V5A
Paper ‘De NSB’
12 mei 2021
Vraag:
Past de NSB beter bij het fascisme of bij het nationaalsocialisme?
Fascisme in Italië
De situatie na de Eerste Wereldoorlog zorgde voor het ontstaan van het fascisme.
Mensen geloofden niet meer in de parlementaire democratie en het kapitalisme; ze
zochten naar houvast, een sterke leider. Het fascisme kwam in Italië op gang, en
werd geleid door Benito Mussolini. Hij gebruikte zijn macht om gehoorzaamheid,
nationale trots en heteroseksualiteit af te dwingen. In 1922 was er een trektocht naar
Rome, die ervoor zorgde dat de regering onder druk kwam te staan. Mussolini nam,
door de verzwakking van de regering, in 1926 als dictator de macht over in het land.
Door beloftes aan het volk te doen en door het volk te herinneren aan de trots van
het Romeinse Rijk wikkelde hij de Italianen om zijn vinger. De naam ‘fascisme’
verwijst naar het Romeinse machtssymbool (roeden met bijl). Europa nam voorbeeld
aan het Italiaanse fascisme. Portugal kreeg bijvoorbeeld een fascistische leider en
ook Hitler nam veel aspecten uit het fascisme over. Zo verspreidde het fascisme zich
snel over Europa.
Nationaalsocialisme in Duitsland
De Weimarrepubliek, de democratische republiek van Duitsland, was in 1919
opgericht. Maar door verscheidenheid van meningen kon de regering moeilijk tot
beslissingen komen. Dit was volgens Hitler een van de oorzaken waarom het met
Duitsland zo slecht ging. De stroming van het nationaalsocialisme, waar Hitler aan
deelnam, was er juist van overtuigd dat Duitsland alleen weer een eenheid kon
worden met een leider die het voor het zeggen had. Deze stroming stond bekend om
de haat tegen joden, waar Hitler het racisme bijvoegde. Joden zouden het
Paper ‘De NSB’
12 mei 2021
Vraag:
Past de NSB beter bij het fascisme of bij het nationaalsocialisme?
Fascisme in Italië
De situatie na de Eerste Wereldoorlog zorgde voor het ontstaan van het fascisme.
Mensen geloofden niet meer in de parlementaire democratie en het kapitalisme; ze
zochten naar houvast, een sterke leider. Het fascisme kwam in Italië op gang, en
werd geleid door Benito Mussolini. Hij gebruikte zijn macht om gehoorzaamheid,
nationale trots en heteroseksualiteit af te dwingen. In 1922 was er een trektocht naar
Rome, die ervoor zorgde dat de regering onder druk kwam te staan. Mussolini nam,
door de verzwakking van de regering, in 1926 als dictator de macht over in het land.
Door beloftes aan het volk te doen en door het volk te herinneren aan de trots van
het Romeinse Rijk wikkelde hij de Italianen om zijn vinger. De naam ‘fascisme’
verwijst naar het Romeinse machtssymbool (roeden met bijl). Europa nam voorbeeld
aan het Italiaanse fascisme. Portugal kreeg bijvoorbeeld een fascistische leider en
ook Hitler nam veel aspecten uit het fascisme over. Zo verspreidde het fascisme zich
snel over Europa.
Nationaalsocialisme in Duitsland
De Weimarrepubliek, de democratische republiek van Duitsland, was in 1919
opgericht. Maar door verscheidenheid van meningen kon de regering moeilijk tot
beslissingen komen. Dit was volgens Hitler een van de oorzaken waarom het met
Duitsland zo slecht ging. De stroming van het nationaalsocialisme, waar Hitler aan
deelnam, was er juist van overtuigd dat Duitsland alleen weer een eenheid kon
worden met een leider die het voor het zeggen had. Deze stroming stond bekend om
de haat tegen joden, waar Hitler het racisme bijvoegde. Joden zouden het