Begrippen
Ecologie De wetenschap binnen de biologie die ecosystemen bestudeert.
Ecosysteem Het (complex) geheel van relaties in een levensgemeenschap tussen:
- de organismen en de abiotische omgevingsfactoren
- en tussen die organismen onderling (biotisch).
Predatie Het vangen en opeten van dieren door dieren.
Mutualisme Interactie van 2 organismen van verschillende soorten waarbij beide voordeel
hebben van die interactie.
Algenbloei Verschijnsel waarbij er ineens veel algen in het water komen, waardoor er
te weinig zuurstof in het water is en veel organismen dood gaan. µ
Biomassa Totale massa van organismen.
Pioniersecosysteem Ecosysteem dat als eerste ontstaat in een onbegroeid terrein.
Climaxvegetatie Is het eindstadium in de evoluties in vegetatie dat spontaan ontstaat in de
natuur.
Dynamiek van een De mate waarin de abiotische factoren veranderen.
ecosysteem
Successie De geleidelijke verandering van de soortensamenstelling in een levensgemeenschap.
Beheerswerken Werken door mensen of dieren die voor de vegetatie zorgen.
Plaggen Plaggen is het afsteken van de bovenste bodemlaag van de heide. Vroeger gebeurde
dat manueel door heideboeren, nu gebruiken natuurbeheerders hiervoor graaf-
machines.
Mogelijke relaties in…
Vijver:
Tussen organismen onderling:
Relatie blauwe reiger en vissen Roofdier-prooidier relatie
Tussen organismen en abiotische factoren
Te veel vissen zorgen ervoor dat het mineraalgehalte sterk stijgt door hun uitwerpselen daardoor
ontwikkelen er veel algen (algenbloei), de algen bedekken het wateroppervlak weinig licht.
Tropisch woud:
Tussen organismen onderling :
Boom en mier symbiose beide voordeel
Tussen organismen en abiotische factoren:
Hoge temperatuur en voldoende regen zorgt ervoor dat de planten goed groeien.
Ecosystemen op grote schaal