100% satisfaction guarantee Immediately available after payment Both online and in PDF No strings attached 4.6 TrustPilot
logo-home
Class notes

Verklaringsmodellen

Rating
-
Sold
7
Pages
54
Uploaded on
02-01-2013
Written in
2011/2012

artikelen, boek Alfred Lange en colleges in 1 bestand

Institution
Course









Whoops! We can’t load your doc right now. Try again or contact support.

Written for

Institution
Study
Course

Document information

Uploaded on
January 2, 2013
Number of pages
54
Written in
2011/2012
Type
Class notes
Professor(s)
Groen, rommes
Contains
All classes

Subjects

Content preview

Verklaringsmodellen

College 1
Verklaren: wat is er gebeurd? Wat er nu gebeurt? Wat in toekomst te verwachten is. Hoe het komt/
in stand blijft en dus hoe te veranderen.
Verklaringstheorieen:
- Hoe/ waardoor gedrag/ emotie/ cognitie en eventuele problemen daarin gelokaliseerd zijn
en hoe ze zijn ontstaan (en voortduren)
- Verklaringstheorieen over hoe/ waardoor een bepaalde aanpak/ therapie effectief is.
Waarom willen we verklaren?
- Bijvoorbeeld voor overleving, nieuwsgierigheid, onder controle krijgen, voorspellen, macht
enz.
- In orthopedagogiek: als je weet waar het probleem gesitueerd is en waardoor iets komt kan
je makkelijker behandelen (?), het is een vorm van op systematische manier analyseren: het
probleem,de behandeling en de connectie daartussen.
Verhouding verklaren/ veranderen:
- Verklaringtheorieen zonder therapie
- Therapieën zonder verklaring?EMDR (eye movement desensitization and reprocessing)
mindfulness
 Als je weet waar het probleem zit weet je dan ook hoe je het moet veranderen? Nee. Voor
en nadeel theorie: kan werken als zaklamp (theorie kan gunstig zijn, je snapt bepaald deel
van gedrag beter, of je ogen wennen aan licht en rest van bos lijkt donkerder -> je kijkt maar
in een richting).
Belangrijk afzonderlijk theorieën gebruiken maar ook integreren!!!!!!!!!!
Basismodel van de cursus (wordt gebruikt bij casussen)




Hoe komen we tot verklaringen, met:
- Ideeen
- Observaties en ervaringen
- Theoretischereflecties// theorieën
- Experimenten om ideeen observaties en theorieën te testen.
Model of theorie:

, - Theorie: geheel van denkbeelden, hypothesen en verklaringen die in onderlingen samenhang
worden beschreven (gebruiken wij vooral)
- Een model is een vereenvoudigde weergave van de werkelijkheid.
Orthopedagogische verklaringstheorieen:
- Verklaringen die iets zeggen over het opgroeien en opvoeden van kinderen en wat daarmee
mis kan gaan. Er zijn geen specifieke pedagogische verklaringstheorieen ->Biologisch,
psychologische en sociologische theorieën worden gebruikt
Artikel de jong
- Gaat over hoe theorieën met elkaar verbondenzijn.
- Bijna nooit 1 theorie afdoende veklaring
- Vraag: ligt de oorsprong van psychopathologisch probleemgedrag in biologie of cultuur?
(nature/ nurture; genotype/ fenotype)
4 perspectieven op samengaan biologie/ cultuur:
- Dichtoom: of biologie of cultuur.
o Was dominant in het koloniale en postkoloniale tijdperk
o Het interpreteerde de vanuit het westen bekende “grote psychiatrie’biologisch,
teriwjl andere onbegrijpelijke of bizarre gedragingen werden beschouwd als
exotische cultuurvarianten.
o Belangrijke namen: Kreaplin: het klinisch beeld van de psychose wees op een
unversele aandoening en schreef cultuurspecifieke uitingen toe aan gebrekkige
intelligentie.
o Het dichotome perspectief interpreteerde de vanuit het westen bekende ‘grote
psychiatrie’ biologisch, terwijl andere onbegrijpelijke of ‘bizarre’ gedragingen werden
beschouwd als exotische cultuurvarianten.
o Biologische denkers: vanaf 1850 (b.v. Kraepelin)  ziekten (b.v. psychose) zijn
universele en zelfstandige entiteiten die mensen overal ter wereld op identieke wijze
treffen (uiteindelijk leidend tot de universele DSM-criteria) (verschillen in
cultuurspecifieke uitingen (Javanen hadden minder wanen en hallucinaties) werden
toegeschreven aan een gebrekkige intellectuele ontwikkeling of inferioriteit van het
brein van een inboorling of aan exotische gewoonten (b.v. de pibloctoc; de arctische
hysterie)
o Tegenover:
o Sociaal georienteerde denkers: Lokaal optredende exotische aandoeningen die
beschouwd worden als unieke vormen van psychopathologie die zich manifesteren
in een specifieke cultuur (cultuurgebonden syndromen)
- Continuüm: in meer of mindere mate toegeschreven aan biologische of sociaal culturele
factoren
o Uit het universalisme-relatievisme of universalisme-particularismedebat
o Wijn zijn meer doordrongen geraakt van de noodzaak om interdisicplinair te kijken
naar de complexe interactie van biologische, sociaal-culturele, cognitieve,
emotionele en linguïstische aspecten van gedrag.
o Bij iedere psychische aandoening spelen universele en cultuurspecifieke
componenten een rol.
o Gedragspatronen en psychopathologie passen op een continuüm met aan het ene
eind universele stoornissen die het beste te begrijpen zijn vanuit een biologisch

Get to know the seller

Seller avatar
Reputation scores are based on the amount of documents a seller has sold for a fee and the reviews they have received for those documents. There are three levels: Bronze, Silver and Gold. The better the reputation, the more your can rely on the quality of the sellers work.
lindavp Radboud Universiteit Nijmegen
Follow You need to be logged in order to follow users or courses
Sold
44
Member since
13 year
Number of followers
32
Documents
7
Last sold
7 year ago

2.8

4 reviews

5
0
4
1
3
2
2
0
1
1

Recently viewed by you

Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Frequently asked questions