→ Paragraaf 0 Introductie
→ Mensen veranderen voortdurend, zowel lichamelijk als geestelijk.
→ Tussen het eerste en het vierde levensjaar vormt de persoonlijkheid zich.
→ De grootste veranderingen vinden plaats op 60 jarige leeftijd, in de pubertijd en na het 70
ste levensjaar.
→ Tijdens de late volwassenheid en de ouderdom nemen lichamelijke vermogens af, het
leeftempo gaat achteruit en men kan zich nog maar op één ding concentreren.
→ Ouderdom varieert heel erg, sommige mensen worden sneller oud dan andere.
→ De gemiddelde levensverwachting voor mannen is 80,2 jaar, voor vrouwen is dat 83,3
jaar.
, → Paragraaf 1 De pasgeborene
Na de geboorte moet de baby van de ademhaling via de foetale bloedsomloop meteen
overschakelen op ademhaling via de eigen longen. De longen ontplooien zich en de
bloedsomloop gaaf volledig functioneren.
Ademhaling bij pasgeborene:
1. Er gaan impulsen naar de tussenribspieren die de borstkas verruimen
2. Bloed wordt door de longen aangezogen
3. Bloed stroomt via de longaders vooral naar de linkerboezem
4. De bloeddruk in de linkerboezem stijgt, daardoor wordt de klep van het foramen
ovale dichtgedrukt.
5. De klep van het foramen ovale groeit dicht.
→ Tussen de rechterboezem en de linkerboezem bevindt zich voor de geboorte een
doorgang (foramen ovale)
Ductus Botalli:
Bloedvat tussen de longslagader en de aorta, dit bloedvat zorgt ervoor dat het bloed in de
longslagader direct naar de aorta gaat. Bij de geboorte groeit dit bloedvat dicht, zodat het
bloed naar de longen gaat.
Bloedsomloop voor de geboorte:
1. Het babyhart pompt gemengd (zuurstofrijk + zuurstofarm) bloed via de aorta naar de
twee navelstrengslagaders (aftakkingen van de twee beenslagaders).
2. Het bloed gaat via de navelstreng naar de placenta, waar het zuurstof en
voedingsstoffen opneemt.
3. Het bloed stroomt weer terug naar het kind via de navelstrengader.
4. De navelstreng splitst zich in het kind uit, in de poortader en de holle ader. Via de
poortader komt het bloed in de lever.
→ Bij de geboorte worden navelstreng bloedvaten afgebonden en afgeknipt. De bloedvaten
vergroeien tot bindweefselstrengen.
→ Het hart is voor de geboorte het grootste orgaan, omdat andere organen nog niets
hoeven te doen.
→ Na de geboorte en vijf minuten later wordt de algemene conditie van de pasgeborene
vastgesteld. Dit wordt gedaan aan de hand van kleine testjes op vijf factoren. Reactie op
prikkels, hartslagfrequentie, ademhaling, spierspanning en de doorbloeding. Dit noemen we
de apgarscore.