Ellen Van Gool
Academiejaar 2021-2022
PSYCHOLOGISCHE BASISVAARDIGHEDEN
VOOR GESPREK EN BEGELEIDING
COLLEGE 1: INTRODUCTIE + AANDACHTIG LUISTEREN
INTRODUCTIE
Basishouding: betrokken en welwillend neutraal kijken en luisteren
- Onverdeelde aandacht: alle aandacht gaat naar dat wat in het gesprek aan bod komt
- Welwillende interesse: open houding, willen helpen, weinig oordelend
- Authentieke nieuwsgierigheid: een nieuwsgierigheid die past in een hulpverlenende
relatie
Basisinstrumentarium van de hulpverlener:
- Elk aanbod (programma of interventie) is slechts werkzaam wanneer ze in een goede
werkrelatie wordt aangeboden
- Veronderstelt een goede receptieve basishouding voor een actieve en bij de persoon
(en diens vraag) passende hulpverlening
Luisteren, een leerproces?
- Elk kind leert luisteren, weliswaar op verschillende manieren
o Oprecht en geïnteresseerd in zich opnemen wat de ander vertelt
o Gehoorzamend en angstig doen wat de ander vraagt
- Oprecht luisteren wordt verfijnd doorheen latere goede relaties
o Aanvankelijk vooral familieleden, leerkrachten, …
o Uiteindelijk in peer-relaties met siblings en vrienden
- Hulpverlener
o Oefenen en verfijnen van de vaardigheden
o Leren hanteren van de vaaridgheden binnen een specifieke context en relatie
o Tegen de achtergrond van groeiende theoretische bagage: geeft meer richting
aan luisteren en bepaalt welke vragen je zal stellen
Startpunt van elke hulpverlening: open, aandachtig en met milde nieuwsgierighuid luisteren
- Open: neem in je op wat de ander echt vertelt
- Aandachtig: schenk gedetailleerde aandacht aan het verhaal van de ander
, - Mild nieuwsgierig: vraag je af wat de ander precies bedoelt, waarom deze de dingen
ziet en ervaart zoals hij/ze verwoordt
Het belang van gehoord en gezien te worden:
- Essentieel voor iemands gevoel van identiteit (‘ jij betekent iets’, ‘jij bent iemand’)
- Helpt om stil te staan bij en te ontdekken wat je zelf denkt en/of voelt
- Helpt bij het verwerken van een ervaring
à bevordert persoonlijke groei
à gezien willen worden gaat ontwikkelingspsychologisch vooraf aan gehoord willen worden:
- Non-verbale en verbale communicatiekanalen blijven steeds samen aan de orde, al
wijzigt de verhouding tussen beide doorheen de ontwikkeling
o Nonverbale communicatie is de eerst vorm van communicatie
o Daarom ligt de klemtoon bij kinderen op gezien willen worden
TECHNISCHE ASPECTEN VAN LUISTEREN
Het externe kader: tijd en ruimte
- Creëer een passende ruimte, die de luisterhouding faciliteert en de
expressiemogelijkheden van de ander ondersteunt
o Ruim en beschikbaar
o Rustig en ongestoord
o Vertrouwelijk
- Van kort tot duurzaam: een crisisgesprek vergt een ander kader dan een begeleiding
van meerdere gesprekken
,Interne voorwaarden: ruimte in je hoofd
- Met een eigen vol hoofd, kan je niet luisteren
- Zorg dragen voor je persoonlijke ingesteldheid
o Even stilstaan: ben ik rustig genoeg? Kan ik mijn volle aandacht schenken?
o Maak je hoofd leeg (5 minuutjes-truc, wandeling, verplaats even, …)
o Laat je niet afleiden (vb. gesprek met collega over andere cliënt)
o Zoek naar een focus op de cliënt (vb. nota’s herlezen van vorig gesprek)
Aandacht tot uiting brengen
à De luisterhouding vertelt veel over de ingesteldheid
- Oogcontact en gelaatsexpressie
o Te weinig oogcontact: geeft gevoel dat je niet geïnteresseerd bent
o Te veel oogcontact: kan de relatie ongemakkelijk maken
- Paralinguale aspecten
o Stemgebruik en spreeksnelheid
o Vocale aanmoedigingen (Mhm, ja, …)
o Stilte
o Taalgebruik afstemmen op de ander
- Lichaamshouding
- Gebruik van de ruimte
Elementen van een goede luisterhouding:
- Richt je op het ritme van de cliënt
- Laat de persoon uitspreken
- Pas het taalgebruik aan
o Leeftijd
o Sociale achtergrond
o Cognitieve en verstandelijke capaciteiten
- Gebruik meta-communicatie om je aanpassing te duiden (‘dit was misschien
vakjargon’, ‘in mensentaal wil het zeggen dat …’)
Specifieke vaardigheden bij het luisteren
- Aandacht richten op de cliënt én op je eigen reacties ten aanzien van de cliënt
o Wat denk en voel ik nu?
o Je persoonlijk rugzakje een plaats geven
§ Blinde vlekken = kwetsbare thema’s die je confronteren met iets uit je
eigen leven dat je nog niet verwerkt hebt
§ Belang om deze goed te herkennen en te leren hanteren
- Het verwerken van manifeste/expliciete en latente communicatie
, o Incongruenties tussen
§ Verbaal en non-verbaal (vb. lacht maar vertelt iets treurig)
§ Binnen het verbale (vb. onverschillige maar toch steeds aanhalen)
- Patronen en thema’s
o Patronen: zich herhalende gevoelens, thema’s of gedragingen
o Thema’s: gehelen van ideeën, overtuigingen
Het gebeuren en de affectieve kleur van een verhaal:
Elk verhaal omvat …
- Het gebeurde, de ervaring waarvan je het verloop kan beschrijven
- De betekenis die de ervaring heeft gekregen
o Wat de ene persoon leuk/lastig/… is anders dan wat iemand anders
leuk/lastig/… vindt
o Dit is het materiaal waarmee men als hulpverlener aan de slag gaat
Metaforen en symbolen
- Metafoor = beeldspraak
o Geeft een beleving of affect weer
o Brengt je vaak dichter bij hoe iets ervaren wordt
o Helpt om een aspect op ‘treffende’ wijze te vatten
- Ontwikkelingsperspectief: kinderen zetten, alvorens ze abstracte gevoelswoorden
begrijpen en gebruiken, wel symbolen en metaforen in. Volwassenen blijven dit ook
integreren in hun taal.
- Een metafoor of symbool heeft voor een indivdu vaak een heel eigen betekenis
gekregen
o Betekenis is gekleurd door cultuur, familiale context en persoonlijke
geschiedenis
o Het is belangrijk om open te staan voor de betekenis die deze metaforen en
symbolen voor de cliënt zelf hebben à niet verwachten dat universeel zijn en
voor ons allen dezelfde betekenis hebben
- 2 mogelijke fouten
o Te concreet of letterlijk opvatten
o Te ervaluerend of normerend beluisteren
Academiejaar 2021-2022
PSYCHOLOGISCHE BASISVAARDIGHEDEN
VOOR GESPREK EN BEGELEIDING
COLLEGE 1: INTRODUCTIE + AANDACHTIG LUISTEREN
INTRODUCTIE
Basishouding: betrokken en welwillend neutraal kijken en luisteren
- Onverdeelde aandacht: alle aandacht gaat naar dat wat in het gesprek aan bod komt
- Welwillende interesse: open houding, willen helpen, weinig oordelend
- Authentieke nieuwsgierigheid: een nieuwsgierigheid die past in een hulpverlenende
relatie
Basisinstrumentarium van de hulpverlener:
- Elk aanbod (programma of interventie) is slechts werkzaam wanneer ze in een goede
werkrelatie wordt aangeboden
- Veronderstelt een goede receptieve basishouding voor een actieve en bij de persoon
(en diens vraag) passende hulpverlening
Luisteren, een leerproces?
- Elk kind leert luisteren, weliswaar op verschillende manieren
o Oprecht en geïnteresseerd in zich opnemen wat de ander vertelt
o Gehoorzamend en angstig doen wat de ander vraagt
- Oprecht luisteren wordt verfijnd doorheen latere goede relaties
o Aanvankelijk vooral familieleden, leerkrachten, …
o Uiteindelijk in peer-relaties met siblings en vrienden
- Hulpverlener
o Oefenen en verfijnen van de vaardigheden
o Leren hanteren van de vaaridgheden binnen een specifieke context en relatie
o Tegen de achtergrond van groeiende theoretische bagage: geeft meer richting
aan luisteren en bepaalt welke vragen je zal stellen
Startpunt van elke hulpverlening: open, aandachtig en met milde nieuwsgierighuid luisteren
- Open: neem in je op wat de ander echt vertelt
- Aandachtig: schenk gedetailleerde aandacht aan het verhaal van de ander
, - Mild nieuwsgierig: vraag je af wat de ander precies bedoelt, waarom deze de dingen
ziet en ervaart zoals hij/ze verwoordt
Het belang van gehoord en gezien te worden:
- Essentieel voor iemands gevoel van identiteit (‘ jij betekent iets’, ‘jij bent iemand’)
- Helpt om stil te staan bij en te ontdekken wat je zelf denkt en/of voelt
- Helpt bij het verwerken van een ervaring
à bevordert persoonlijke groei
à gezien willen worden gaat ontwikkelingspsychologisch vooraf aan gehoord willen worden:
- Non-verbale en verbale communicatiekanalen blijven steeds samen aan de orde, al
wijzigt de verhouding tussen beide doorheen de ontwikkeling
o Nonverbale communicatie is de eerst vorm van communicatie
o Daarom ligt de klemtoon bij kinderen op gezien willen worden
TECHNISCHE ASPECTEN VAN LUISTEREN
Het externe kader: tijd en ruimte
- Creëer een passende ruimte, die de luisterhouding faciliteert en de
expressiemogelijkheden van de ander ondersteunt
o Ruim en beschikbaar
o Rustig en ongestoord
o Vertrouwelijk
- Van kort tot duurzaam: een crisisgesprek vergt een ander kader dan een begeleiding
van meerdere gesprekken
,Interne voorwaarden: ruimte in je hoofd
- Met een eigen vol hoofd, kan je niet luisteren
- Zorg dragen voor je persoonlijke ingesteldheid
o Even stilstaan: ben ik rustig genoeg? Kan ik mijn volle aandacht schenken?
o Maak je hoofd leeg (5 minuutjes-truc, wandeling, verplaats even, …)
o Laat je niet afleiden (vb. gesprek met collega over andere cliënt)
o Zoek naar een focus op de cliënt (vb. nota’s herlezen van vorig gesprek)
Aandacht tot uiting brengen
à De luisterhouding vertelt veel over de ingesteldheid
- Oogcontact en gelaatsexpressie
o Te weinig oogcontact: geeft gevoel dat je niet geïnteresseerd bent
o Te veel oogcontact: kan de relatie ongemakkelijk maken
- Paralinguale aspecten
o Stemgebruik en spreeksnelheid
o Vocale aanmoedigingen (Mhm, ja, …)
o Stilte
o Taalgebruik afstemmen op de ander
- Lichaamshouding
- Gebruik van de ruimte
Elementen van een goede luisterhouding:
- Richt je op het ritme van de cliënt
- Laat de persoon uitspreken
- Pas het taalgebruik aan
o Leeftijd
o Sociale achtergrond
o Cognitieve en verstandelijke capaciteiten
- Gebruik meta-communicatie om je aanpassing te duiden (‘dit was misschien
vakjargon’, ‘in mensentaal wil het zeggen dat …’)
Specifieke vaardigheden bij het luisteren
- Aandacht richten op de cliënt én op je eigen reacties ten aanzien van de cliënt
o Wat denk en voel ik nu?
o Je persoonlijk rugzakje een plaats geven
§ Blinde vlekken = kwetsbare thema’s die je confronteren met iets uit je
eigen leven dat je nog niet verwerkt hebt
§ Belang om deze goed te herkennen en te leren hanteren
- Het verwerken van manifeste/expliciete en latente communicatie
, o Incongruenties tussen
§ Verbaal en non-verbaal (vb. lacht maar vertelt iets treurig)
§ Binnen het verbale (vb. onverschillige maar toch steeds aanhalen)
- Patronen en thema’s
o Patronen: zich herhalende gevoelens, thema’s of gedragingen
o Thema’s: gehelen van ideeën, overtuigingen
Het gebeuren en de affectieve kleur van een verhaal:
Elk verhaal omvat …
- Het gebeurde, de ervaring waarvan je het verloop kan beschrijven
- De betekenis die de ervaring heeft gekregen
o Wat de ene persoon leuk/lastig/… is anders dan wat iemand anders
leuk/lastig/… vindt
o Dit is het materiaal waarmee men als hulpverlener aan de slag gaat
Metaforen en symbolen
- Metafoor = beeldspraak
o Geeft een beleving of affect weer
o Brengt je vaak dichter bij hoe iets ervaren wordt
o Helpt om een aspect op ‘treffende’ wijze te vatten
- Ontwikkelingsperspectief: kinderen zetten, alvorens ze abstracte gevoelswoorden
begrijpen en gebruiken, wel symbolen en metaforen in. Volwassenen blijven dit ook
integreren in hun taal.
- Een metafoor of symbool heeft voor een indivdu vaak een heel eigen betekenis
gekregen
o Betekenis is gekleurd door cultuur, familiale context en persoonlijke
geschiedenis
o Het is belangrijk om open te staan voor de betekenis die deze metaforen en
symbolen voor de cliënt zelf hebben à niet verwachten dat universeel zijn en
voor ons allen dezelfde betekenis hebben
- 2 mogelijke fouten
o Te concreet of letterlijk opvatten
o Te ervaluerend of normerend beluisteren