Structuur Recht en Onderneming
DEEL 1: INLEIDING TOT HET RECHT
Hoofdstuk 1: Wat is recht?
Objectief < > Subjectief
Hoofdstuk 2: Indeling nationaal recht
Nationaal vs. Internationaal recht
A. Onderscheid privaat en publiek recht
o Privaatrecht: tussen burgers onderling/ OV niets mee te maken
Inhoud:
Burgerlijk recht
Ondernemingsrecht
Privaatrechtelijk procesrecht: gerechtelijk recht
o Publiekrecht: tussen burgers en overheid of overheden onderling
Inhoud:
Grondwettelijk recht
Bestuursrecht
Fiscaal recht
Strafrecht
Strafprocesrecht
o Relevantie onderscheid tussen privaat en publiek recht
Privaat recht: veel regels van aanvullend/suppletief recht
Publiek recht: veel regels van dwingend recht/ openbare orde
Verschil kan gerelativeerd worden:
o In heel wat rechtstakken (burgerlijk recht,
ondernemingsrecht…) zitten heel wat regels van
privaatrecht en publiek recht
Hoofdstuk 3: Het internationaal recht
Ingedeeld:
Internationaal privaat recht:
o Welk nationaal recht v toepassing op juridische situaties met vreemd element
Internationaal publiek recht = volkerenrecht
o Relaties tussen landen, tussen internationale organisaties, en die met landen
Europees recht
o Regelgeving gemaakt door Europese Unie
Hoe komt verdrag tot stand?
Land wil verdrag sluiten (start onderhandelen) > onderhandelende landen bij
akkoord ondertekenen > dan moeten verdragen nog geratificeerd worden door
nationale parlementen. = dus verdrag niet onmiddellijk van toepassing!
o + je kan er niet onmiddellijk beroep op doen als burger/onderneming
Waarom is Europees recht niet ondergebracht bij Internationaal publiek recht?
1
, Europees recht heeft enkele eigenheden die je niet kunt terugvinden in dat IPR
o Groot verschil met Europees recht: 27 landen toegetreden tot EU: dragen een
deel van bevoegdheden over als lidstaat.
Materies die je overdraagt: niet zelf meer reglementeren.
Heel eigen dus: overdracht bevoegdheden aan EU
Dat heb je bij IPR niet, als wij Belgen ovk sluiten met ander land, dan regelen wij
aangelegenheden, nooit bevoegdheden overdragen.
2
, DEEL 2: PUBLIEK RECHT
Hoofdstuk 1: Grondprincipes van de staatsorde
RECHTSTAAT
o Belangen burgers veiligstellen
o Fundamentele rechten en vrijheden beschermen
o Raad van Europa (≠EU) heeft EVRM gemaakt
WETSTAAT
o Niet alle burgers kunnen op eenzelfde manier genieten van rechten en
vrijheden. Vaststelling: zwakkeren niet.
o Wetten: doel: gelijkheid creëren: zwakke partijen beschermen
DRIE STAATSMACHTEN
o UM: koning en regering (leiden, wet uitvoeren, staatsapparaat beheren,
rechters benoemen)
o WM: koning en parlement (maakt wetten, controle op UM, recht van
onderzoek ‘onderzoekscommissie’)
o RM: hoven en rechtbanken, (geschillen beslechten, WM en UM controleren)
In principe onafhankelijk van elkaar = democratische benadering
Anders aantasting scheiding der machten
DEMOCRATISCH BEGINSEL
o Wetgevende macht rechtstreeks verkozen door bevolking
De Europese Unie zit met een democratisch gebrek.
3
, Hoofdstuk 2: De supranationale of Europese rechtsorde
A. Evolutie van EEG naar Europese Unie
1957 – 1958: Na WOII: stap 1: oprichting EGKS: kolen en stalen j50 belangrijk
o (EGKS nu geïntegreerd in EU)
1957: EEG verdrag en EURATON
o Idee: Europa: politieke eenheid
o Eerste samenwerking was op economisch gebied en hoopte erna een politieke
beslissing te kunnen nemen = nooit van gekomen
Wel op economisch vlak gaan samenwerken!
1957: doel West-Europese landen samenwerken op zuiver economisch
vlak.
o Zuiver economische unie = te veel beperkingen
o Begon op andere domeinen dan het economische zich te
begeven
Bv. erkenning diploma’s, Erasmus, …
o + ontwikkelingen in Oost-Europa op vlak van buitenlandse
politiek en justitie faalde EU
o + ontbreken eenheid economisch beleid en muntbeleid.
= Die EEG is geëvolueerd
Men ondervond dat men niet enkel op economisch vlak kon
samenwerken, ook op gebied van milieu enzo
Zo hebben ze een ‘E’ gedropt: Economische Gemeenschap
Verdrag van Maastricht: EG geëvolueerd naar EU
Zo uiteindelijk Europese Unie ontstaan:
o België Bulgarije o Letland, Litouwen,
o Cyprus Luxemburg
o Denemarken Duitsland o Malta
o Estland o Nederland
o Finland Frankrijk o Oostenrijk
o Griekenland o Polen, Portugal
o Hongarije o Roemenië
o Ierland, Italië o Slovenië, Slovakije,
o Kroatië Spanje
o Tsjechië
o Zweden
‘Acquis communautaire’ (gemeenschapsrecht) =
=> gaf discussie: Grotere Europese eenheid veronderstelt dat de lidstaten meer
bevoegdheden overdragen aan de EU: door velen niet gewenst:
Daardoor uitvoering verdrag = moeizaam
Nu binnen EU zelfs samenwerking op vlak van justitie (hof van justitie)
4
DEEL 1: INLEIDING TOT HET RECHT
Hoofdstuk 1: Wat is recht?
Objectief < > Subjectief
Hoofdstuk 2: Indeling nationaal recht
Nationaal vs. Internationaal recht
A. Onderscheid privaat en publiek recht
o Privaatrecht: tussen burgers onderling/ OV niets mee te maken
Inhoud:
Burgerlijk recht
Ondernemingsrecht
Privaatrechtelijk procesrecht: gerechtelijk recht
o Publiekrecht: tussen burgers en overheid of overheden onderling
Inhoud:
Grondwettelijk recht
Bestuursrecht
Fiscaal recht
Strafrecht
Strafprocesrecht
o Relevantie onderscheid tussen privaat en publiek recht
Privaat recht: veel regels van aanvullend/suppletief recht
Publiek recht: veel regels van dwingend recht/ openbare orde
Verschil kan gerelativeerd worden:
o In heel wat rechtstakken (burgerlijk recht,
ondernemingsrecht…) zitten heel wat regels van
privaatrecht en publiek recht
Hoofdstuk 3: Het internationaal recht
Ingedeeld:
Internationaal privaat recht:
o Welk nationaal recht v toepassing op juridische situaties met vreemd element
Internationaal publiek recht = volkerenrecht
o Relaties tussen landen, tussen internationale organisaties, en die met landen
Europees recht
o Regelgeving gemaakt door Europese Unie
Hoe komt verdrag tot stand?
Land wil verdrag sluiten (start onderhandelen) > onderhandelende landen bij
akkoord ondertekenen > dan moeten verdragen nog geratificeerd worden door
nationale parlementen. = dus verdrag niet onmiddellijk van toepassing!
o + je kan er niet onmiddellijk beroep op doen als burger/onderneming
Waarom is Europees recht niet ondergebracht bij Internationaal publiek recht?
1
, Europees recht heeft enkele eigenheden die je niet kunt terugvinden in dat IPR
o Groot verschil met Europees recht: 27 landen toegetreden tot EU: dragen een
deel van bevoegdheden over als lidstaat.
Materies die je overdraagt: niet zelf meer reglementeren.
Heel eigen dus: overdracht bevoegdheden aan EU
Dat heb je bij IPR niet, als wij Belgen ovk sluiten met ander land, dan regelen wij
aangelegenheden, nooit bevoegdheden overdragen.
2
, DEEL 2: PUBLIEK RECHT
Hoofdstuk 1: Grondprincipes van de staatsorde
RECHTSTAAT
o Belangen burgers veiligstellen
o Fundamentele rechten en vrijheden beschermen
o Raad van Europa (≠EU) heeft EVRM gemaakt
WETSTAAT
o Niet alle burgers kunnen op eenzelfde manier genieten van rechten en
vrijheden. Vaststelling: zwakkeren niet.
o Wetten: doel: gelijkheid creëren: zwakke partijen beschermen
DRIE STAATSMACHTEN
o UM: koning en regering (leiden, wet uitvoeren, staatsapparaat beheren,
rechters benoemen)
o WM: koning en parlement (maakt wetten, controle op UM, recht van
onderzoek ‘onderzoekscommissie’)
o RM: hoven en rechtbanken, (geschillen beslechten, WM en UM controleren)
In principe onafhankelijk van elkaar = democratische benadering
Anders aantasting scheiding der machten
DEMOCRATISCH BEGINSEL
o Wetgevende macht rechtstreeks verkozen door bevolking
De Europese Unie zit met een democratisch gebrek.
3
, Hoofdstuk 2: De supranationale of Europese rechtsorde
A. Evolutie van EEG naar Europese Unie
1957 – 1958: Na WOII: stap 1: oprichting EGKS: kolen en stalen j50 belangrijk
o (EGKS nu geïntegreerd in EU)
1957: EEG verdrag en EURATON
o Idee: Europa: politieke eenheid
o Eerste samenwerking was op economisch gebied en hoopte erna een politieke
beslissing te kunnen nemen = nooit van gekomen
Wel op economisch vlak gaan samenwerken!
1957: doel West-Europese landen samenwerken op zuiver economisch
vlak.
o Zuiver economische unie = te veel beperkingen
o Begon op andere domeinen dan het economische zich te
begeven
Bv. erkenning diploma’s, Erasmus, …
o + ontwikkelingen in Oost-Europa op vlak van buitenlandse
politiek en justitie faalde EU
o + ontbreken eenheid economisch beleid en muntbeleid.
= Die EEG is geëvolueerd
Men ondervond dat men niet enkel op economisch vlak kon
samenwerken, ook op gebied van milieu enzo
Zo hebben ze een ‘E’ gedropt: Economische Gemeenschap
Verdrag van Maastricht: EG geëvolueerd naar EU
Zo uiteindelijk Europese Unie ontstaan:
o België Bulgarije o Letland, Litouwen,
o Cyprus Luxemburg
o Denemarken Duitsland o Malta
o Estland o Nederland
o Finland Frankrijk o Oostenrijk
o Griekenland o Polen, Portugal
o Hongarije o Roemenië
o Ierland, Italië o Slovenië, Slovakije,
o Kroatië Spanje
o Tsjechië
o Zweden
‘Acquis communautaire’ (gemeenschapsrecht) =
=> gaf discussie: Grotere Europese eenheid veronderstelt dat de lidstaten meer
bevoegdheden overdragen aan de EU: door velen niet gewenst:
Daardoor uitvoering verdrag = moeizaam
Nu binnen EU zelfs samenwerking op vlak van justitie (hof van justitie)
4