Experimentele onderzoeksmethoden
Session 1: Herhaling en ANOVA
Assignment 1: One-sample t-test
Opdracht: Bereken het gemiddelde en de standaarddeviatie van de variabele y in groep 1.
[Selecteer de participanten in groep 1] → Data → Select Cases.
Je kunt het gemiddelde en de standaarddeviatie vinden door Analyse → Descriptive Statistics →
Descriptives.
Je ziet vervolgens als het is gelukt dat alle participanten die NIET in de groep
zitten waarin je geïnteresseerd bent, zijn doorgestreept. Als je nu dus de analyse
uitvoert worden deze ook niet meegenomen.
→ Ook kun je checken of het is gelukt door naar N te kijken, dit is nu n = 10 in
plaats van n = 50.
Opdracht: One-sample t-test, wat is de t-waarde?
Ga naar Analyse → Compare Means → One Sample T test. [De test variable is de afhankelijke
variabele in je experiment]. [Bij test value geef je de toetswaarde aan (zie hypothese)].
1
, Kunnen we concluderen dat het gemiddelde van groep 1 significant verschilt van 6? Gebruik α=0,05.
Ja, want de p-waarde = 0.015 < α = 0.05.
BELANGRIJK: Houdt rekening met eenzijdige of tweezijdige toetsen!
Assignment 2: Two-sample t-test
We zullen de gemiddelden van de variabelen y van twee specifieke groepen vergelijken: groep 1 en
groep 4. Om het verschil tussen twee steekproefgemiddelden te testen, gebruiken we de t-toets voor
onafhankelijke steekproeven.
Opdracht: Wat is de nulhypothese van deze test? Wat is de alternatieve hypothese?
H0: μ1 = μ4 tegen H1: μ1 ≠ μ4
→ zijn de twee populatiegemiddelden aan elkaar gelijk of niet?
Opdracht: voer de independent samples t-toets uit.
Ga naar Analyze → Compare Means → Independent Samples t-test. [De test variable is
de afhankelijke variabele in je experiment]. ] [ Voer bij grouping variable de predictor
in]. Geef vervolgens aan welke groepen je met elkaar wil vergelijken → Define groups →
[vul de juiste waardes in bij “group 1” en “group 2”].
2