100% satisfaction guarantee Immediately available after payment Both online and in PDF No strings attached 4.6 TrustPilot
logo-home
Summary

Samenvatting Specifieke zorggroepen deeltoets 4

Rating
-
Sold
3
Pages
89
Uploaded on
06-10-2021
Written in
2020/2021

Volledige samenvatting Specifieke zorggroepen deeltoets 4

Institution
Course











Whoops! We can’t load your doc right now. Try again or contact support.

Written for

Institution
Study
Course

Document information

Uploaded on
October 6, 2021
Number of pages
89
Written in
2020/2021
Type
Summary

Subjects

Content preview

Specifieke zorggroepen deeltoets 4

Cyclus 19
Nunez.
H1. Wat is cultuur en wat is interculturele communicatie?

Inleiding
 Cultuur is erg van invloed op onze manier van communicatie

Cultuur: zichtbaar en onzichtbaar
 Cultuur is een soort ui:
o Buitenste laag -> tastbare zaken/artefacten
 Zichtbare laag (kleding, voeding, etc.)
 Handig om te weten, maar er is meer belangrijk bij interculturele
communicatie
o Middelste laag -> normen en waarden
 Geschreven en ongeschreven standaarden voor correct en gewenst gedrag
 Niet zo zichtbaar als artefacten, duurt langer voor je ze opmerkt
o Binnenste laag -> basiswaarden
 Abstract en onzichtbaar
 Voor 7e levensjaar aanwezig
 Je bent je niet bewust van de invloed die de basiswaarden hebben op het
doen en laten
 Bij de interculturele communicatie is het belangrijk om:
o Achter de basiswaarden van je eigen cultuur te komen
 Dan kom je erachter welke invloed dit heeft op je communicatie
o De basiswaarden van de andere cultuur te leren herkennen
 Maakt communicatie creatieveren en effectiever -> culturele synergie

Definitie van cultuur
 Hofstede -> collectieve mentale programmering van de menselijke geest

Culturele programmering
 Programmering is aanleren, gebeurt via:
o Opvoeding
 Aangeleerd van ouders
o Socialisatie
 Door omgang met anderen
o Normen en waarden
 Worden aangeleerd door de cultuur. Hier niet aan voldoen geeft een
ongemakkelijk gevoel, hier wel volgens handelen geeft goed gevoel
o Waarnemingen
 Waarnemingen helpt bij bewust en onbewust keuzes maken over hoe te
gedragen
 Culturele programmering leidt alsnog niet tot allemaal dezelfde mensen
 3 lagen van programmering (piramide, van basis tot top):
o Menselijke natuur (je hebt honger, je wilt eten)
o Cultuur (netjes om te eten met mes en vork)
o Individu (ik eet liever zonder mes en vork)



1

,Culturen en subculturen
 Lijst van mogelijke subculturen:
o Werelddeel
o Land
o Etnische cultuur
o Regio
o Stad of platteland
o Geloof
o Sociale klasse
o Geslacht
o Leeftijd
o Beroep
o Hobby
o Bedrijfscultuur
 Verschillende culturen kunnen wel overlap hebben
o Regionale cultuur kan een landelijke cultuur doen vergeten
 Goede aansturing van multiculturele teams kan leiden tot een erg creatief team
o Slechte aansturing kan ook veel problemen geven

Interculturele communicatie
 Stroomschema communicatie:
o Zender bedenkt inhoud boodschap en codeert deze tot uiteindelijke boodschap (taal,
gebaren, etc.)
o Boodschap verzonden via medium -> geschreven, gesproken, etc.
o Ontvanger ontvangt de boodschap en decodeert deze
o Tijdens coderen en decoderen kan er ruis optreden:
 Externe ruis -> daadwerkelijke herrie
 Interne ruis -> andere dingen aan je hoofd
 Culturele ruis -> culturele programmering beïnvloedt de boodschap

H2. Intercultureel communiceren met de zes basiswaarden van Hall
1. Communicatie in hoog- en laag-context-culturen
 Gaat over hoeveel er tijdens de communicatie uit de context wordt gehaald

Laag-context-cultuur
 Kenmerken communicatie:
o Expliciet
o Gestructureerd
o Met woorden, direct en letterlijk
o Persoonlijke relaties worden gecompartimentaliseerd, blijven binnen die
compartimenten
o Beginnen met kern, later pas bijzaken
 Mensen die daarin met elkaar omgaan hebben graag gedetailleerde achtergrondinformatie
van elkaar
 In Nederland is dit de meest gebruikte communicatiestijl

Hoog-context-cultuur
 Kenmerken:
o Deel van de boodschap zit in de persoon zelf
o Deel van de boodschap zit in context van de boodschap

2

, o Weinig expliciet (woorden), veel impliciet (non-verbaal)
o Grote gemeenschappen en brede netwerken
o Persoonlijke en zakelijke relaties stromen in elkaar over
o Beginnen met context, daarna pas naar kern toewerken
o Soms figuurlijk
 Context:
o Historische achtergrond
o Relatie
o Status
o Sfeer
o Tijd van de dag
o Plaats

Misverstanden door te veel of te weinig context
 Lage context komt voor mensen uit hoge-context-cultuur over als ‘met de deur in huis vallen’
o Te veel informatie -> vernederend
 Hoge context komt voor mensen uit lage-context-cultuur over als ‘vaag en te veel randzaken’
o Te weinig informatie -> onduidelijk, buitensluitend

Geografische verdeling van laag- en hoog-context-culturen
 Laag-context-culturen:
o Noordwest Europa -> NL, GB, Duitsland, Zwitserland, Scandinavië
o Noord Amerika -> VS en Engels sprekende deel Canada
o Australië
o Nieuw Zeeland
 Midden-context-culturen:
o Midden Europa
o Oost Europa
 Hoog-context-culturen:
o Zuid Europa
o Landen rondom Middellandse Zee
o Midden Oosten
o Azië
o Afrika
o Latijns Amerika

Subculturen en verschillen in context
 In multiculturele samenlevingen kan het zijn dat iemand thuis een hoge-context heeft maar
op school/werk de lage-context van NL
 Noord Nederland is meer laag-context, Zuid Nederland meer hoog-context
 Vrouwen zijn meer hoog-context
 Ouderen zijn meer hoog-context
 Individuele ervaringen hebben invloed op je vorm van context-communicatie

Communiceren vanuit een hoog- en laag-context-cultuur
 Vanuit laag-context naar hoog-context:
o Eenvoudiger uitleggen neemt alleen nog maar meer context weg, dus dit niet doen
als iemand het niet begrijpt
o Vaak is plaats noemen (extra context) al genoeg



3

, 2. Monochrone en polychrone tijdsbeleving
 Groot struikelblok in interculturele communicatie
 Monochroon -> 1 ding tegelijk doen
 Polychroon -> meerdere dingen tegelijk doen

Monochrone cultuur
 Kenmerken:
o Lange lijn (lineair)
o In segmenten verdeeld zoals een agenda -> compartimentaliseren
 Maakt het mogelijk je aan een plan te houden
o Tijd is haast tastbaar
o Wordt over tijd gepraat alsof het geld is -> je kan het verspillen, iets kost tijd
o Worden niet graag onderbroken -> niet beleefd en niet efficiënt
 Landen:
o NL
o Noordwest Europese landen
o Angelsaksische landen

Polychrone cultuur
 Kenmerken:
o Tijd beweegt zich ruimtelijk, in alle richtingen
o Kunnen meerdere dingen tegelijk
o Relaties behouden belangrijker dan tijd (gesprek niet afkappen)
o Tijd is rekbaar, past zich aan de behoefte aan
o Geen problemen met onderbrekingen
o Snelheid van werken is afhankelijk van hoe goed de relatie is
o Plannen kunnen vaak omgegooid worden, zijn geen problemen mee
 Landen:
o Zuid Europa
o Latijns Amerika
o Middellandse Zee gebied
o Midden Oosten
o Afrika
o Azië

Werken volgens een monochrone en polychrone tijdsbeleving
 Polychroon kan overkomen als:
o Onbeleefd
o Chaotisch
o Onbetrouwbaar
 Polychroon kan echter juist veel mogelijkheden bieden
 Monochroon kan overkomen als:
o Inflexibel
o Inefficiënt
o Planmatig
o Koud
 Monochroon kan echter veel waardering geven van collega’s en leiden tot meer ontspanning
omdat werk vaker op tijd af is


4

Get to know the seller

Seller avatar
Reputation scores are based on the amount of documents a seller has sold for a fee and the reviews they have received for those documents. There are three levels: Bronze, Silver and Gold. The better the reputation, the more your can rely on the quality of the sellers work.
MMCvD Rijksuniversiteit Groningen
Follow You need to be logged in order to follow users or courses
Sold
65
Member since
4 year
Number of followers
22
Documents
18
Last sold
2 year ago

4.7

3 reviews

5
2
4
1
3
0
2
0
1
0

Recently viewed by you

Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Frequently asked questions