Rechtsmiddelen tentamen 21 januari 2021
Vraag A (8 punten)
a) Is gelet op de opgelegde sanctie het cassatieberoep ontvankelijk?
b) Verandert uw antwoord in enig opzicht indien het gerechtshof tevens de
onttrekking aan het verkeer van het in beslag genomen mesje had
uitgesproken?
Vraag B (8 punten)
Stel dat de conclusie van de Advocaat-Generaal het volgende inhoudt: “Namens de
verdachte wordt geklaagd over een onjuiste uitleg van de APV-bepaling. Uit het
proces-verbaal van de zitting bij het hof blijkt echter niet dat een dergelijk verweer ten
overstaan van de feitenrechter is gevoerd. Onder die omstandigheden is de klacht in
het middel tardief en kan niet tot cassatie leiden.”
Heeft de AG gelijk?
Vraag C (8 punten)
Stel dat de Hoge Raad het cassatieberoep verwerpt. Niet lang daarna blijkt de
veroordeelde met geen mogelijkheid de straf te kunnen betalen. De veroordeelde is
dakloos en de veroordeling door het Hof is een van de vele onbetaalde geldboetes
voor soortgelijke feiten op zijn vuistdikke strafblad.
Stelling: aan tenuitvoerlegging van de straf valt te ontkomen, gratie behoort immers
tot de mogelijkheden. In hoeverre is deze stelling juist?
Vraag D (8 punten)
Stel dat voordat het hof arrest wees de verdachte door de politierechter was
veroordeeld tot een identieke straf en voor hetzelfde feit. De bewezenverklaring en
de kwalificatie zijn ook identiek aan die van het Hof.
De politierechter heeft zijn bewijsbeslissing gemotiveerd door op de aantekening van
het mondeling vonnis overeenkomstig de daarvoor geldende ‘Regeling aantekening
mondeling vonnis door politierechter, kinderrechter, economische politierechter, de
kantonrechter en de enkelvoudige kamer voor behandeling van strafzaken in hoger
beroep’ slechts te verwijzen naar het proces-verbaal van bevindingen van de
verbalisant die hem heeft aangehouden en het aardappelschilmesje in beslag heeft
genomen.
Ga ervan uit dat in werkelijkheid het hof het vonnis van de politierechter heeft
vernietigd. Welke van de volgende beslissingen had het hof ook kunnen nemen?
Het hof bevestigt het vonnis.
óf
Het hof bevestigt het vonnis met aanvulling van gronden.
Motiveer waarom bevestiging ook tot de mogelijkheden behoorde en leg in uw
antwoord uit waar uw keuze uit beide alternatieven vanaf hangt.
Vraag A (8 punten)
a) Is gelet op de opgelegde sanctie het cassatieberoep ontvankelijk?
b) Verandert uw antwoord in enig opzicht indien het gerechtshof tevens de
onttrekking aan het verkeer van het in beslag genomen mesje had
uitgesproken?
Vraag B (8 punten)
Stel dat de conclusie van de Advocaat-Generaal het volgende inhoudt: “Namens de
verdachte wordt geklaagd over een onjuiste uitleg van de APV-bepaling. Uit het
proces-verbaal van de zitting bij het hof blijkt echter niet dat een dergelijk verweer ten
overstaan van de feitenrechter is gevoerd. Onder die omstandigheden is de klacht in
het middel tardief en kan niet tot cassatie leiden.”
Heeft de AG gelijk?
Vraag C (8 punten)
Stel dat de Hoge Raad het cassatieberoep verwerpt. Niet lang daarna blijkt de
veroordeelde met geen mogelijkheid de straf te kunnen betalen. De veroordeelde is
dakloos en de veroordeling door het Hof is een van de vele onbetaalde geldboetes
voor soortgelijke feiten op zijn vuistdikke strafblad.
Stelling: aan tenuitvoerlegging van de straf valt te ontkomen, gratie behoort immers
tot de mogelijkheden. In hoeverre is deze stelling juist?
Vraag D (8 punten)
Stel dat voordat het hof arrest wees de verdachte door de politierechter was
veroordeeld tot een identieke straf en voor hetzelfde feit. De bewezenverklaring en
de kwalificatie zijn ook identiek aan die van het Hof.
De politierechter heeft zijn bewijsbeslissing gemotiveerd door op de aantekening van
het mondeling vonnis overeenkomstig de daarvoor geldende ‘Regeling aantekening
mondeling vonnis door politierechter, kinderrechter, economische politierechter, de
kantonrechter en de enkelvoudige kamer voor behandeling van strafzaken in hoger
beroep’ slechts te verwijzen naar het proces-verbaal van bevindingen van de
verbalisant die hem heeft aangehouden en het aardappelschilmesje in beslag heeft
genomen.
Ga ervan uit dat in werkelijkheid het hof het vonnis van de politierechter heeft
vernietigd. Welke van de volgende beslissingen had het hof ook kunnen nemen?
Het hof bevestigt het vonnis.
óf
Het hof bevestigt het vonnis met aanvulling van gronden.
Motiveer waarom bevestiging ook tot de mogelijkheden behoorde en leg in uw
antwoord uit waar uw keuze uit beide alternatieven vanaf hangt.