Privaatrecht
(Juridische Aspecten 1)
Steven Hansen
1
,Hoofdstuk 0 – Overzicht Burgerlijk Wetboek(BW) .................................................................................. 3
Hoofdstuk 1 Privaatrecht ........................................................................................................................ 4
Hoofdstuk 2 Natuurlijke personen .......................................................................................................... 8
Hoofdstuk 3 Contractuele samenwerkingsvormen ............................................................................... 13
Hoofdstuk 4 Rechtspersonen ................................................................................................................ 16
Hoofdstuk 5 Vermogensrecht in het algemeen .................................................................................... 21
Hoofdstuk 6 – Goederenrecht ............................................................................................................... 26
Hoofdstuk 7 Verbintenissenrecht.......................................................................................................... 31
Hoofdstuk 8 Onrechtmatige daad ......................................................................................................... 34
Hoofdstuk 9 Overeenkomsten Algemeen ............................................................................................. 35
Hoofdstuk 10 Verhaalsrecht – Retentie – Pand en Hypotheek............................................................. 37
Hoofdstuk 11 Koop ................................................................................................................................ 39
Hoofdstuk 12 Huur, Pacht, Lease en Timesharing ................................................................................ 43
*Tip: In deze samenvatting zijn alle belangrijke Artikelnummers rood gemaakt. Markeer deze in de
wettenbundel, dit is toegestaan tijdens het examen.
2
,Hoofdstuk 0 – Overzicht Burgerlijk Wetboek(BW)
Boek 1 – Personen- en familierecht
Natuurlijke persoon als subject [+familierecht]
Boek 2 – Rechtspersonen
Rechtspersoon als subject
Boek 3 – Vermogensrecht in het algemeen
- Rechtshandelingen - Vruchtgebruik
- Volmacht - Pand en hypotheek
- Verkrijging van bezit van goederen - Verhaalsrecht op goederen
- Bezit en ouderschap - Rechtsvorderingen
Boek 4 – Erfrecht
Op de grens van familierecht en vermogensrecht
Boek 5 – Zakelijke rechten → rechten op zaken
- Eigendom - Opstal
- Mandeligheid - Erfpacht
- Erfdienstbaarheden - Appartementsrechten
Boek 6 – Algemeen gedeelte van het verbintenissenrecht
• Verbintenissen in het algemeen
o Onrechtmatige daad
o Verbintenissen uit andere bron dan onrechtmatige daad of overeenkomst:
▪ Zaakwaarneming
▪ Onverschuldigde betaling
▪ Ongerechtvaardigde verrijking
• Titel 5 Overeenkomsten in het algemeen
Boek 7 – Bijzondere overeenkomsten
- Koop - Huurkoop onroerende zaken en woningen
- Opdracht - Huur
- Arbeidsovereenkomst - Schenking
- Aanneming van werk - Verzekering
- Goederenkrediet, koop op afbetaling,
huurkoop roerende zaken
Boek 7A – Bijzondere overeenkomsten vervolg
- Maatschap
- Bruikleen
3
, Hoofdstuk 1 Privaatrecht
1.1 Privaatrecht en Publiekrecht
Privaatrecht = regelt de betrekking en tussen:
• personen (burgers en bedrijven) onderling. Overeenkomsten etc.
• Uitgangspunt is de horizontale relatie; Partijen(burgers) zijn principieel gelijk
• Dit recht is meestal aanvullend van aard; men mag er van afwijken
Publiekrecht = regelt de verhoudingen tussen:
• Overheden onderling en hun onderdanen
• Kenmerkend is de gezagsverhouding overheid - onderdaan; verticaal
• Dit recht is dwingend van aard; men mag er niet van afwijken
1.2 Privaatrecht
Privaatrecht(ook wel burgerlijk recht of civiel recht) regelt de relatie tussen:
• Burgers onderling
• bedrijven onderling
• burgers en bedrijven
1.3 Dwingend of aanvullend / regelend recht
Dwingend recht = er mag niet worden afgeweken van een rechtsregel. Het is wettelijk dwingend
voorgeschreven hoe er gehandeld dient te worden. Het recht is imperatief
Publiekrecht = altijd dwingend recht(voorbeeld is cao, belastingregels)
Aanvullend of regelend recht = rechtsregel is niet dwingend, er mag van afgeweken worden.
Privaatrecht = vaak aanvullend recht(Je kunt zomaar iets met je buurman afspreken), bij privaatrecht
is er soms ook sprake van dwingend recht, bijvoorbeeld huurrecht, of de eigendomsoverdracht bij de
notaris.
Vormvereiste = Als een bepaalde vereiste alleen in een bepaalde vorm kan gebeuren. Ook wel een
verplichte procedure, die een voorwaarde is, om het doel te bereiken
Bijvoorbeeld de eigendomsoverdracht, dit moet d.m.v. een transportakte bij de notaris.
Huurrecht, arbeidsrecht en consumentenrecht:
Huurder wordt beschermd doordat hij niet zomaar op straat kan worden gezet
Werknemer wordt beschermd doordat het contract niet zomaar op eens kan worden opgezegd
Consument wordt bescherm door extra overeenkomsten met bedrijven.
Semi-dwingend recht = half dwingend recht. Het is partijen toegestaan, om met wederzijds
goedvinden binnen nauwe grenzen van een regeling af te wijken, meestal moet dit dan wel
schriftelijk worden vastgelegd.
Driekwart dwingend recht = Bij dit recht kan er uitsluitend van een regeling worden afgeweken,
bijvoorbeeld bij een collectieve arbeidsovereenkomst(het kan wel, maar het is zeker niet makkelijk)
1.4 Vindplaatsen van het Nederlandse privaatrecht
Materieel recht = de inhoud van het recht(niet te hard rijden)
Formeel recht = de naleving van de rechtsregels(bijv. boetes), Hoe? dus via welke procedure een
bepaald recht juridisch kan worden afgedwongen.
4