100% satisfaction guarantee Immediately available after payment Both online and in PDF No strings attached 4.2 TrustPilot
logo-home
Summary

Arbeids- en Organisatiepsychologie Samenvatting

Rating
-
Sold
-
Pages
29
Uploaded on
16-03-2015
Written in
2011/2012

Samenvatting van 29 pagina's voor het vak Arbeids- en Organisatiepsychologie aan de HvA

Institution
Course









Whoops! We can’t load your doc right now. Try again or contact support.

Written for

Institution
Study
Course

Document information

Uploaded on
March 16, 2015
Number of pages
29
Written in
2011/2012
Type
Summary

Content preview

A&O – College 1
Competentie: Bij het begrip competentie gaat het niet alleen om specifieke kennis en om
vaardigheden die nodig zijn voor een goede uitvoering van het werk. Ook spelen
capaciteiten, persoonlijkheidseigenschappen en motieven een belangrijke rol.

Het patroon van karakteristieke gedachten, gevoelens en gedragingen waarmee de ene
persoon zich van de andere persoon onderscheidt en dat relatief constant blijft in de tijd en in
verschillende situaties, wordt persoonlijkheid genoemd.

Big five (persoonlijkheidstest)
Extraversie (vs. Introversie): extraverte mensen kunnen veen prikkels aan, zijn
spraakzaam, spontaan en uitbundig.
Vriendelijkheid (vs. Onvriendelijkheid): Vriendelijke mensen zijn mild, goedhartig,
inschikkelijk en vreedzaam. Zijn gericht op behoeften en belangen van andere mensen.
Zorgvuldigheid (vs. Gemakzucht): Zorgvuldige mensen zijn nauwgezet, ordelijk, stipt en
zorgvuldig.
Emotionele stabiliteit (vs. Neuroticisme): Emotioneel stabiele mensen zijn onverstoorbaar
en koelbloedig. Zij kunnen problemen van zich af zetten en zijn zeer stressbestendig.
Openheid voor ervaringen (vs. Afsluiten voor nieuwe ervaringen): Mensen die
openstaan voor ervaringen zijn fantasierijk, creatief en reflectief.

Voor de individuele medewerker is zelfinzicht belangrijk om de juiste keuzes te kunnen
maken bij het kiezen voor een beroep of voor loopbaan en verdere ontwikkeling. Daarnaast
kunnen de scores op de Big Five worden gebruikt om tijdens een selectieprocedure te
kunnen vaststellen wat de juiste persoon is voor een bepaalde functie.

Attitude: Een attitude is een redelijk stabiele houding die iemand heeft ten opzichte van
andere (groepen) mensen, gedragingen, objecten of ideeën.  zetten aan tot gedrag

Cognitieve overwegingen: De voor en nadelen over een bepaald onderwerp overwegen.

Affectieve of emotionele overwegingen: Gevoel laten meespelen bij een keuze.

Meestal geven emotionele overwegingen de doorslag voor een keuze.

Gedragsintentie: Een attitude levert een neiging op om bepaald gedrag te vertonen. Of
iemand die neiging omzet tot gedrag, is afhankelijk van meerdere factoren.


Attitude


Sociale invloed Intentie Gedrag


Eigen
effectiviteit
Cognitieve dissonantie: Mensen kunnen onrust ervaren als hun attitudes of gedragingen
tegenstrijdig zijn. Bijvoorbeeld; weten dat roddelen slecht is maar het toch doen. Cognitieve
dissonantie veroorzaakt onrust en spanning.

Ruilrelatie: De medewerker draagt bij aan het bereiken van organisatiedoelen door zijn
inbreng te geven. De organisatie stelt daar waardevolle opbrengsten tegenover.

, Inbreng Opbrengsten
Tijd Salaris en secundaire
arbeidsvoorwaarden
Inspanning Interessant werk
Kennis Sociale contacten
Vaardigheden Waardering en status
Sociale steun Opleiding, training en
loopbaanperspectief

Wederzijdse afhankelijkheid: Individu en organisatie hebbe elkaar wederzijds nodig
om doelen te bereiken.

Gedeeltelijke betrokkenheid: Het is mogelijk dat iemand zijn zijn vrije tijd allerlei
bestuurservaring in het vrijwilligerswerk op doet en zich ontwikkelt tot een
uitstekende voorzitter. Hierbij gebruikt een medewerker niet alleen zijn tijd voor de
organisatie maar ook een gedeelte voor zijn kennis en vaardigheden.

Betrokkenheid volgens Etzioni:
1. Dwang: betrokkenheid onder dwang (leger/gevangenis)
2. Nut: De bijdragen van de medewerkers leiden tot de opbrengsten die de
organisatie verschaft.
3. Normen en waarden: De bijdragen van de medewerkers komen tot stand op
grond van ideologische of religieuze overwegingen (politieke organisatie)

Instrumentele houding
 Werk is middel, geen doel.
 Zuiver economische redenen
 Persoonlijke betrokkenheid laag
 Scherpe scheiding tussen werk en privé

Centrale levensinteresse volgens Dubin: Betrokkenheid geeft mate aan waarin
iemand zich verbonden voelt. Mensen voor wie werk centraal staat, voelen zich
nauwer betrokken bij organisatie. Er is dus samenhang tussen positie die iemand
inneemt en iemands houding (attitude) t.o.v. werk:
 Hogere positie
 Uitdaging
 Verantwoordelijkheid

Arbeidssatisfactie (Locke): De mate waarin iemand het werk en de
werkomstandigheden als plezierig of prettig ervaart
 Kenmerken van het werk
 Sociale omgeving: Gevormd door collega’s en leidinggevenden
 Beloning: verhouding tussen werk en beloning

Billijkheid: Redelijke verhouding tussen inspanning en opbrengsten.
$4.22
Get access to the full document:

100% satisfaction guarantee
Immediately available after payment
Both online and in PDF
No strings attached

Get to know the seller
Seller avatar
adindalala
3.0
(1)

Get to know the seller

Seller avatar
adindalala Hogeschool van Amsterdam
Follow You need to be logged in order to follow users or courses
Sold
9
Member since
10 year
Number of followers
8
Documents
6
Last sold
9 year ago

3.0

1 reviews

5
0
4
0
3
1
2
0
1
0

Recently viewed by you

Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Frequently asked questions