricht, denken aan verkopen
• Nadenken over het einde vraagt moed.
• Stopzetten activiteit is vaak complex:
o Controle en macht
o Angst voor verandering
o Loyaliteit voor anderen
o …
• Bedrijfsoverdracht is voor 80% emotioneel, voor 20% zakelijk (technisch).
• Overlaten (passief) vs. overdragen (actief)
• Goede inschatting van financiële situatie na verkoop (advies).
Waarom verkopen?
• Persoonlijke redenen
o Pensioen
o Nood aan verandering
o Ziekte..
• Redenen verbonden aan het bedrijf
o Maximaal niveau is bereikt
o Gebrek aan opvolging
o Herstructurering
2 Reflectie, ambitie en motivatie
• Eigen positie en de onderneming kennen en uitdrukken:
o Wat willen we juist verkopen?
o Wat gebeurt er met personeel?
o Kunnen we wel verkopen?
o Timing, pricing,…
o …
• Motivatie:
o Waarom verkopen
= interessant indien problemen, indien ziekte snel wil verkopen
o Verschillende betrokkenen (vaak complex)
• Ambitie van de verkoop – overdracht
o Maximalisatie van de verkoopprijs
o Continuïteit van de onderneming
o Familiale opvolging
o Snelle verkoop
1
,3 Informatie
• Opstellen van een informatiememorandum is cruciaal!
• Informatie
o Verkoop vaak eenmalige gebeurtenis
o Share deal vs asset deal (zie volgende les)
o Eigendomsoverdracht – volledig beeld is cruciaal
o Bedrijfseconomisch dossier – waardering
• Overdracht aandelen = afstand huidig patrimonium én toekomstige resultaten! (heden en toekomst)
Vanuit JR -> Fair value
Vb. een auto waarde van 50.000 euro afschrijven over 5 jaar => na 5 jaar 0 euro op balans
(boekhoudkundige waarde)
➔ Op tweedehands is na 5 jaar de auto nog 15.000 euro waard -> fair value A-vraag
Basis van waardering = bedrijfseconomische waarde (fair value)
C-vraag
Waar boekhoudkundige waarde aflezen in jaarrekening? EIGEN VERMOGEN
• Belang van budgettering.
• Waardering (zie stap 5)
o Alle elementen die van belang zijn bij voorstelling van onderneming en prijsbepaling.
o Jaarrekening vormt basis – kritische benadering
o Niet meetbare elementen minstens even belangrijk
o Let op met subjectieve appreciatie.
o SWOT-analyse.
• Uiteindelijke overeenkomst (quid omvang?) – stap 12
• Voorzichtige prijsbepaling.
3.1 Soorten informatie
• Algemeen
• Financieel
• Marketing
• Specifieke elementen
2
,4 Introductie tot waardering
Waarderingsmethoden (zie stap 5)
• Waardering op basis van het vermogen (SW)
• Waardering op basis van het rendement (RW)
o Historische resultaten
o DCF methode.
• Gemengde methode (combinatie SW + RW)
• Marktwaarde benadering (multiple methode)
4.1 Verkopen bedrijf:
Vandaag Toekomst
- Imago - Cashflow (geld) BEST! A-vraag ->
- Inboedel discountant cashflow (DCF)
- Personeel o Vb. 7.000 euro (hoeveel geld je
- Goodwill verdient)
- Klanten o Niet kijken naar resultaten of
- Patenten winst, want de verkoper wilt
- Kennis dat je veel betaald voor het
bedrijf omdat het winst maakt,
maar je gaat er geen geld aan
verdienen
- Historische resultaten
o Vb. 50.000 euro (hoeveel winst
het bedrijf maakt)
▪ Substantiële waarde A-vraag ▪ Rendementswaarde (gemiddelde winst)
Gemengde methode = beide gecombineerd
Winst = geen geld -> rekening houden met afschrijvingen = niet-kas kosten
Substantiële waarde (SW) – wat is er vandaag?
3
, Rendementswaarde (Gemiddelde winst) – wat brengt de toekomst?
Rendementswaarde (DCF/FCF) – wat brengt de toekomst?
Marktwaarde - EBIT formules (eerder vlugge inschatting)
• EBIT formules worden vaak gebruikt in de praktijk
• Multiplicator op basis van databases (vgl met vergelijkbare bedrijven)
Mutiple methode
Op snelle wijze waardering, ruwe inschatting
• Geen echte waardering B-vraag
EBITDA= kerngetal
Vb. EBITDA (bedrijfswinst voor afschrijving) = 100.000 euro x 7 (multiple uit databases op basis van sector
= vb bakkerij) = 700.000 euro waard (is waarschijnlijk niet juist, maar is een ruwe inschatting)
4