Bouw en werking huidadnexen en eigenschappen van de huid
Er zijn verschillende huidadnexen:
1. Haren
2. Zweetklieren
3. Talgklieren
4. Nagels
Adnexen zijn huidaanhangsels. Dit wordt zo genoemd omdat deze alle 4
zijn ontstaan uit epitheelweefsel.
Haren
Ontstaan uit instulpingen (= haarfollikel) van de epidermis in de dermis,
soms door tot in de subcutis. De follikel is gelegen in de dermis.
Functie van haar: afhankelijk van plek waar het haar zich bevindt. Haar op
het hoofd beschermt tegen zonnestraling en kou. Maar ook looks voor
mannen en vrouwen en kunnen enorme psychologische gevolgen geven.
Wimpers en wenkbrauwen beschermen tegen vuil en water. Haar op
armen is voor isolatie maar ook voor snel waarnemen van beestjes etc.
Ook haar in de neus: bescherming tegen beestjes en koude lucht wordt
minder koud.
Opbouw haar:
Benoem onderdelen in het plaatje:
Haarschacht: stukje haar wat uitsteekt
Haarspier (M. arrector pili): zorgt ervoor dat het haartje
rechtop steekt bij kou. Loopt tot onder basaalmembraan.
Dermale papil: waar het bloed zit, aanvoer van zuurstof
en voedingsstoffen
, Haarwortel is weer alles wat in de huid zit. 10 kan ook haarwortel zijn.
Dat groene deel is het bindweefsel
(dermis) waar de haar in zit.
Donkergele laag is de buitenste
wortelschede, dit is niet de haar zelf
maar het zakje waar de haarwortel in
zit.
Haarzakje is zelfde als haarfollikel.
Binnenste en buitenste wortelschede
vormt het haarzakje.
Haar zelf bestaat ook weer uit 3 lagen:
1. Buitenste laag is cuticula
2. Middelste laagje is cortex
3. Binnenste stukje is medulla: niet bij elke haar aanwezig. Bij dikke
haren is deze wel aanwezig.
Overzichtelijke foto:
Infundibulum: het gedeelte van de haar van de oppervlakte van de huid,
waar het overgaat in de
epidermis tot aan de
uitmonding van de
talgklier.
Isthmus: het gedeelte van
de haar tussen de
uitmonding van de
talgklier en de aanhechting
van het haarspiertje.
Suprabulaire regio:
regio van het haar tussen
de isthmus en de bulbus
Bulbus: onderste
uitgezette deel van de
haarfollikel. Reikt tot in het
subcutane vet.
Aan de onderzijde is het ingecaped, dit is de dermale papil. Deze dient
zodat de bloedvaatjes met zuurstof en voedingsstoffen mooi naar de
matrix kunnen. Ook speelt de dermale papil een rol bij de bepaling van het
follikeltype en grootte en is waarschijnlijk het primaire aangrijppunt voor
androgenen die vellushaar omzetten in terminale haren.
Er zijn verschillende huidadnexen:
1. Haren
2. Zweetklieren
3. Talgklieren
4. Nagels
Adnexen zijn huidaanhangsels. Dit wordt zo genoemd omdat deze alle 4
zijn ontstaan uit epitheelweefsel.
Haren
Ontstaan uit instulpingen (= haarfollikel) van de epidermis in de dermis,
soms door tot in de subcutis. De follikel is gelegen in de dermis.
Functie van haar: afhankelijk van plek waar het haar zich bevindt. Haar op
het hoofd beschermt tegen zonnestraling en kou. Maar ook looks voor
mannen en vrouwen en kunnen enorme psychologische gevolgen geven.
Wimpers en wenkbrauwen beschermen tegen vuil en water. Haar op
armen is voor isolatie maar ook voor snel waarnemen van beestjes etc.
Ook haar in de neus: bescherming tegen beestjes en koude lucht wordt
minder koud.
Opbouw haar:
Benoem onderdelen in het plaatje:
Haarschacht: stukje haar wat uitsteekt
Haarspier (M. arrector pili): zorgt ervoor dat het haartje
rechtop steekt bij kou. Loopt tot onder basaalmembraan.
Dermale papil: waar het bloed zit, aanvoer van zuurstof
en voedingsstoffen
, Haarwortel is weer alles wat in de huid zit. 10 kan ook haarwortel zijn.
Dat groene deel is het bindweefsel
(dermis) waar de haar in zit.
Donkergele laag is de buitenste
wortelschede, dit is niet de haar zelf
maar het zakje waar de haarwortel in
zit.
Haarzakje is zelfde als haarfollikel.
Binnenste en buitenste wortelschede
vormt het haarzakje.
Haar zelf bestaat ook weer uit 3 lagen:
1. Buitenste laag is cuticula
2. Middelste laagje is cortex
3. Binnenste stukje is medulla: niet bij elke haar aanwezig. Bij dikke
haren is deze wel aanwezig.
Overzichtelijke foto:
Infundibulum: het gedeelte van de haar van de oppervlakte van de huid,
waar het overgaat in de
epidermis tot aan de
uitmonding van de
talgklier.
Isthmus: het gedeelte van
de haar tussen de
uitmonding van de
talgklier en de aanhechting
van het haarspiertje.
Suprabulaire regio:
regio van het haar tussen
de isthmus en de bulbus
Bulbus: onderste
uitgezette deel van de
haarfollikel. Reikt tot in het
subcutane vet.
Aan de onderzijde is het ingecaped, dit is de dermale papil. Deze dient
zodat de bloedvaatjes met zuurstof en voedingsstoffen mooi naar de
matrix kunnen. Ook speelt de dermale papil een rol bij de bepaling van het
follikeltype en grootte en is waarschijnlijk het primaire aangrijppunt voor
androgenen die vellushaar omzetten in terminale haren.