SOCIOLOGIE- W. WEYNS
Julie Van der Mueren
, Julie Van der Mueren
Hoofdstuk 1: Sociologische verbeelding
1.1 Het 'sociologisch bewustzijn' is tamelijk recent
• Het is makkelijker om verafgelegen zaken (vb: de sterren) wetenschappelik te
benaderen, dan zaken die dicht nij ons staan
o Hierdoor kwamen de menswetenschappen pas later
• Sociologie : onderzoekt de sociale voorwaarden waaronder men 'mens' wordt
1.2 De sociologische verbeelding ontstond in crisistijden
• Waarom duurde het zo lang?
• Natuurlijke distantie ontbreekt
§ Sociologie bestudeert onderwerpen die je niet makkelijk kan objectiveren
§ = iets tot object / voorwerp maken waar je afstand van kan nemen, zodat je
het kan bestuderen
§ Mensen maken zichzelf niet graag tot object van de wetenschap
§ De maatschappij zit in ons (bepaalt onze identiteit)
§ Het drinkt ook door in ons lichaam (vb: een ritme in ons hongergevoel)
§ Hierdoor is het zo moeilijk om een afstandelijke, objectieve huding aan te
nemen t.o.v de samenleving
• Sociologie ontluistert en wekt weerstand op
• Ontluisteren = de uitstraling van iemand wegnemen
• Mensen zijn geneigd zich beter voor te doen dan ze zijn
• Een objectieve, rationele analyse van het menselijk gedrag wekt vaak weestand op
• Vaak voelen de machtigen of de leden van de elite zich bedrijgd door de sociologische
waarheid
o Ze zijn bang dat de waarheid er voor zorgt dat ze hun bevoorrecht positie kwijtspelen
o Sociologie = subversief (ontmaskert)
§ Socioloog gelooft alleen in wat het onderzoek hem oplevert
§ Kan enkel gedijen in een democratische samenleving
• In sommige landen mag je niet zeggen wat je wil over bv de paus
• Socioloog = ontdekkingsreiziger (Peter Berger)
• Deze houding moet je kunnen aannemen t.o.v de eigen samenleving
• Du Bois
• Eerste zwarte amerikaanse socioloog
• Ongelijkheid en racisme
• Stond tegelijk binnen en buiten de samenleving
• Hij leefde in een samenleving waar hij niet in toe behoord
• Leverde Geweldige sociologische inzichten
• Ontheemden ervaren de wereld vaak als onwerkelijk ipv een scherp inzicht te
ontwikkelen
• Belangrijkste ontsteker van sociologische verbeelding : de samenleving bekijken door de
ogen van vreemden
• Montesquieu
• Voorloper van de sociologie
• 2 perzen waren erg verbaasd over de levenswijze van de Fransen
• Het sociologisch bewustzijn wordt geprikkeld door crisis
• Het is niet eenvoudig de ingrijpende veranderingen te overzien, omdat ze nog lang niet ten
einde zijn
, Julie Van der Mueren
1.3 De twee 'revoluties'
• De vuurbeheersing zorgde voor een omslag van de machtbeheersing in de natuur
o Voor het vuur was de mens kwetsbaar, omdat men niet opkon tegen
roofdieren
Van landbouw naar indsustrie: De opkomst van de industriële maatschappij
• De neolithische revolutie
• Rontrekkende jagers en verzamelaars vestigden zich
• Akkers bewerken (landbouw)
• Eigendom ontstond doordat mensen zich grondgebied toe eigenden
• Steden + staten ontwikkelden
o Er was nood aan een complexe arbeidsdeling, bestuur en rechtregels
• Men brengt oorzaken samen onder 1 noemer : The great transformation
o Ruwe vereenvoudiging
Franse Revolutie
• Politieke omwentelingen in Frankrijk
• Het volk kwam aan de macht
• Politieke modernisering en democratisering
• Vrijheid, gelijkheid en breoderlijkheid ipv de bestaande sociale orde
Industriële Revolutie
• De toepassing op grote schaal van technische innovaties, te beginnen met het
aanwenden van stoomkracht in de productie en het transport
• Begin van talrijke uitvindingen
• Fabrieken, spoorwegen, havens
• Ambachten werden vervangen door fabrieken
• De productieverhoudingen werden onpersoonlijker
• Industrialisering
• De samenleving werd doelbewust georganiseerd --> modernisering
• ZIE SCHEMA PAGINA 20 (begrippen begrijpen)
o Charismatisch: de groep verleent charisma aan leider, omdat ze in hem
geloven
o Overlevingseconomie : alles wat ze jaagden was voor directe consumptie
o Gewoonterecht: Er was geen schrift of echte wetten, maar men
herinnert zich momenten waarbij ieman gestraft werd voor iets wat hij
deed
o Animisme: alles zijn bezielde fenomenen
o Domesticatie v.d natuur : de natuur moet zich aanpassen aan ons
o Sedentair: behoefte aan regels en stabiliteit
• => sociale ongeleikheid (mensen die bezitten en mensen
die niet bezitten)
o Democratische staat: het vermogen tot verandering van leiders
o Rationeel legaal gezag: wij gehoorzamen iemand om dat de wetten
kloppen en in overeenstemming zijn met de grondwet
• Wanneer de minister een wet uit zijn duim zuigt zal hij
afgezet worden
o Traditioneel gezag: door de positie/familie waarin je geboren bent
, Julie Van der Mueren
o Stagnatie: stilstaand
• Een maatschappij bestaat uit verschillende onderdelen, wanneer je een fundamentele
verandering aanbrengt kunnen alle andere aspecten ook veranderen
1.4 intermezzo: beleefde verandering
OVERGESLAGEN IN LES , LEZEN
1.5 Het sociaal probleem als bron van de sociologische benadering
Wat is een sociaal probleem?
• Voorwaarden:
o Er moet objectief iets schelen aan het samenleven
• Armoede
• Werkloosheid
• Discriminatie
• Analfabetisme
§ Ojectieve vaststelbare feiten
o Het subjectieve component
• Vooraleer iets een sociaal probleem wordt, moeten
mensen het als problematisch ervaren
§ Vb: vroeger kon bijna niemand lezen en
schrijven, maar niemand vond dat erg
o Het collectief aspect
• Hoe meer mensen iets problematisch vinden en dit
intenser ervaren, hoe meer iets een sociaal probleem
wordt
• Wat voor de ene groep problematisch is, is dat niet voor
de andere
• Aan iedere probleem zijn verschillende kanten die door
verschillende groepen verschillend wrodt belicht
• Vb: sommige mensen vinden druggebruik een probleem,
anderen drughandel
o Oplosbaarheid Extra info toevoegen
• Sociale problemen ≠ door de overheid als problematisch
gedefinieerde toestanden
• Socioloog schenkt ook aandacht aan standpunten van
andere groepen
• Socioloog analyseert en verklaart op een afstandelijke
manier, maar betreedt het sociale veld als medespeler net
als de rest
1.6 Wright Mills over sociologische verbeelding
Pagina 26 -29 eens lezen
1.7 Twee voorbeelden van sociologische verbeelding: Compte en Spencer
August compte (1798-1857)
Julie Van der Mueren
, Julie Van der Mueren
Hoofdstuk 1: Sociologische verbeelding
1.1 Het 'sociologisch bewustzijn' is tamelijk recent
• Het is makkelijker om verafgelegen zaken (vb: de sterren) wetenschappelik te
benaderen, dan zaken die dicht nij ons staan
o Hierdoor kwamen de menswetenschappen pas later
• Sociologie : onderzoekt de sociale voorwaarden waaronder men 'mens' wordt
1.2 De sociologische verbeelding ontstond in crisistijden
• Waarom duurde het zo lang?
• Natuurlijke distantie ontbreekt
§ Sociologie bestudeert onderwerpen die je niet makkelijk kan objectiveren
§ = iets tot object / voorwerp maken waar je afstand van kan nemen, zodat je
het kan bestuderen
§ Mensen maken zichzelf niet graag tot object van de wetenschap
§ De maatschappij zit in ons (bepaalt onze identiteit)
§ Het drinkt ook door in ons lichaam (vb: een ritme in ons hongergevoel)
§ Hierdoor is het zo moeilijk om een afstandelijke, objectieve huding aan te
nemen t.o.v de samenleving
• Sociologie ontluistert en wekt weerstand op
• Ontluisteren = de uitstraling van iemand wegnemen
• Mensen zijn geneigd zich beter voor te doen dan ze zijn
• Een objectieve, rationele analyse van het menselijk gedrag wekt vaak weestand op
• Vaak voelen de machtigen of de leden van de elite zich bedrijgd door de sociologische
waarheid
o Ze zijn bang dat de waarheid er voor zorgt dat ze hun bevoorrecht positie kwijtspelen
o Sociologie = subversief (ontmaskert)
§ Socioloog gelooft alleen in wat het onderzoek hem oplevert
§ Kan enkel gedijen in een democratische samenleving
• In sommige landen mag je niet zeggen wat je wil over bv de paus
• Socioloog = ontdekkingsreiziger (Peter Berger)
• Deze houding moet je kunnen aannemen t.o.v de eigen samenleving
• Du Bois
• Eerste zwarte amerikaanse socioloog
• Ongelijkheid en racisme
• Stond tegelijk binnen en buiten de samenleving
• Hij leefde in een samenleving waar hij niet in toe behoord
• Leverde Geweldige sociologische inzichten
• Ontheemden ervaren de wereld vaak als onwerkelijk ipv een scherp inzicht te
ontwikkelen
• Belangrijkste ontsteker van sociologische verbeelding : de samenleving bekijken door de
ogen van vreemden
• Montesquieu
• Voorloper van de sociologie
• 2 perzen waren erg verbaasd over de levenswijze van de Fransen
• Het sociologisch bewustzijn wordt geprikkeld door crisis
• Het is niet eenvoudig de ingrijpende veranderingen te overzien, omdat ze nog lang niet ten
einde zijn
, Julie Van der Mueren
1.3 De twee 'revoluties'
• De vuurbeheersing zorgde voor een omslag van de machtbeheersing in de natuur
o Voor het vuur was de mens kwetsbaar, omdat men niet opkon tegen
roofdieren
Van landbouw naar indsustrie: De opkomst van de industriële maatschappij
• De neolithische revolutie
• Rontrekkende jagers en verzamelaars vestigden zich
• Akkers bewerken (landbouw)
• Eigendom ontstond doordat mensen zich grondgebied toe eigenden
• Steden + staten ontwikkelden
o Er was nood aan een complexe arbeidsdeling, bestuur en rechtregels
• Men brengt oorzaken samen onder 1 noemer : The great transformation
o Ruwe vereenvoudiging
Franse Revolutie
• Politieke omwentelingen in Frankrijk
• Het volk kwam aan de macht
• Politieke modernisering en democratisering
• Vrijheid, gelijkheid en breoderlijkheid ipv de bestaande sociale orde
Industriële Revolutie
• De toepassing op grote schaal van technische innovaties, te beginnen met het
aanwenden van stoomkracht in de productie en het transport
• Begin van talrijke uitvindingen
• Fabrieken, spoorwegen, havens
• Ambachten werden vervangen door fabrieken
• De productieverhoudingen werden onpersoonlijker
• Industrialisering
• De samenleving werd doelbewust georganiseerd --> modernisering
• ZIE SCHEMA PAGINA 20 (begrippen begrijpen)
o Charismatisch: de groep verleent charisma aan leider, omdat ze in hem
geloven
o Overlevingseconomie : alles wat ze jaagden was voor directe consumptie
o Gewoonterecht: Er was geen schrift of echte wetten, maar men
herinnert zich momenten waarbij ieman gestraft werd voor iets wat hij
deed
o Animisme: alles zijn bezielde fenomenen
o Domesticatie v.d natuur : de natuur moet zich aanpassen aan ons
o Sedentair: behoefte aan regels en stabiliteit
• => sociale ongeleikheid (mensen die bezitten en mensen
die niet bezitten)
o Democratische staat: het vermogen tot verandering van leiders
o Rationeel legaal gezag: wij gehoorzamen iemand om dat de wetten
kloppen en in overeenstemming zijn met de grondwet
• Wanneer de minister een wet uit zijn duim zuigt zal hij
afgezet worden
o Traditioneel gezag: door de positie/familie waarin je geboren bent
, Julie Van der Mueren
o Stagnatie: stilstaand
• Een maatschappij bestaat uit verschillende onderdelen, wanneer je een fundamentele
verandering aanbrengt kunnen alle andere aspecten ook veranderen
1.4 intermezzo: beleefde verandering
OVERGESLAGEN IN LES , LEZEN
1.5 Het sociaal probleem als bron van de sociologische benadering
Wat is een sociaal probleem?
• Voorwaarden:
o Er moet objectief iets schelen aan het samenleven
• Armoede
• Werkloosheid
• Discriminatie
• Analfabetisme
§ Ojectieve vaststelbare feiten
o Het subjectieve component
• Vooraleer iets een sociaal probleem wordt, moeten
mensen het als problematisch ervaren
§ Vb: vroeger kon bijna niemand lezen en
schrijven, maar niemand vond dat erg
o Het collectief aspect
• Hoe meer mensen iets problematisch vinden en dit
intenser ervaren, hoe meer iets een sociaal probleem
wordt
• Wat voor de ene groep problematisch is, is dat niet voor
de andere
• Aan iedere probleem zijn verschillende kanten die door
verschillende groepen verschillend wrodt belicht
• Vb: sommige mensen vinden druggebruik een probleem,
anderen drughandel
o Oplosbaarheid Extra info toevoegen
• Sociale problemen ≠ door de overheid als problematisch
gedefinieerde toestanden
• Socioloog schenkt ook aandacht aan standpunten van
andere groepen
• Socioloog analyseert en verklaart op een afstandelijke
manier, maar betreedt het sociale veld als medespeler net
als de rest
1.6 Wright Mills over sociologische verbeelding
Pagina 26 -29 eens lezen
1.7 Twee voorbeelden van sociologische verbeelding: Compte en Spencer
August compte (1798-1857)