Multidisciplinaire samenwerking
Naam:
Studentnummer:
School: Hanze hogeschool Groningen
Studie: HBO-Verpleegkunde
Studieonderdeel: 4
Cursuscode: HVVB18MRVZ
Docent:
Stageplaats: Buurtzorg
Stagebegeleider:
,Inhoudsopgave
Inleiding
Deze module draait om de coördinatie van de zorg en met name in de multidisciplinaire
context. Dit is in de wijkverpleging een dagelijkse activiteit. De wijkverpleegkundigen stelt het
zorgplan op, houdt zich bezig met risico diagnoses, verwijst wanneer van toepassing door
naar andere disciplines, maakt een planning van de zorg op de juiste tijden en betrekt de
cliënt en diens naasten bij de zorg. Zeker bij Buurtzorg is deze module van toepassing,
Buurtzorg is een zelfsturend team. Dat houdt in dat ze alle taken van de zorg zelfstandig met
het team uitvoeren. De verpleegkundigen kunnen pas doorverwijzen als ze de andere
disciplines goed kennen en weten waarbij deze nodig zijn. Verder is kennis over de wet- en
regelgeving omtrent de zorg belangrijk. Aan deze module zijn twee CanMed’s rollen
gekoppeld, dit zijn de organisator en de samenwerkingspartner. Als organisator is de
verpleegkundige ondernemend en neemt zij initiatieven binnen de zorg en toont
verpleegkundig leiderschap. Hierbij hoort ook het financiële plaatje van de zorg. Als
Samenwerkingspartner werkt de verpleegkundige samen met collega’s, andere disciplines,
patiënten en diens naasten. Bij deze samenwerking met de patiënt en diens naasten wordt
er veel informatie uitgewisseld, om de zelfredzaamheid te optimaliseren (Lambregts et al.,
2015).
Voor dit verslag is er een hoog- complexe casus gekozen. Dhr V. heeft afgelopen juni te
horen gekregen dat hij uitgezaaide prostaatcarcinoom heeft, de prognose hiervan is niet heel
goed. Dhr is hierom gestart met chemotherapie, dit valt dhr zwaar. Dhr is hierdoor erg
vermoeid en emotioneel. Dhr heeft een verblijfskatheter waarvoor zorg nodig is. Verder heeft
dhr hulp nodig bij de persoonlijke verzorging, dit kost dhr te veel energie en als dhr dit zelf
zou moeten doen zou hij zich hierin verwaarlozen. De complexiteit van de zorgvrager is
ingeschat aan de hand van het instrument “complexiteit van de praktijksituaties” (Academie
voor verpleegkunde, Hanze hogeschool Groningen, 2020). Dhr scoort op de volgende
punten:
● Door de chemotherapie is dhr zijn gezondheidstoestand erg wisselend en kan het
nodig zijn om de zorg op te schalen.
● Dhr heeft een verhoogd risico op vallen en op infecties waardoor de kans op
risicovolle situaties aanwezig is.
● De chemotherapie is voor dhr erg ingrijpend en belastend
● Dhr is gedeeltelijk in staat tot zelfmanagement maar heeft behoefte aan
ondersteuning.
● Dhr vindt de chemokuren erg zwaar, hij is hierdoor erg vermoeid en emotioneel.
De casus en de disciplines die hierbij betrokken zijn staan in het eerste hoofdstuk vermeld.
Hoofdstuk twee bevat informatie over de multidisciplinaire samenwerking van de wijkzorg,
hierin is de rol van de verpleegkundige meegenomen. Hoofdstuk drie bevat de gezamenlijke
besluitvorming, waarbij de zorgverlener denkt aan de normen en waarden van de cliënten.
Het zorgpad prostaatcarcinoom is in hoofdstuk vier uitgewerkt. De communicatie onderling,
met de verschillende disciplines en belangrijk de cliënt en diens naasten is in hoofdstuk vijf
uitgewerkt, hierin is de SBAR-methode en overdrachtsmethoden verwerkt. Hoofdstuk zes
2
, bevat het verbetervoorstel, deze is gericht op de rapportage met andere disciplines om
dubbel werk te voorkomen. Als laatst in hoofdstuk zeven zijn de wetten en regelgeving
rondom de zorg uitgewerkt.
3