Pedagogie inhoudstabel
Legende:
- Blauw = Geeft het thema aan
- Oranje = Algemenere titel of onderdeel
- Rood = Naam hoorcollege of seminarie
- Groen, paars en zwart = geeft de inhouden weer (opgedeeld in titels en tussentitels)
Thema 4 – Complexe opvoedingssituaties: factoren op
mesoniveau
1. Gezinsvervangende settings, GES (hoorcollege 19)
1.1. Mogelijke rollen als jeugdprofessional
1.2. Professioneel opvoeden
1.2.1. Niveaus
1.2.2. Terminologie
1.2.3. niveaus volgens Kok
1.3. Leefklimaat: eerste graad
1.3.1. Niets nieuws
1.3.2. Belang
1.3.3. Componenten
1.3.4. Pedagogische uitgangspunten
Emotionele steun en sensitieve responsiviteit
Autonomie en ruimte
Structureren en grenzen stellen
Informatie geven en uitleggen
Interacties tussen jongeren begeleiden
Interacties tussen kind/jongere en ouders stimuleren en
ondersteunen
1.3.5. Open versus gesloten leefklimaat
1.3.6. Werkzame factoren
1.3.7. link met ZDT
Verbondenheid (contact)
Competentie (groei)
Autonomie
1.4. Algemeen: tweede graad
1.5. Specifiek: derde graad
1.6. Verwerking
1
, 2. Vluchtelingen (Hoorcollege 20)
2.1. Minor-Ndako binnen de Integrale Jeugdhulp
2.1.1. Verschillende modules voor NBMV
2.1.2. Voordeel van deze verschillende modules
2.1.3. Naast de modules ook andere projecten op maat van de doelgroep
2.1.4. Bijzondere positie binnen een integraal jeugdhulplandschap
2.1.5. Boeiende dynamiek en wisselwerking tussen categoriaal aanbod en
regulier aanbod:
2.1.6. Opvang en begeleiding van jonge vluchtelingen = ‘goed practice’ (op
Europees niveau)
2.1.7. Politieke/institutionele keuzes bepalen mee de kwaliliet van opvang
en begeleiding
2.2. Voorstelling van de doelgroep NBMV
2.2.1. Aandacht rond psychisch leed
2.2.2. Lijkt iets heel statisch, maar is het niet
2.3. Kaders die we gebruiken bij Minor-Ndako
2.3.1. Circle of courage
2.3.2. Uitleg bij werkkader begeleiders (basishouding)
2.3.3. Krachtgericht werken
2.3.4. Participatief werken
2.3.5. Cultuursensitief werken
2.3.6. Geweldloos verzet
2.3.7. Herstelgericht werken
2.4. Uitdagingen – toekomstperspectief
3. Regulier versus buitengewoon onderwijs (Hoorcollege 21)
3.1. Situering
3.2. Doelen
3.3. Vroeger
3.3.1. 20ste eeuw
3.3.2. 2de helft 20ste eeuw
3.3.3. Recht op onderwijs
3.4. Visie op het buitengewoon onderwijs
3.5. Zorgcontinuüm
3.6. Organisatie buitengewoon onderwijs
3.6.1. Type basisaanbod
Vroeger type 1
Vroeger type 8
2
Legende:
- Blauw = Geeft het thema aan
- Oranje = Algemenere titel of onderdeel
- Rood = Naam hoorcollege of seminarie
- Groen, paars en zwart = geeft de inhouden weer (opgedeeld in titels en tussentitels)
Thema 4 – Complexe opvoedingssituaties: factoren op
mesoniveau
1. Gezinsvervangende settings, GES (hoorcollege 19)
1.1. Mogelijke rollen als jeugdprofessional
1.2. Professioneel opvoeden
1.2.1. Niveaus
1.2.2. Terminologie
1.2.3. niveaus volgens Kok
1.3. Leefklimaat: eerste graad
1.3.1. Niets nieuws
1.3.2. Belang
1.3.3. Componenten
1.3.4. Pedagogische uitgangspunten
Emotionele steun en sensitieve responsiviteit
Autonomie en ruimte
Structureren en grenzen stellen
Informatie geven en uitleggen
Interacties tussen jongeren begeleiden
Interacties tussen kind/jongere en ouders stimuleren en
ondersteunen
1.3.5. Open versus gesloten leefklimaat
1.3.6. Werkzame factoren
1.3.7. link met ZDT
Verbondenheid (contact)
Competentie (groei)
Autonomie
1.4. Algemeen: tweede graad
1.5. Specifiek: derde graad
1.6. Verwerking
1
, 2. Vluchtelingen (Hoorcollege 20)
2.1. Minor-Ndako binnen de Integrale Jeugdhulp
2.1.1. Verschillende modules voor NBMV
2.1.2. Voordeel van deze verschillende modules
2.1.3. Naast de modules ook andere projecten op maat van de doelgroep
2.1.4. Bijzondere positie binnen een integraal jeugdhulplandschap
2.1.5. Boeiende dynamiek en wisselwerking tussen categoriaal aanbod en
regulier aanbod:
2.1.6. Opvang en begeleiding van jonge vluchtelingen = ‘goed practice’ (op
Europees niveau)
2.1.7. Politieke/institutionele keuzes bepalen mee de kwaliliet van opvang
en begeleiding
2.2. Voorstelling van de doelgroep NBMV
2.2.1. Aandacht rond psychisch leed
2.2.2. Lijkt iets heel statisch, maar is het niet
2.3. Kaders die we gebruiken bij Minor-Ndako
2.3.1. Circle of courage
2.3.2. Uitleg bij werkkader begeleiders (basishouding)
2.3.3. Krachtgericht werken
2.3.4. Participatief werken
2.3.5. Cultuursensitief werken
2.3.6. Geweldloos verzet
2.3.7. Herstelgericht werken
2.4. Uitdagingen – toekomstperspectief
3. Regulier versus buitengewoon onderwijs (Hoorcollege 21)
3.1. Situering
3.2. Doelen
3.3. Vroeger
3.3.1. 20ste eeuw
3.3.2. 2de helft 20ste eeuw
3.3.3. Recht op onderwijs
3.4. Visie op het buitengewoon onderwijs
3.5. Zorgcontinuüm
3.6. Organisatie buitengewoon onderwijs
3.6.1. Type basisaanbod
Vroeger type 1
Vroeger type 8
2