100% satisfaction guarantee Immediately available after payment Both online and in PDF No strings attached 4.2 TrustPilot
logo-home
Summary

Samenvatting Economie Jong & Oud LWEO 4e druk

Rating
-
Sold
-
Pages
8
Uploaded on
18-10-2021
Written in
2020/2021

Samenvatting van de lesbrief Jong & Oud van LWEO 4e druk

Level
Course









Whoops! We can’t load your doc right now. Try again or contact support.

Written for

Institution
Secondary school
Level
Course
School year
4

Document information

Uploaded on
October 18, 2021
Number of pages
8
Written in
2020/2021
Type
Summary

Subjects

Content preview

Economie Jong en Oud
1 School of baantje
1.2 samenwerken of niet

We maken voortdurend keuzes. De gevolgen daarvan zijn soms moeilijk te zien, omdat andere hier
ook invloed op hebben. Meestal zijn er 4 uitkomsten mogelijk. Stel 2 zussen moet hun gezamenlijke
kamer opruimen. Als ze beide niet opruimen, zij ze 60 min bezig met hun spullen zoeken. Als ze beide
opruimen zijn ze 30 min bezig. Als de een wel opruimt en de ander niet, is de een 10 min en de ander
70 min kwijt. Als 1 persoon opruimt, is de ander de meelifter. Als ze beide opruimen is het zo klaar.
Toch gebeurt dit niet. Dit komt omdat niet opruimen de dominante strategie is, de voordeligste
strategie die iemand kiest onafhankelijk van wat de ander kiest. De samenwerking komt niet tot
stand als beide voor de dominante strategie kiezen. Dit is het gevangenendillemma.

1.3 de levensfasen

Er zijn 3 levensfasen: kinderfase, ouderfase, grootouderfase. Deze 3 fasen zorgen voor elkaar. Ouders
zorgen voor hun kinderen en kinderen zorgen voor hun oudere ouders.
De keuze van de generaties hebben gevolgen voor de keuzemogelijkheden voor de volgende
generatie.

2 De jeugd
2.1 het prille begin

Als klein kind heb je nog weinig keuzes te maken. Pas als je ouder wordt, kun je keuzes maken zoals
welke sport je wilt doen, naar welke school je wilt etc.

2.2 kinderjaren

Het nemen van kinderen heeft economische gevolgen. Vaak werken ouders allebei en gaan de
kinderen naar de opvang. Hiervoor hoeven de ouders niet alles te betalen. Als ze in loondienst
werken betaald de werkgever mee, ook de overheid betaald mee. Hoe lager het inkomen, hoe hoger
de bijdrage van de overheid. Naarmate de kinderen ouder worden, moeten de ouders ook vaak meer
betalen. Hier wordt ook rekening mee gehouden bij de kinderbijslag. Hoe ouder het kind, hoe hoger
de kinderbijslag.

2.3 de eerste eigen middelen

Vaak ontvangen kinderen zakgeld van hun ouders. Ook ontvangen ze vaak kleedgeld en belgeld.
Hierdoor zijn de kinderen afhankelijk van hun ouders. Naarmate ze ouder worden, kunnen ze een
eigen bron van inkomen ontwikkelen en gaan werken. Hiermee ontvangen ze loon en bouwen ze
werkervaring op. Hierdoor zijn jongeren minder afhankelijk van hun ouders.

2.4 consumeren en sparen

Je kunt je inkomen consumeren of sparen. Bij consumeren geeft je je geld uit aan je behoeften. Het
bedrag dat je niet consumeert, spaar je. Je stelt de consumptie uit.
Jongeren sparen niet veel. Dit komt omdat hun inkomen laag is en ze vaak veel behoeften hebben.
Daardoor word er vaak geld geleend, je haalt de consumptie naar voren.
Stromen en voorraden
Inkomen is een voorbeeld van een stroomgrootheid. Deze meet je over een periode. Spaargeld en
schuld zijn voorraadgrootheden. Deze kun je op een bepaald moment meten.

, Ruilen over de tijd
Als je spaart, stel je de consumptie uit. Als je geld leent, haal je de consumptie naar voren. Er is
sprake van ruilen over tijd.
Als je geld leent, moet je rente betalen.
Als je geld spaart, ontvang je rente. Naast de hoogte van de rente, speelt ook prijsstijging en
verwachte prijsstijging een rol.

Aan het eind van de middelbare school, moet je een keuze maken, werken of leren. Als je ervoor
kiest om te gaan werken, verdien je al vroeg geld. Als je ervoor kiest om door te gaan leren, moet je
vaak eerst een lening afsluiten om de studie te kunnen betalen. Als de studie is afgerond, heb je kans
op een hoger inkomen.

2.5 studeren

Tot 18 jaar is de middelbaar onderwijs gratis. Als je gaat studeren schieten de kosten omhoog.
Studenten hebben vaak niet een hoog genoeg inkomen omdat ze ook nog naar school moeten. Ze
kunnen lenen bij de overheid voor relatief weinig rente: het sociaal leenstelsel. Ook kunnen
studenten met ouders met een laag inkomen nog een tegemoetkoming krijgen

3 Werken en belasting betalen
3.1 aan het werk

Je kunt werken in loondienst of bij de overheid of als zelfstandig ondernemer. Als je in loondienst
werkt, ontvang je loon of salaris. Als je zelfstandig bent, is dit de winst. Over elk inkomen moet
belasting en sociale premies worden betaald. Je betaald premies om verzekerd te zijn tegen
financiële gevolgen van onverwachte gebeurtenissen.
Of je nou in loondienst werkt of zelfstandige bent, elke keuze heeft voor- en nadelen. Als zelfstandige
kijkt niemand je op de vinger, wel is er grote onzekerheid over financiering en verdiensten. Als je
voor de overheid werkt, zijn er weinig carrièremogelijkheden.

3.2 in loondienst

Er zijn verschillende vormen van inkomen: loon, winst, rente, pacht en huur. Over deze inkomens
moet er belasting en premies betaald worden.
Inkomen uit arbeid, loon. Je krijgt te maken met het betalen van belasting. Er wordt loonheffing
geheven. De loonheffing bestaat uit loonbelasting en premies volksverzekeringen. Dit houdt de
werkgever in op de loon. Door de algemene heffingskorting hoef je niet te veel belasting te betalen.
Dit is afhankelijk van de hoogte van je inkomen. Ook is er ouderenkorting. Door de heffingskorting
hoeven mensen met een heel laag inkomen geen loonheffing te betalen. Als er te vele loonheffing is
ingehouden, kun je dit bedrag terugvragen bij de belastingdienst.
Het belastingpercentage stijgt als de inkomens stijgen.
Van de brutoloon wordt een bedrag ingehouden. Wat je daarna overhoudt, is je nettoloon.
Loonheffing bestaat uit loonbelasting en premie volksverzekeringen. De loonheffing is een voorschot
op de inkomensheffing die achteraf per jaar wordt vastgesteld. De premie volksverzekeringen wordt
betaald voor o.a. De AOW. De premies voor de werknemersverzekeringen worden betaald door de
wekgever. Je kunt er ook nog voor kiezen om premies te betalen voor een aanvullend pensioen.
Berekening inkomensheffing
Bruto jaarinkomen – aftrekposten = belastbaar inkomen
De inkomensheffing wordt berekend over het belastbaar jaarinkomen. Dit wordt berekend aan de
hand van de 4 belastingschijven. Hoe hoger het inkomen, hoe hoger het belastingpercentage. De
eerste en tweede schijf bestaat uit inkomstenbelasting en premie volksverzekeringen. De derde en
$5.40
Get access to the full document:

100% satisfaction guarantee
Immediately available after payment
Both online and in PDF
No strings attached

Get to know the seller
Seller avatar
veerleg1

Get to know the seller

Seller avatar
veerleg1
Follow You need to be logged in order to follow users or courses
Sold
6
Member since
4 year
Number of followers
6
Documents
15
Last sold
3 year ago

0.0

0 reviews

5
0
4
0
3
0
2
0
1
0

Recently viewed by you

Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Frequently asked questions