Criminologie: wetenschap die criminaliteit vanuit verschillende invalshoeken
benaderd. (psychiatrie, geneeskunde, politicologie)
De aandacht kan uitgaan naar criminaliteit als verschijnsel (in de stad bijv.)
criminaliteit binnen de persoon of voor het slachtoffer, of reacties om op
criminaliteit te reageren (preventief/repressief)
Stanley Cohen: definieerde criminologie in 3 vragen:
- Waarom worden wetten gemaakt
- Waarom worden ze overtreden
- Wat doen we daaraan of wat zouden we daaraan moeten doen?
Crimineel gedrag: hangt af van de gevolgen die gedrag heeft voor zowel
slachtoffers als de samenleving, van morele opvattingen van machtshebbers
en van de publieke opinie. (veranderd in de loop der tijd)
Decriminaliseren: als een delict vroeger strafbaar was en later niet meer.
(overspel)
Criminaliseren: iets wat vroeger niet strafbaar was / niet bestond strafbaar maken
(verkrachting binnen huwelijk) (cybercrime)
Criminaliteit als sociaal construct: Criminaliteit is ‘wat we criminaliteit noemen’
binnen de samenleving. Sociaal construct: iets wat bedacht is en alleen bestaat
in sociale context. Gedrag wat strafbaar is gesteld in de wet.
Historisch overzicht.
Plato:Hij vond dat criminaliteit veroorzaakt werd door het belang wat de
samenleving hecht aan rijkdom hierom ontstaat hebzucht en begeerte. Of
iemand daadwerkelijk misdaden begaat hangt af van de vraag of het goede of
slechte deel van zijn persoonlijkheid overhand had. Dit beheersen wordt
beïnvloed door omgeving en opvoeding.
Ook in de bijbel staat bijv: al de uitspraak ‘een oog voor een oog’. Hiermee wordt
bedoeld dat de straf die iemand krijgt gelijk moet zijn aan de ernst van wat hij
heeft gedaan.
Utopia Thomas More: vraagt zich af of de overheid goede straffen oplegde. (hele
zware straffen in de 15de eeuw) vond dat ipv zware straffen, de oorzaken van
criminaliteit moesten worden weggenomen.
Klassieke school in de criminologie: ontstond in de verlichting, uitgangspunt de
mens is rationeel en bekwaam het eigen lot in eigen handen te nemen.
Protestbeweging tegen het ancien regime. Na de Franse revolutie werden veel
gedachten van de KS ingevoerd. Mensen plegen criminaliteit uit vrije keuze
uit rationele motieven.
Montesquieu: lid klassieke school, macht moet verdeeld worden d.m.v. heldere
wetten. Trias politica. Bedacht proportionaliteitsbeginsel: straffen moeten in
verhouding staan met de gepleegde misdaad.
Rousseau: lid klassieke school, tegenstelling tussen rijkdom en armoede oorzaak
criminaliteit. Bedacht sociaal contract: niemand kan een mens onderwerpen aan
, iets zonder dat deze ermee instemt. Volkssoevereiniteit. Vrije individuen
besluiten onderling gemeenschap te vormen.
Beccaria: Lid klassieke school, bedacht een rechtvaardig effectief strafsysteem,
uitgangspunten:
- mensen moeten worden beschermd d.m.v. de wet in het strafproces.
- nulla poena beginsel: misdaden moeten van te voren strafbaar gesteld zijn.
- proportionaliteitsbeginsel: straf moet gelijk zijn aan ernst misdrijf.
- straffen zijn onrechtvaardig als ze hoger zijn dan noodzakelijk bijv. om
afschrikking.
- straffen moeten snel en voorspelbaar worden uitgevoerd zodat er duidelijk niet
aan de straf te ontkomen valt.
- het opleggen van straf moet vrij zijn van corruptie en vooroordeel.
Bentham: klassieke school, bedacht pleasure-pain principe: menselijk gedrag
wordt zoveel mogelijk gedreven door het behalen van voordeel en het vermijden
van nadeel. Mensen overtreden de wet om hier voordeel uit te krijgen. Het
nadeel moet groter zijn dan het voordeel. (bijv. geld) de mens maakt dan een
rationele afweging.
Positivisme / bio-antropologische school / Italiaanse school: 19de eeuw.
tegenstroming klassieke school. criminaliteit is aangeboren. Of iemand crimineel
wordt hangt af van individuele aangeboren factoren.
Atavisme: oorzaak crimineel gedrag bij de mens, een terugval in de evolutie
waardoor primitieve kenmerken weer naar boven kwamen.
Lombroso: lid bio-antropologische school, criminaliteit wordt gezien als
verschijnsel dat deel uitmaakt van de samenleving. Bedacht frenologie: de vorm
en afmeting van de schedel is een voorspeller van menselijk gedrag.
(misdadigers zouden laag voorhoofd kleine schedelinhoud hebben)
Milieuschool: tegenstroming positivisme, ontkenden dat criminaliteit is
aangeboren, criminaliteit wordt veroorzaakt door het sociale milieu waarin
iemand opgroeit.
Guerry: eerste persoon die (de nieuwe) statistische wetenschap toepaste op het
fenomeen criminaliteit. Bracht geografische verschillen, sekse en leeftijd in
verband met criminaliteit.
Quetelet: analyseerde verzamelde gegevens met analysetechnieken. En
voorspelde daarmee criminaliteit. En bedacht hiermee goede
preventietechnieken. (ontdekte: onderwijs, armoede, klimaat zijn van invloed op
criminaliteit)