Jurisprudentielijst
Probleem 1: Bevoegdheid, besluit, belanghebbende
1. Drankmajoor (bevoegdheidsverkrijging): Er moet een onbevangen en volledige heroverweging
plaatsvinden, artikel 7:11 Awb. Indien een ondergeschikte van de gemandateerde de beslissing op
bezwaar neemt is hier geen sprake van. Uitbreiding van artikel 10:3 lid 3 Awb.
2. Kabinet van de Koningin en Koningin (bestuursorgaan): Kabinet van de Koningin is geen a-orgaan
en ook geen b-orgaan omdat het geen openbaar gezag uitoefent. Vervult geen zelfstandige functie maar
alleen ondersteunende taken. Koningin strikt gezien wel een a-orgaan, maar het stelsel van de wet laat
dit niet toe (artikel 42 Grondwet).
3. VNG (bestuursorgaan): Openbaar gezag wordt verleent bij wettelijk voorschrift.
4. Subsidie bibliotheek (bestuursorgaan): Bij b-organen moet het openbaar gezag zijn ontleent aan de
wet (zie ook VNG). Indien er sprake is van op geld waardeerbare voorzieningen is er een uitzondering
(inhoudelijke en financiële vereiste). De publiekrechtelijke bevoegdheid hebben zij ontleent aan artikel
4:23 Awb. Dus een b-orgaan. In dit geval hebben zij echter alsnog onbevoegd gehandeld, doordat het
besluit niet is gericht op basis van een wettelijk voorschrift zoals bedoeld in artikel 4:23 Awb. De regeling
is namelijk vastgesteld door SCE zelf.
5. Haaksbergse kapvergunning (belanghebbende, persoonlijk belang): Indien er sprake is van het
zicht- of nabijheidscriterium kan aan het persoonlijk belang worden voldaan.
6. Mestbassin (belanghebbende, persoonlijk belang): Belanghebbende indien feitelijke gevolgen van het
besluit, tenzij gevolgen van enige betekenis voor de werk-, woon-, of leefomgeving ontbreken. Wordt
bepaald aan de hand van het zichtscriterium, nabijheidscriterium, planologische uitstraling e.d.
7. Greenpeace (belanghebbende, algemene en collectieve belangen): Het besluit kwam niet overeen
met de statutaire doelstellingen en dus waren zij geen belanghebbende.
8. Occupy (belanghebbende, ‘andere entiteit’): Om als andere entiteit als belanghebbende aangemerkt
te worden, dienen ze voor het rechtsverkeer herkenbaar te zijn.
9. Afgeleid belang verhuurder (belanghebbende, rechtstreeks): In gevallen waarin er sprake is van
een afgeleid parallel belang kan worden afgeweken indien er een fundamenteel recht, zoals een
eigendomsrecht, wordt geschonden.
10. Zwarte piet (belanghebbende, zaaksoverstijgend en juridisch belang): Er bestaan twijfels over de
belanghebbendheid. Ze besluiten over te gaan tot beoordeling om de volgende redenen:
- Zaaksoverstijgend en juridisch belang: het is voor alle burgemeesters van belang om te weten
of dit getoetst moet worden.
- Alle partijen hebben aangegeven dat ze een inhoudelijke behandeling wensen
- De stichting wordt betwijfeld belanghebbende te zijn, maar zou dit volgend jaar ook zijn
(sinterklaas komt elk jaar)
11. Woningsluiting (procesbelang): De zaak heeft een zaaksoverstijgend en juridisch belang omdat het
voor alle burgemeesters van belang is of ze deze bewijslast dragen.
Probleem 2: Soorten besluiten
Probleem 1: Bevoegdheid, besluit, belanghebbende
1. Drankmajoor (bevoegdheidsverkrijging): Er moet een onbevangen en volledige heroverweging
plaatsvinden, artikel 7:11 Awb. Indien een ondergeschikte van de gemandateerde de beslissing op
bezwaar neemt is hier geen sprake van. Uitbreiding van artikel 10:3 lid 3 Awb.
2. Kabinet van de Koningin en Koningin (bestuursorgaan): Kabinet van de Koningin is geen a-orgaan
en ook geen b-orgaan omdat het geen openbaar gezag uitoefent. Vervult geen zelfstandige functie maar
alleen ondersteunende taken. Koningin strikt gezien wel een a-orgaan, maar het stelsel van de wet laat
dit niet toe (artikel 42 Grondwet).
3. VNG (bestuursorgaan): Openbaar gezag wordt verleent bij wettelijk voorschrift.
4. Subsidie bibliotheek (bestuursorgaan): Bij b-organen moet het openbaar gezag zijn ontleent aan de
wet (zie ook VNG). Indien er sprake is van op geld waardeerbare voorzieningen is er een uitzondering
(inhoudelijke en financiële vereiste). De publiekrechtelijke bevoegdheid hebben zij ontleent aan artikel
4:23 Awb. Dus een b-orgaan. In dit geval hebben zij echter alsnog onbevoegd gehandeld, doordat het
besluit niet is gericht op basis van een wettelijk voorschrift zoals bedoeld in artikel 4:23 Awb. De regeling
is namelijk vastgesteld door SCE zelf.
5. Haaksbergse kapvergunning (belanghebbende, persoonlijk belang): Indien er sprake is van het
zicht- of nabijheidscriterium kan aan het persoonlijk belang worden voldaan.
6. Mestbassin (belanghebbende, persoonlijk belang): Belanghebbende indien feitelijke gevolgen van het
besluit, tenzij gevolgen van enige betekenis voor de werk-, woon-, of leefomgeving ontbreken. Wordt
bepaald aan de hand van het zichtscriterium, nabijheidscriterium, planologische uitstraling e.d.
7. Greenpeace (belanghebbende, algemene en collectieve belangen): Het besluit kwam niet overeen
met de statutaire doelstellingen en dus waren zij geen belanghebbende.
8. Occupy (belanghebbende, ‘andere entiteit’): Om als andere entiteit als belanghebbende aangemerkt
te worden, dienen ze voor het rechtsverkeer herkenbaar te zijn.
9. Afgeleid belang verhuurder (belanghebbende, rechtstreeks): In gevallen waarin er sprake is van
een afgeleid parallel belang kan worden afgeweken indien er een fundamenteel recht, zoals een
eigendomsrecht, wordt geschonden.
10. Zwarte piet (belanghebbende, zaaksoverstijgend en juridisch belang): Er bestaan twijfels over de
belanghebbendheid. Ze besluiten over te gaan tot beoordeling om de volgende redenen:
- Zaaksoverstijgend en juridisch belang: het is voor alle burgemeesters van belang om te weten
of dit getoetst moet worden.
- Alle partijen hebben aangegeven dat ze een inhoudelijke behandeling wensen
- De stichting wordt betwijfeld belanghebbende te zijn, maar zou dit volgend jaar ook zijn
(sinterklaas komt elk jaar)
11. Woningsluiting (procesbelang): De zaak heeft een zaaksoverstijgend en juridisch belang omdat het
voor alle burgemeesters van belang is of ze deze bewijslast dragen.
Probleem 2: Soorten besluiten