Bijeenkomst 7
Boeken: A+F H18
Hoorcollege
Leer de plaatjes goed → kijken hoe een nier micro is opgebouwd
Bijnieren zijn hormoonklieren, hele andere organen dan nieren
ze hebben ontdekt dat er bijna alleen maar vrouwelijke kikkers in waterleidingduinen, door
hormonen van de pil
Leerdoelen
1. De onderdelen van het urinaire stelsel benoemen en de drie belangrijkste functies van het
stelsel beschrijven.
Functies
1) excretie, de verwijdering van organische afvalstoffen uit lichaamsvloeistoffen;
2) eliminatie, de lozing van deze afvalstoffen naar buiten;
3) homeostatische regeling van het volume en de concentratie opgeloste stoffen in het
bloedplasma.
Functies:
• Verwijderen afvalstoffen uit bloed
• Regelen bloedvolume & bloeddruk
• Regelen concentratie ionen
• Regelen pH bloed
• Invloed op kalkhuishouding
Invloed op aanmaak van erytrocyten door het maken van het hormoon EPO
2. De plaats en structurele kenmerken van de nieren beschrijven, de weg van het bloed
volgen naar de nier, in en uit een nier en de structuur van een nefron beschrijven.
,Plaats nieren
De nieren zitten aan weerszijden van de
wervelkolom tussen de laatste borst- en
derde lendenwervel. De rechternier ligt
vaak iets lager en beide liggen ze tussen
de spieren van de dorsale lichaamswand
en de bekleding van de buikholte,
retroperitoneaal positie, want de
organen liggen achter het peritoneum.
De nieren worden op hun plaats
gehouden door:
• het bovengelegen buikvlies;
• contact met aangrenzende
organen
• ondersteunende bindweefsels
Structuele kenmerken nieren
Een kwart van één nier is voldoende voor een ‘normaal’ leven
Een gemiddelde nier van een volwassene is roodbruin en ongeveer 10 cm
lang, 5,5 cm breed en 3 cm dik. De nieren hebben geen lymfevaten.
Nier bestaat uit miljoen kleine niertjes: nefron. Mooi gerangschikt als je hem
doorsnijd zie je 3 lagen
Buitenste nierschors (cortex): gekorrelt/ gespikkeld, beging nefron → sterk
gekronkelde gedeeltes
Binnenste niermerg (medulla): is gerangschikt in 6-18 nierpiramiden, deze zijn
gestreept door lange buisjes→ urinebuisjes
Nierkelken: evenveel als nierpiramide → vang de urine op
Weg van bloed naar/in/uit nier
Tekening
,Structuur van nefron
Zie tekening
Glomerulus → bloedvaten met zelfde druk als in aorta
Kapsel van bowman → opvangen van voorurine 180 Liter per dag
Nierlichaampje → maken van voorurine → ultrafiltratie
Eerste sterke kronkel: proximale tubulus contortus → worden water met goede stoffen terug
gehaald → reabsorptie
Lus van Henle → alleen maar water wordt uitgescheiden → concentratie
Tweede sterke kronkel: distale tubulus contortus → het uitwisselen van ionen → excretie
Verzamelbuis
De twee delen zijn erg gekronkeld omdat de oppervlakte te vergroten
Woestijn dieren hebben een langere buis van Henle om meer water terug te kunnen opnemen
, Het bloed is na de glomerulus erg dik en geconcentreerd omdat er zo veel bloed uit is. Na de twee
lussen wordt het verneusd bloed.
Elk nefron maakt maar heel weinig urine per dag, minder dan 1 druppel
Boeken: A+F H18
Hoorcollege
Leer de plaatjes goed → kijken hoe een nier micro is opgebouwd
Bijnieren zijn hormoonklieren, hele andere organen dan nieren
ze hebben ontdekt dat er bijna alleen maar vrouwelijke kikkers in waterleidingduinen, door
hormonen van de pil
Leerdoelen
1. De onderdelen van het urinaire stelsel benoemen en de drie belangrijkste functies van het
stelsel beschrijven.
Functies
1) excretie, de verwijdering van organische afvalstoffen uit lichaamsvloeistoffen;
2) eliminatie, de lozing van deze afvalstoffen naar buiten;
3) homeostatische regeling van het volume en de concentratie opgeloste stoffen in het
bloedplasma.
Functies:
• Verwijderen afvalstoffen uit bloed
• Regelen bloedvolume & bloeddruk
• Regelen concentratie ionen
• Regelen pH bloed
• Invloed op kalkhuishouding
Invloed op aanmaak van erytrocyten door het maken van het hormoon EPO
2. De plaats en structurele kenmerken van de nieren beschrijven, de weg van het bloed
volgen naar de nier, in en uit een nier en de structuur van een nefron beschrijven.
,Plaats nieren
De nieren zitten aan weerszijden van de
wervelkolom tussen de laatste borst- en
derde lendenwervel. De rechternier ligt
vaak iets lager en beide liggen ze tussen
de spieren van de dorsale lichaamswand
en de bekleding van de buikholte,
retroperitoneaal positie, want de
organen liggen achter het peritoneum.
De nieren worden op hun plaats
gehouden door:
• het bovengelegen buikvlies;
• contact met aangrenzende
organen
• ondersteunende bindweefsels
Structuele kenmerken nieren
Een kwart van één nier is voldoende voor een ‘normaal’ leven
Een gemiddelde nier van een volwassene is roodbruin en ongeveer 10 cm
lang, 5,5 cm breed en 3 cm dik. De nieren hebben geen lymfevaten.
Nier bestaat uit miljoen kleine niertjes: nefron. Mooi gerangschikt als je hem
doorsnijd zie je 3 lagen
Buitenste nierschors (cortex): gekorrelt/ gespikkeld, beging nefron → sterk
gekronkelde gedeeltes
Binnenste niermerg (medulla): is gerangschikt in 6-18 nierpiramiden, deze zijn
gestreept door lange buisjes→ urinebuisjes
Nierkelken: evenveel als nierpiramide → vang de urine op
Weg van bloed naar/in/uit nier
Tekening
,Structuur van nefron
Zie tekening
Glomerulus → bloedvaten met zelfde druk als in aorta
Kapsel van bowman → opvangen van voorurine 180 Liter per dag
Nierlichaampje → maken van voorurine → ultrafiltratie
Eerste sterke kronkel: proximale tubulus contortus → worden water met goede stoffen terug
gehaald → reabsorptie
Lus van Henle → alleen maar water wordt uitgescheiden → concentratie
Tweede sterke kronkel: distale tubulus contortus → het uitwisselen van ionen → excretie
Verzamelbuis
De twee delen zijn erg gekronkeld omdat de oppervlakte te vergroten
Woestijn dieren hebben een langere buis van Henle om meer water terug te kunnen opnemen
, Het bloed is na de glomerulus erg dik en geconcentreerd omdat er zo veel bloed uit is. Na de twee
lussen wordt het verneusd bloed.
Elk nefron maakt maar heel weinig urine per dag, minder dan 1 druppel