100% satisfaction guarantee Immediately available after payment Both online and in PDF No strings attached 4.2 TrustPilot
logo-home
Summary

Samenvatting Uitgebreide uitwerking hoorcolleges Intensieve Zorg (IZ)

Rating
3.0
(1)
Sold
7
Pages
59
Uploaded on
23-01-2022
Written in
2021/2022

In deze samenvatting staan mijn uitwerkingen van de doelstellingen van de colleges van het blok intensieve zorg. Dit is blok 1 of 2 van leerjaar 2 van de HBO-V aan Hogeschool Viaa. De uitwerkingen bevatten soms ook aantekeningen en zijn over het algemeen vrij uitgebreid. In het bestand staan de volgende colleges: - HC Anesthesie (BS2, week 2) - HC Darmaandoeningen en Colitis Ulcerosa (BS2, week 1) - HC Epilepsie (BS2, week 2) - HC Gastles Wondzorg (BS2, week 1) - HC Intensieve zorg en andere culturen (BS2, week 7) - HC Intensieve zorg in de psychiatrie (BS2, week 2) - HC Missie, Visie en strategie (BS2, week 2) - HC Moreel beraad (BS2, week 4) - HC Oncologie en mammacarcinoom (BS2, week 7) - HC Onderzoeksmethodiek (BS2, week 4) - HC Palliatieve zorg en stervensfase (BS2, week 6) - HC Triple-C (BS2, week 5) - HC Verlieservaring bij ouders (BS2, week 5) - HC Zingeving en ethiek in ziekte, lijden en sterven (BS2, week 6) - HC Zorgtechnologie (BS2, week 5)

Show more Read less
Institution
Course











Whoops! We can’t load your doc right now. Try again or contact support.

Written for

Institution
Study
Course

Document information

Uploaded on
January 23, 2022
Number of pages
59
Written in
2021/2022
Type
Summary

Subjects

Content preview

HC Intensieve zorg samengevoegd

Dit bestand bevat mijn uitwerkingen (en soms aantekeningen) van de doelstellingen van de colleges van het
blok Intensieve Zorg (IZ) in leerjaar 2 van de HBO-V aan Hogeschool Viaa. Het bevat de volgende colleges:

Inhoud
HC Anesthesie (BS2, week 2).............................................................................................................................2
HC Darmaandoeningen en Colitis Ulcerosa (BS2, week 1).................................................................................8
HC Epilepsie (BS2, week 2)...............................................................................................................................18
HC Gastles Wondzorg (BS2, week 1)................................................................................................................23
HC Intensieve zorg en andere culturen (BS2, week 7).....................................................................................26
HC Intensieve zorg in de psychiatrie (BS2, week 2)..........................................................................................29
HC Missie, Visie en strategie (BS2, week 2).....................................................................................................34
HC Moreel beraad (BS2, week 4).....................................................................................................................36
HC Oncologie en mammacarcinoom (BS2, week 7).........................................................................................37
HC Onderzoeksmethodiek (BS2, week 4).........................................................................................................39
HC Palliatieve zorg en stervensfase (BS2, week 6)...........................................................................................42
HC Triple-C (BS2, week 5)................................................................................................................................45
HC Verlieservaring bij ouders (BS2, week 5)....................................................................................................50
HC Zingeving en ethiek in ziekte, lijden en sterven (BS2, week 6)...................................................................53
HC Zorgtechnologie (BS2, week 5)...................................................................................................................57

,HC Anesthesie (BS2, week 2)
Aantekeningen:

Anesthesie en geschiedenis:

 Iemand valt in een diepe slaap. Iemand weet even van niks. Pijnstilling is ook nodig, alleen slapen is
niet voldoende.
 Bloeddruk meten, saturatie is van de laatste 100 jaar.
 Tegenwoordig:
• Veel veiligere middelen: minder toxisch, minder bijwerkingen, beter op maat, nauwkeurige
doseringen;
• Meer technieken/kennis: meer bewaking, meer hulpmiddelen, lokale anesthesie.
• Ontwikkelingen volgen zichzelf razendsnel op.
 Vervolg op hierboven:
• Tegenwoordig wordt iedereen nog geopereerd, het kan vrijwel altijd. Je krijgt ook steeds
ziekere patiënten op de OK en je hebt dus ook steeds nieuwere apparatuur nodig.
• Waarom is alleen slaapmiddel niet genoeg? Omdat het lichaam zijn reflexen op pijn dan
behoudt. Ook je hartslag en bloeddruk verhogen zich. Dat is voor lange tijd niet goed.
 Narcose:
• Bestaat uit 3 belangrijke pijlers:
o Hypnotica: slaapmiddelen
o Pijnstillers;
o Spierverslappers: dit wordt aan sommige patiënten gegeven. Alle patiënten die narcose
krijgen stoppen met ademhalen. Patiënten moeten beademd worden tijdens de operatie,
intubatie. Als je geen spierverslappers geeft, kom je niet langs de stembanden. Het kan
ook met een soort masker dat je in de keel drukt, daarbij hoef je niet langs de stembanden
en hoef je dus ook niet spierverslappers te geven.
 Keuze: bij een geplande operatie wordt er vaker het maskertje gebruikt, omdat
iemand dan nuchter is. Tenzij de operatie risico’s met zich meebrengt,
voornamelijk bij operaties aan het buikgebied. De intubatie gebruik je als je 100%
zeker wil weten dat er niets in de luchtpijp terecht komt.
• Bestaat uit 3 fases:
o Inleiden: iemand valt in slaap;
 Iemand valt rustig in slaap. Medicatie moet inwerken, allerlei handelingen moeten
verricht worden. In die tijd doen de medewerkers heel veel.
o Onderhouden: iemand in slaap houden;
 Tijdens de operatie kunnen er veel dingen gebeuren. De medewerker is
voortdurend bezig om de patiënt te monitoren.
 Je kijkt naar: of de patiënt slaapt, de hartslag, bloeddruk. Als de bloeddruk stijgt,
door onbewust pijn bijvoorbeeld, dan geef je pijnstilling bij.
 Bij een bloeding moet je kijken of je bloed bij moet geven, pijnstilling geven,
medicatie geven, etc.
 Het doel is stabiel houden.
o Uitleiden: iemand wakker maken;
 De laatste fase is de fase van de huid sluiten enz. Dan gaat de
anesthesiemedewerker geen medicatie meer geven. Het ideale is dat de patiënt
wakker wordt als de chirurg precies klaar is.
• Benodigdheden om narcose te kunnen geven:
o Medicatie:
o Apparatuur:
o Bewaking:
• Info:

, o Als iemand niet nuchter is, en de operatie kan uitgesteld worden, dan wordt het
uitgesteld. Puur uit veiligheid.
o Als mogelijk altijd onder narcose intuberen, anders is het niet prettig. Als ze twijfelen of ze
het binnen krijgen na de narcose, doen ze het als iemand nog wakker is.

Medicatie:

 Standaard medicatie:
o Ter voorbereiding op de algehele of regionale anesthesie (premedicatie)
o Om algehele anesthesie te geven;
 Ondersteunende medicatie / bestrijding complicaties:
o Hoef je niet volledig te leren, zie ppt voor lijstj
 Altijd noodmedicatie achter de hand

Apparatuur:

 Beademingsapparatuur:
o Beademingstoestel
o Beademingsset;
o Verdampers
o Sodalime (CO2-absorber);
 Aanvoer gassen:
o Zuurstof, lucht, vacuüm;
 Verwarmingsapparatuur:
o Infuusverwarmer;
o Warm-air.
o Een patiënt doet niets, dus die koelt af. De bloedstolling is afhankelijk van temperatuur. Dus
als een patiënt te koud wordt, dan stolt het bloed.
 Bewakingsapparatuur:
o Electrocardiogram
o Bloeddruk
o Saturatie
o Temperatuur
o Eventueel aangevuld met:
 Centraal veneuze druk;
 Pulmonaal druk;
 Cardiac output;
 BIS
 Meting spierverslapping.

Ruggenprik:

 Locale anesthesie:
o Bijvoorbeeld tandarts of verwijderen van een wratje;
o Intraveneuze lokale anesthesie
 Regionale anesthesie:
o Ruggenprik:
 Spinale anesthesie: alle operaties onder de navel. Hoger dan stop je met ademhalen.
Je voelt niets meer en je kan niet meer bewegen. Hele dunne naald. Er komt liquor uit.
 Epidurale anesthesie: dikkere naald, o.a. voor zwangere vrouwen. Je blijft voor de
dura, en tapt dus geen hersenvocht. Je hebt wel het indirecte pijnstillende effect, maar
de kunnen wel bewegen. Slangetje blijft zitten, pijn kan gegeven worden. Het is ook
goed bij (terminale) oncologische patiënten of bij postoperatieve buikpijn.
o Plexus anesthesie:

,  Brachialisblokkade: zenuwen verdoven. Hierbij kun je de o.a. de arm, hand en
schouder verdoven.
 Femoraalblokkade: zelfde alleen dan bij je knieholte.
o Retrobulbaire anesthesie:

Anesthesieverpleegkundige:

 Werk samen met de anethesioloog. Je zorgt ervoor dat hij zijn werk kan doen.
 Verzorgen en begeleiden van de patiënt. Je begeleidt ze op de lichamelijke, psychologische en sociale
aspecten. Tijdens de operatie stel je ze bijvoorbeeld gerust.
 Ondersteuning verlenen voor, tijdens en na het toedienen van een plaatselijke of algehele
anesthesietechniek of behandeling
o Vooruit lopen op handelingen van de anesthesist;
o Klaarmaken en (aan)geven van medicatie en infusievloeistoffen;
o Benodigde instrumenten/materialen klaarleggen, aangeven en gebruiken;
o Aansluiten en instellen bewakingsapparatuur en beademingsapparatuur;
o Bewaken van de patiënt: observeren, analyseren, adequaat reageren en rapporteren;
o Uitvoeren van specifieke verpleegkundige handelingen.
 Overige taken:
o Zorgdragen voor het vervoer van patiënten binnen het OK-complex;
o Leerlingbegeleiding;
o Apparatuurbeheer;
o Materiaalbeheer;
o Medicatiebeheer;
o Protocollenbeheer;
o Pijnteam;
o Traumaopvang / MMT
 Doorgroeimogelijkheden:
o Sedatiepraktijkspecialist;
o Preoperatieve screening: gezond genoeg om narcose te krijgen?

ABCDE(FG):

A. Airway:
a. Is de luchtweg vrij? Controleer de mondholten. Hoor je bijgeluiden?
B. Breathing:
a. Aan- of afwezig? Kwaliteit van de ademhaling. Welke hulpmiddelen worden gebruikt?
Saturatie?
C. Circulation:
a. Hartfrequentie, bloeddruk, bloedverlies, hemoglobine, infusie, urineproductie.
D. Disability:
a. Hoe is het bewustzijn? Wat heeft invloed gehad op het bewustzijn? Heeft iemand pijnstillers of
een slaapmiddel gehad?
E. Environment:
a. Alles aan en rondom de patiënt. Katheters, drains, temperatuur, sondes.
F. Full set of vital signs:
a.
G. Get help (SBARR):
a. S: Situation / situatie: vertel wie je bent, over wie het gaat en wat het probleem is
b. B: Background / bijkomend / achtergrond (volgens de ABCDE)
c. A: Assessment / analyse: analyseer de situatie
d. R: Recommendation / respons: wat wil je
e. Read back / repeteer / herhaal: herhaal wat je van de arts gehoord heb, voor de zekerheid

Reviews from verified buyers

Showing all reviews
3 year ago

3.0

1 reviews

5
0
4
0
3
1
2
0
1
0
Trustworthy reviews on Stuvia

All reviews are made by real Stuvia users after verified purchases.

Get to know the seller

Seller avatar
Reputation scores are based on the amount of documents a seller has sold for a fee and the reviews they have received for those documents. There are three levels: Bronze, Silver and Gold. The better the reputation, the more your can rely on the quality of the sellers work.
natasjavandestreek Hogeschool Viaa
Follow You need to be logged in order to follow users or courses
Sold
118
Member since
4 year
Number of followers
61
Documents
18
Last sold
7 months ago
Uitgebreide samenvattingen door Natasja :)

Mijn samenvattingen zijn erg uitgebreid, want dat is hoe ik werk en leer. Ik heb met mijn samenvattingen nog nooit een onvoldoende gescoord, en al mijn cijfers waren rond de 8. Ik werk de samenvattingen niet meer bij, waardoor ze dus kunnen verschillen van het huidige studiemateriaal. Let dus goed op de datum en weet wat je koopt :)

4.1

29 reviews

5
10
4
14
3
4
2
0
1
1

Recently viewed by you

Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Frequently asked questions