100% satisfaction guarantee Immediately available after payment Both online and in PDF No strings attached 4.6 TrustPilot
logo-home
Summary

Samenvatting Inleiding Strafrecht (B-Cluster)

Rating
-
Sold
-
Pages
13
Uploaded on
16-09-2021
Written in
2020/2021

Samenvatting van alle stof voor het vak Inleiding Strafrecht + aantekeningen van de colleges.

Institution
Course









Whoops! We can’t load your doc right now. Try again or contact support.

Written for

Institution
Study
Course

Document information

Uploaded on
September 16, 2021
Number of pages
13
Written in
2020/2021
Type
Summary

Subjects

Content preview

ISTR Week 1
- Legaliteitsbeginsel
➢ Artikel 1 Wetboek van Strafrecht: geen feit is strafbaar dan uit kracht van een daaraan
voorafgegane wettelijke strafbepaling.
• Lex Scripta
❖ Wettelijke strafbepaling; alleen dan is een gedrag strafbaar; WIFZ & WIMZ
(dus: APV mag wel)
• Verbod van terugwerkende kracht
❖ De wettelijke bepaling moet al bestaan op het moment van het plegen van
het strafbare feit
• Lex Certa/Bepaaldheidsverbod
- Bepalingen moeten duidelijk zijn (HR Onbehoorlijk Gedrag)
• Verbod van analogie
- Rechter mag de wet niet te ruim uitleggen: interpretatiemethoden
➔ Basis voor alle strafbare feiten



- Interpretatiemethoden: voor het uitleggen van niet geheel duidelijke bepalingen in de wet
1. Wetshistorische interpretatie
2. Grammaticale interpretatie
3. Systematische interpretatie
4. Teleologische interpretatie



- Strafbepalingen: voldoen aan art. 1 Sr
➢ Om bepaald gedrag strafbaar te stellen, zal de wetgever strafbepalingen maken.
➢ Deze strafbepalingen zijn gemaakt op de basis die het legaliteitsbeginsel voor ons heeft
gelegd en voor strafbaarstelling moeten ze aan de regels van het legaliteitsbeginsel voldoen.
➢ Deze strafbepalingen in ons Wetboek van Strafrecht zien er steeds ongeveer hetzelfde uit.

- Alle strafbepalingen zijn gebaseerd op het legaliteitsbeginsel en hebben dus dezelfde basis.
1. Delictsomschrijving: wat is het strafbaar gestelde gedrag? Omschrijving hiervan
• Bestaat uit bestanddelen
❖ Voorbeeld: artikel 287 Sr → Hij die opzettelijk een ander van het leven
berooft, wordt, als schuldig aan doodslag, gestraft met gevangenisstraf van
ten hoogste vijftien jaren of geldboete van de vijfde categorie.
2. Kwalificatie: de naam van het strafbare feit
❖ Voorbeeld: artikel 287 Sr → Hij die opzettelijk een ander van het leven
berooft, wordt, als schuldig aan doodslag, gestraft met gevangenisstraf van
ten hoogste vijftien jaren of geldboete van de vijfde categorie.
3. Strafmaat: maximaal op te leggen straf
• Dit is niet de straf die de verdachte krijgt, maar het maximum tot waar de rechter
mag gaan in zijn vrije beoordeling van wat voor straf de verdachte verdient.
❖ Voorbeeld: artikel 287 Sr → Hij die opzettelijk een ander van het leven
berooft, wordt, als schuldig aan doodslag, gestraft met gevangenisstraf van
ten hoogste vijftien jaren of geldboete van de vijfde categorie.

, - het strafproces: art. Sv
➢ 348 Sv:
1. Is de dagvaarding geldig?
• De officier heeft de bestanddelen in de TLL opgenomen, zodat de verdachte weet
waarvan hij verdacht wordt.
2. Is de rechter bevoegd?
3. Is de officier van justitie ontvankelijk?
4. Zijn er redenen voor schorsing?



➢ 350 Sv:
1. Kan de TLL worden bewezen?
• Bij deze vraag worden alle bestanddelen besproken en moeten deze worden
bewezen met het bewijs dat de officier in de zaak heeft verzameld en aan de rechter
heeft gepresenteerd.
2. Kan het feit worden gekwalificeerd?
3. Is de verdachte strafbaar?
4. Welke straf wordt opgelegd?




- Bestanddelen zie je bij art. 348 1e vraag: de dagvaarding & bij art. 350 1e vraag: tll bewijzen:
bestanddelen worden besproken.

- Elementen: ongeschreven voorwaarden voor strafbaarheid
➢ Wederrechtelijkheid (HR Dreigbrief): rechtvaardigingsgronden nemen de wederrechtelijkheid
weg. Het gedag moet in strijd zijn met het recht
➢ Verwijtbaarheid: schulduitsluitingsgronden nemen de verwijtbaarheid weg. Kunnen we de
verdacht zijn gedrag verwijten? Geen straf zonder schuld.
➔ Vraag 3: art. 350 Sv → OVAR (ontslag van alle rechtsvervolging). De twee elementen horen
hier thuis: wederrechtelijkheid en verwijtbaarheid. Deze worden niet ‘bewezen’ maar
aanwezig verondersteld. De rechter gaat er dus vanuit dat deze aanwezig zijn, tenzij…



- Jurisprudentie

HR Dreigbrief (HR 09-02-1971, NJ 1972, 1)

➢ Wat betekent het bestanddeel wederrechtelijk?

Aangezien verdachte volgens hemzelf recht had op het geld, was er geen sprake van een
oogmerk om zich wederrechtelijk te bevoordelen (zoals vastgelegd in de tll: art. 317 Sr).

De HR oordeelt als volgt over deze vraag: (zie O. dat de middelen ook overigens geen doel
kunnen treffen)
‘’Dat indien requirant inderdaad etc. ‘’dat het Hof heeft kunnen afleiden niet alleen, dat
requirant bevoordeling heeft beoogd, doch eveneens, nu hetgeen requirant tot het behalen
van die beoogde bevoordeling heeft verricht van zodanige aard is en op zodanige wijze is
$6.35
Get access to the full document:

100% satisfaction guarantee
Immediately available after payment
Both online and in PDF
No strings attached

Get to know the seller
Seller avatar
LBrouwer

Get to know the seller

Seller avatar
LBrouwer Hogeschool Arnhem en Nijmegen
Follow You need to be logged in order to follow users or courses
Sold
0
Member since
4 year
Number of followers
0
Documents
7
Last sold
-

0.0

0 reviews

5
0
4
0
3
0
2
0
1
0

Recently viewed by you

Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Frequently asked questions