100% satisfaction guarantee Immediately available after payment Both online and in PDF No strings attached 4.2 TrustPilot
logo-home
Summary

Samenvatting Stemmingsstoornissen taak 2: Verklaringen

Rating
5.0
(1)
Sold
2
Pages
11
Uploaded on
16-09-2015
Written in
2012/2013

Verklaringen voor stemmingsstoornissen

Institution
Course









Whoops! We can’t load your doc right now. Try again or contact support.

Written for

Institution
Study
Course

Document information

Uploaded on
September 16, 2015
Number of pages
11
Written in
2012/2013
Type
Summary

Content preview

Wessel Rieter: Taak 2 12-11-2011

PS: Welke stemmingsstoornissen zijn er?


LD:
- Wat zijn de biologische verklaringen voor depressie?
- Welke medicatie is er voor depressie?
- Wat zijn de biologische verklaringen bij manie?
- Welke medicatie is er voor een manie?
- Welke medicatie is er voor bipolaire stoornissen?
- Wat is de rol van genetische factoren bij manie en depressie?
- Wat is de interactie tussen omgeving en genen?


Wat zijn de biologische verklaringen voor depressie?
Ten grondslag aan de etiologie van depressie spelen zowel biologische, psychologische als
sociale determinanten een rol. Biologische factoren zijn bijvoorbeeld afwijkende concentraties
van stoffen in de hersenen en genetische defecten die tot een depressie kunnen leiden.
Psychologische determinanten zijn bijvoorbeeld de manier waarop een persoon naar zichzelf en
de wereld om zich heen kijkt (cognitieve theorie) en de wijze waarop je positieve en negatieve
waarden toekent aan bepaalde gebeurtenissen (attributietheorie). Sociale determinanten zijn
bijvoorbeeld life-events en het hebben van een partner en kind. Men spreekt in de huidige
etiologie ook wel van een biopsychosociaal model.

De precieze neurologische werking van depressie is tot op heden nog onbekend. Dit artikel gaat
in op de biologische aspecten van depressie. Vroeger kwam men er achter dat een verminderde
hoeveelheid monoamines leidde tot een depressief syndroom. Er zijn drie soorten mono-amines:
noradrenaline, serotonine (5HT) en dopamine. NA en DA vallen in de groep van catecholamines.
Er zijn verschillende verklaringen tussen het verband van monoamines:

- Catecholaminetheorie: Volgens deze theorie verklaard een tekort aan NA een depressie.
Om de exacte concentratie van NA te achterhalen, wordt gebruik gemaakt van een
afvalsstof van NA. Deze wordt onder andere aangetroffen in urine en cytoplasma. De
resultaten van onderzoeken naar de concentratie van deze stof uit urine en plasma zijn
echter tegenstrijdig.
- ‘Permissive’ hypothese: Men was dus niet tevreden met het idee dat 1 mono-amine
verantwoordelijk is. Men raakte er van overtuigd dat verschillende
neurotransmittersystemen onderling interacteren. Volgens de permissive hypothese
worden door veranderingen in de catecholamine (met name NA) tezamen met een 5-HT
tekort verantwoordelijk gehouden voor depressie. Dus het bestaande 5-HT tekort met
daarbij een afgenomen catecholamine-activiteit leidt tot depressie. Ook hierbij werd bij
onderzoek van desbetreffende afvalstoffen tegenstrijdige resultaten behaald. De theorie
houdt dus niet stand omdat niet bij alle depressieve patienten verlaagde concentraties van
beide afvalstoffen wordt aangetroffen.

, - Mono-amine hypothese: Bij deze hypothese wordt gesuggereerd dat depressie te wijten is
aan een tekort van mono-amines in de hersenen. Het bleek dat een bepaalde medicijn
voor tubeculose, de negatieve stemming van depressie liet verdwijnen. De werking van
het medicijn berust op het feit dat het, het enzym mono-amine oxidatie (MAO) zou
blokkeren.(dat verantwoordelijk is voor de afbraak van mono-amine). Er bestaat echter
twijfel over de theorie omdat het medicijn niet het MAO-enzym zou blokkeren, maar het
juist de heropname van 5HT en NA zou blokkeren, met als gevolg een verhoging van de
monoaminerge activiteit.
- Receptortheorie: Bestaande theorien leveren geen verklaring voor de uitgestelde werking
van antidepressiva. Na toediening neemt de monoaminerge activiteit vrijwel meteen toe,
terwijl de symptomen van depressie pas na enkele weken verdwijnen. De receptortheorie
stelt dat niet zozeer het niveau van mono-amines in de synaps bepalend is, maar dat
deficienties en/of gevoeligheid van postsynaptische
monoamineneurotransmitterreceptoren een cruciale rol spelen bij depressie. Depressie
zou gekenmerkt worden door een verhoogd aantal postsynaptische receptoren
(upregulatie) en overgevoeligheid (sensitatie). Toediening van antidepressiva leidt tot een
toename van de hoeveelheid monoamines in de synaptische spleet. Daardoor ontstaat er
een afname van het aantal receptoren (downregulatie) en desensitatie. Deze theorie dient
als aanvulling voor de monoamine hypothese en biedt een verklaring voor de uitgestelde
werking van antidepressiva.
$4.79
Get access to the full document:

100% satisfaction guarantee
Immediately available after payment
Both online and in PDF
No strings attached


Also available in package deal

Reviews from verified buyers

Showing all reviews
9 year ago

5.0

1 reviews

5
1
4
0
3
0
2
0
1
0
Trustworthy reviews on Stuvia

All reviews are made by real Stuvia users after verified purchases.

Get to know the seller

Seller avatar
Reputation scores are based on the amount of documents a seller has sold for a fee and the reviews they have received for those documents. There are three levels: Bronze, Silver and Gold. The better the reputation, the more your can rely on the quality of the sellers work.
wrieter Maastricht University
Follow You need to be logged in order to follow users or courses
Sold
132
Member since
12 year
Number of followers
74
Documents
7
Last sold
4 year ago

4.0

7 reviews

5
3
4
1
3
3
2
0
1
0

Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Frequently asked questions