Pathologie v/d verloskunde
Dr. Clearhout
Inleiding zwangerschapsopvolging
Routine prenatale zorg
Doel
Opvolging zw.sch tot geboorte van gezond kind
Preventie van problemen bij moeder
Prenatale diagnose van prob.
Screening congenitale afwijkingen
Prenatale therapie
Vanaf 1e trimester
7-11w
Bij gynaecoloog, huisarts of vroedvrouw
Prenatale follow-up normale zwangerschap
4 pijlers
Anamnese
Klinisch ond.
RR, urine, oedeem,…
Labo
Echo
Bijkomende ond. als er afwijking bij 1 van deze 4 is
Opvolging zwangerschap
6-7 weken
Diagnose zwangerschap
1e bl.afname
11-14 weken
1e fase tot 20w: organogenese
1 trimesterechografie
e
NIPT
20-21 weken
Structurele echo
27 weken
Screening zw.sch. diabetes
30 weken
Evaluatie groei 2e fase vanaf 20w: groeifase
33 weken
Screening maternele prob.
36 weken
Screening GBS
, Identificatie risicozw.sch
Algemene factoren
Oudere P
> 35j
Late prenatale zorg
Men weet niet hoe oud kind is
De antistoffen van TORCH bij bl.afname weet men ook niet of het voor of na bevruchting was
Nekplooimeting na 11-15w geen goede waarden meer
Sociale prob
Consanguiniteit
Familiale of persoonlijke voorgeschiedenis van afwijkingen
Verloskundige voorgeschiedenis van problemen bij zw.sch of partus
Vooraf gekende medische aandoeningen
Medische risicofactoren
Diabetes ZS-Diabetes
Hypertensie ZS-Hypertensie en pre-eclampsie
Stollingsstoornis trombo-embolie
Epilepsie Neurale buisdefecten en schizisproblematiek
Infecties seroconversie toxo, CMV, ( Rubella)
Obstetrische risicofactoren
Pre-eclampsie
Cervix insufficiëntie
Dreigend vroeggeboorte
Bloedingen
IUGR
Hyperemesis
Rh immunisatie
Meerlingzwangerschappen
Prenatale diagnose
= Opsporen van afwijkingen of prob bij ongeboren kind.
Aangeboren afwijking
= Afwijking in structuur of in functie die aanwezig is bij de geboorte & die tot een lichamelijke of
verstandelijke beperking leidt of die niet verenigbaar is met het leven buiten de baarmoeder.
2-3% ernstige afwijking
15% 1 of meerdere kleine afwijkingen.
Oorzaken
Een genetische aandoening (15-25 %)
Chr. afwijkingen
Aneuploidieën: trisomie 13, trisomie 18, trisomie 21
, monosomie x, triploidie
1 gen: vb. muco
Mitochondriaal
Mosaicisme
Door externe invloed (8-12 %)
Geneesmiddelen
Drugs
Alcohol
Bijproducten bij maternele metabole aandoeningen
vb. Diabetes
Ioniserende stralingen
Infecties
TORCH
Combinatie van oorzaken/ multifactorieel ( 20-25 %)
= Combinatie van omg.factoren met genetische voorbeschiktheid
Geen duidelijk overervingspatroon
Onbekende oorzaak ( 40-60 %)
Wrm
Geruststelling
Bij abnormale bevindingen:
Bij niet levensvatbare aandoening of zeer ernstige, niet behandelbare aandoening ev. Afbreken
van de zwangerschap mogelijk maken.
Prenatale behandeling mogelijk maken
Medisch
Toedienen van geneesmiddelen
Heelkundig
Aangepast antenataal beleid mogelijk maken
Aangepast beleid bij de geboorte zelf + opvang voorzien
Voorkomen van latere prob.
Psychologische voorbereiding & begeleiding van ouders
Gevolgen proberen in te schatten voor het verdere leven
Soms zeer moeilijk antenataal
Prenatale screening
= Verkennende, kansberekenende of risicoschttende testen voor een bepaalde aandoening
Aan alle zwangeren aanbieden
Doel
Uit ganse groep een kleine risicogroep te selecteren met een verhoogd risico op een specifiek
probleem.
Ev. aan deze subgroep diagnostische testen aanbieden
Dr. Clearhout
Inleiding zwangerschapsopvolging
Routine prenatale zorg
Doel
Opvolging zw.sch tot geboorte van gezond kind
Preventie van problemen bij moeder
Prenatale diagnose van prob.
Screening congenitale afwijkingen
Prenatale therapie
Vanaf 1e trimester
7-11w
Bij gynaecoloog, huisarts of vroedvrouw
Prenatale follow-up normale zwangerschap
4 pijlers
Anamnese
Klinisch ond.
RR, urine, oedeem,…
Labo
Echo
Bijkomende ond. als er afwijking bij 1 van deze 4 is
Opvolging zwangerschap
6-7 weken
Diagnose zwangerschap
1e bl.afname
11-14 weken
1e fase tot 20w: organogenese
1 trimesterechografie
e
NIPT
20-21 weken
Structurele echo
27 weken
Screening zw.sch. diabetes
30 weken
Evaluatie groei 2e fase vanaf 20w: groeifase
33 weken
Screening maternele prob.
36 weken
Screening GBS
, Identificatie risicozw.sch
Algemene factoren
Oudere P
> 35j
Late prenatale zorg
Men weet niet hoe oud kind is
De antistoffen van TORCH bij bl.afname weet men ook niet of het voor of na bevruchting was
Nekplooimeting na 11-15w geen goede waarden meer
Sociale prob
Consanguiniteit
Familiale of persoonlijke voorgeschiedenis van afwijkingen
Verloskundige voorgeschiedenis van problemen bij zw.sch of partus
Vooraf gekende medische aandoeningen
Medische risicofactoren
Diabetes ZS-Diabetes
Hypertensie ZS-Hypertensie en pre-eclampsie
Stollingsstoornis trombo-embolie
Epilepsie Neurale buisdefecten en schizisproblematiek
Infecties seroconversie toxo, CMV, ( Rubella)
Obstetrische risicofactoren
Pre-eclampsie
Cervix insufficiëntie
Dreigend vroeggeboorte
Bloedingen
IUGR
Hyperemesis
Rh immunisatie
Meerlingzwangerschappen
Prenatale diagnose
= Opsporen van afwijkingen of prob bij ongeboren kind.
Aangeboren afwijking
= Afwijking in structuur of in functie die aanwezig is bij de geboorte & die tot een lichamelijke of
verstandelijke beperking leidt of die niet verenigbaar is met het leven buiten de baarmoeder.
2-3% ernstige afwijking
15% 1 of meerdere kleine afwijkingen.
Oorzaken
Een genetische aandoening (15-25 %)
Chr. afwijkingen
Aneuploidieën: trisomie 13, trisomie 18, trisomie 21
, monosomie x, triploidie
1 gen: vb. muco
Mitochondriaal
Mosaicisme
Door externe invloed (8-12 %)
Geneesmiddelen
Drugs
Alcohol
Bijproducten bij maternele metabole aandoeningen
vb. Diabetes
Ioniserende stralingen
Infecties
TORCH
Combinatie van oorzaken/ multifactorieel ( 20-25 %)
= Combinatie van omg.factoren met genetische voorbeschiktheid
Geen duidelijk overervingspatroon
Onbekende oorzaak ( 40-60 %)
Wrm
Geruststelling
Bij abnormale bevindingen:
Bij niet levensvatbare aandoening of zeer ernstige, niet behandelbare aandoening ev. Afbreken
van de zwangerschap mogelijk maken.
Prenatale behandeling mogelijk maken
Medisch
Toedienen van geneesmiddelen
Heelkundig
Aangepast antenataal beleid mogelijk maken
Aangepast beleid bij de geboorte zelf + opvang voorzien
Voorkomen van latere prob.
Psychologische voorbereiding & begeleiding van ouders
Gevolgen proberen in te schatten voor het verdere leven
Soms zeer moeilijk antenataal
Prenatale screening
= Verkennende, kansberekenende of risicoschttende testen voor een bepaalde aandoening
Aan alle zwangeren aanbieden
Doel
Uit ganse groep een kleine risicogroep te selecteren met een verhoogd risico op een specifiek
probleem.
Ev. aan deze subgroep diagnostische testen aanbieden