Gemeente Rotterdam
Postbus 70014
3000KS Rotterdam
Wmo-adivseur: V. van Slooten
Mevrouw Bouali
Zevenplas 25
3028SD Rotterdam
Rotterdam, 22 december 2021
Betreft: indicatieadvies
Geachte mevrouw Bouali,
Op 10 december 2021 heeft u bij ons een aanvraag ingediend voor vier maatwerkvoorzieningen,
namelijk:
- Hulp bij boodschappen
- Hulp in de huishouding
- Fysiotherapie
- Elektrische fiets
Naar aanleiding van ons gesprek dat op dinsdag 18 december 2021 heeft plaatsgevonden, stuur ik u
deze brief met het advies betreffende uw zorgvraag.
Tijdens ons gesprek heeft u aangegeven wat uw behoeften zijn. U gaf aan dat uw zoon u wekelijks
helpt met de boodschappen, maar dat u zelf niet in staat bent om grote boodschappen te dragen.
Hiervoor wilt u graag hulp krijgen. Daarnaast gaf u aan dat u niet meer in staat bent de grote
huishoudelijke taken zelf te verrichten. Dit komt doordat u na uw hartinfarct in 2019 snel buiten
adem en moe bent. Voor het uitvoeren van deze taken wilt u graag huishoudelijke hulp krijgen. Ook
gaf u aan graag zelf iets te willen doen aan uw conditie en uw huisarts raadde fysiotherapie en een
elektrische fiets aan. Dit kunt u naar eigen zeggen niet zelf betalen, want u moet rondkomen van
een WIA-uitkering. Daarom heeft u gevraagd of er iets mogelijk is met betrekking tot een vergoeding
van fysiotherapie en een elektrische fiets. Tot slot heeft u in het gesprek aangegeven dat het u leuk
lijkt, voor zover dit mogelijk is, te koken met andere mensen in bijvoorbeeld een buurthuis.
Hulp bij boodschappen
Uw aanvraag voor de hulp bij boodschappen is afgewezen. Dit wordt in uw geval niet vergoed vanuit
de Wet maatschappelijke ondersteuning (WMO 2015).
Momenteel doet uw zoon van 22 één keer per week grote boodschappen met u. U bent niet instaat
zelf de zware boodschappen te doen, maar een kleine boodschap lukt wel. Uw zoon is veel aan het
werk en hierdoor kan hij u niet extra ondersteunen bij de boodschappen. Verdere familie of
vrienden waarop u een beroep zou kunnen doen heeft u niet in uw nabije omgeving.
Echter, hij doet wekelijks de grote boodschappen met u en u kunt zelf nog kleine boodschappen
doen. De frequentie voor de hulp bij boodschappen is één keer per week en omdat u de
boodschappen al één keer per week doet met hem, is het niet noodzakelijk dit te verhogen naar
twee keer per week.
Postbus 70014
3000KS Rotterdam
Wmo-adivseur: V. van Slooten
Mevrouw Bouali
Zevenplas 25
3028SD Rotterdam
Rotterdam, 22 december 2021
Betreft: indicatieadvies
Geachte mevrouw Bouali,
Op 10 december 2021 heeft u bij ons een aanvraag ingediend voor vier maatwerkvoorzieningen,
namelijk:
- Hulp bij boodschappen
- Hulp in de huishouding
- Fysiotherapie
- Elektrische fiets
Naar aanleiding van ons gesprek dat op dinsdag 18 december 2021 heeft plaatsgevonden, stuur ik u
deze brief met het advies betreffende uw zorgvraag.
Tijdens ons gesprek heeft u aangegeven wat uw behoeften zijn. U gaf aan dat uw zoon u wekelijks
helpt met de boodschappen, maar dat u zelf niet in staat bent om grote boodschappen te dragen.
Hiervoor wilt u graag hulp krijgen. Daarnaast gaf u aan dat u niet meer in staat bent de grote
huishoudelijke taken zelf te verrichten. Dit komt doordat u na uw hartinfarct in 2019 snel buiten
adem en moe bent. Voor het uitvoeren van deze taken wilt u graag huishoudelijke hulp krijgen. Ook
gaf u aan graag zelf iets te willen doen aan uw conditie en uw huisarts raadde fysiotherapie en een
elektrische fiets aan. Dit kunt u naar eigen zeggen niet zelf betalen, want u moet rondkomen van
een WIA-uitkering. Daarom heeft u gevraagd of er iets mogelijk is met betrekking tot een vergoeding
van fysiotherapie en een elektrische fiets. Tot slot heeft u in het gesprek aangegeven dat het u leuk
lijkt, voor zover dit mogelijk is, te koken met andere mensen in bijvoorbeeld een buurthuis.
Hulp bij boodschappen
Uw aanvraag voor de hulp bij boodschappen is afgewezen. Dit wordt in uw geval niet vergoed vanuit
de Wet maatschappelijke ondersteuning (WMO 2015).
Momenteel doet uw zoon van 22 één keer per week grote boodschappen met u. U bent niet instaat
zelf de zware boodschappen te doen, maar een kleine boodschap lukt wel. Uw zoon is veel aan het
werk en hierdoor kan hij u niet extra ondersteunen bij de boodschappen. Verdere familie of
vrienden waarop u een beroep zou kunnen doen heeft u niet in uw nabije omgeving.
Echter, hij doet wekelijks de grote boodschappen met u en u kunt zelf nog kleine boodschappen
doen. De frequentie voor de hulp bij boodschappen is één keer per week en omdat u de
boodschappen al één keer per week doet met hem, is het niet noodzakelijk dit te verhogen naar
twee keer per week.