Natuurkunde Hoofdstuk 4 elektriciteit
Serieschakeling:
Als er 1 apparaat kapotgaat, is de hele stroomkring verbroken.
Elk apparaat krijgt de volledige stroomsterkte.
De spanning wordt verdeeld.
Als je meerdere batterijen in serie schakelt, mag je de spanningen bij elkaar optellen.
Één stroomkring.
Parallelschakeling:
Je kunt elk apparaat met een eigen schakelaar aan- en uitzetten.
Als één apparaat kapotgaat, kunnen de andere apparaten blijven werken.
Elk apparaat krijgt de volledige spanning van de spanningsbron.
De stroomsterkte splitst zich op.
Meerdere stroomkringen.
Gemengde schakeling:
Sommige delen zijn in serie geschakeld
Sommige delen zijn parallel geschakeld
Netspanning= 230 Volt.
Veel apparaten werken op minder dan 230V, om ze toch op een stopcontact aan te sluiten heb je een
transformator nodig. Een transformator zet de netspanning om in een lagere spanning, sommigen
kunnen ook omzetten naar een hogere spanning.
Als je een geleider met de Nederlandse netspanning aanraakt kan je leven in gevaar zijn, als veilige
grens wordt 24V genomen.
Vaak heb je om aan de juiste stroom te komen meerdere batterijen nodig, bij een afstandsbediening
schakel je in serie.
Bij een serieschakeling, mag je de spanningen van de batterijen bij elkaar optellen.
Als je een batterij per ongeluk verkeerdom legt, moet je hem niet meetellen en zelfs de spanning van
een andere batterij ervan aftrekken.
Als je de batterijen naast elkaar legt geven ze de spanning van één batterij, maar duurt het langer tot
je ze moet vervangen.
Omdat batterijen en accu’s worden opgewekt met een chemische reactie noem je ze chemische
spanningsbonnen. Bij zulke reacties worden stoffen gebruikt en ontstaan er nieuwe stoffen. Als de
beginstoffen op zijn, is hij leeg. Als je een batterij oplaadt verdwijnen de stoffen die tijdens het
gebruik ontstonden. Je krijgt de beginstoffen terug.
Lege batterijen moet je door de chemische stoffen bij een speciaal soort afval gooien: klein chemisch
afval (KCA).
Als je wilt laten zien hoe een schakeling eruit ziet, kan je dit laten zien in een technische tekening.
Zo’n tekening noem je een schakelschema. Er zijn speciale symbolen voor zo’n tekening:
Serieschakeling:
Als er 1 apparaat kapotgaat, is de hele stroomkring verbroken.
Elk apparaat krijgt de volledige stroomsterkte.
De spanning wordt verdeeld.
Als je meerdere batterijen in serie schakelt, mag je de spanningen bij elkaar optellen.
Één stroomkring.
Parallelschakeling:
Je kunt elk apparaat met een eigen schakelaar aan- en uitzetten.
Als één apparaat kapotgaat, kunnen de andere apparaten blijven werken.
Elk apparaat krijgt de volledige spanning van de spanningsbron.
De stroomsterkte splitst zich op.
Meerdere stroomkringen.
Gemengde schakeling:
Sommige delen zijn in serie geschakeld
Sommige delen zijn parallel geschakeld
Netspanning= 230 Volt.
Veel apparaten werken op minder dan 230V, om ze toch op een stopcontact aan te sluiten heb je een
transformator nodig. Een transformator zet de netspanning om in een lagere spanning, sommigen
kunnen ook omzetten naar een hogere spanning.
Als je een geleider met de Nederlandse netspanning aanraakt kan je leven in gevaar zijn, als veilige
grens wordt 24V genomen.
Vaak heb je om aan de juiste stroom te komen meerdere batterijen nodig, bij een afstandsbediening
schakel je in serie.
Bij een serieschakeling, mag je de spanningen van de batterijen bij elkaar optellen.
Als je een batterij per ongeluk verkeerdom legt, moet je hem niet meetellen en zelfs de spanning van
een andere batterij ervan aftrekken.
Als je de batterijen naast elkaar legt geven ze de spanning van één batterij, maar duurt het langer tot
je ze moet vervangen.
Omdat batterijen en accu’s worden opgewekt met een chemische reactie noem je ze chemische
spanningsbonnen. Bij zulke reacties worden stoffen gebruikt en ontstaan er nieuwe stoffen. Als de
beginstoffen op zijn, is hij leeg. Als je een batterij oplaadt verdwijnen de stoffen die tijdens het
gebruik ontstonden. Je krijgt de beginstoffen terug.
Lege batterijen moet je door de chemische stoffen bij een speciaal soort afval gooien: klein chemisch
afval (KCA).
Als je wilt laten zien hoe een schakeling eruit ziet, kan je dit laten zien in een technische tekening.
Zo’n tekening noem je een schakelschema. Er zijn speciale symbolen voor zo’n tekening: