Experimenteel onderzoek
De onderzoeker manipuleert de onafhankelijke variabele(n)”
Manipuleren = Systematisch ‘iets’ veranderen én vergelijken, Want dan kan ik met zekerheid iets
zeggen over causaliteit. Goed manipuleren = Verander één ding en hou de rest gelijk
Experimenten zijn nuttig om causaliteit mee te onderzoeken…
Causaliteit vaststellen
Causaliteit vaststellen: 3 voorwaarden:
1. Covariatie
= een (statistisch) verband tussen X en Y
2. Chronologie
= X gaat vooraf aan Y
3. Uitsluiten alternatieve verklaringen
= Covariatie tussen X en Y mag niet veroorzaakt worden door Z
Correlatie = geeft alleen aan dat er samenhang is, het zegt niets over de causale volgorde (eerst x
dan y, of andersom, of allebei…
Als je manipuleert heb je:
1. Covariatie
2. Chronologie
H1: Introduction, Acquiring Knowledge, and the Scientific Method
Leerdoelen
LO1.1 Vergelijk en contrasteer de niet-wetenschappelijke manieren om kennis te verkrijgen
(vasthoudendheid/tenaciteit, intuïtie, autoriteit, de rationele methode en de empirische methode).
Geef van elke methode een voorbeeld en leg de beperkingen ervan uit.
LO1.2 Identificeer en beschrijf de stappen van de wetenschappelijke methode.
LO1.3 Definieer inductie en deductie en leg de rol van elk uit binnen de wetenschappelijke methode.
LO1.4 Maak onderscheid tussen een hypothese en een voorspelling.
LO1.5 Leg uit wat bedoeld wordt met de uitspraak dat de wetenschappelijke methode empirisch,
openbaar en objectief is.
,LO1.6 Maak onderscheid tussen wetenschap en pseudowetenschap.
LO1.7 Maak onderscheid tussen kwalitatief en kwantitatief onderzoek en herken voorbeelden van
beide.
LO1.8 Identificeer en beschrijf de stappen in het onderzoeksproces.
1.1 Inleiding tot de onderzoeksmethodologie
De wetenschappelijke methode = fundamentele standaardpraktijk in de wetenschap.
Waarom zou je cursus onderzoeksmethoden volgen?
Inzicht in onderzoeksmethoden helpt --> onderzoek van anderen te begrijpen, interpreteren & kritisch
evalueren
Inzicht in onderzoeksmethoden helpt --> de waarheid te achterhalen
1.2 Methoden om kennis te verwerven & te leren kennen
Methoden om kennis te verwerven --> zijn veel manieren waarop je kennis kunt vergaren & om
antwoorden te ontdekken.
5 NIET-wetenschappelijke methoden
1. De methode van vasthoudendheid/tenacity
= we houden vast aan ideeën & overtuigingen, omdat --> ze lange tijd als feiten geaccepteerd zijn of
vanwege bijgeloof.
--> Gewoonte & bijgeloof (= overtuiging die als feit wordt beschouwd)
Geloofsvasthoudendheid = geloven in iets wat we altijd al hebben geloofd.
--> hoe vaker blootgesteld aan uitspraken, hoe meer geneigd ze te geloven
Voorbeeld: slogans herhalen als bedrijf in hoop consumenten ze accepteren als waarheid.
PROBLEEM --> verkregen info miss niet accuraat
--> er is geen methode om onjuiste ideeën te corrigeren
: zelfs met bewijs voor tegendeel --> overtuiging moeilijk veranderen
2. De methode van intuïtie
= info als waar aangenomen omdat --> “het goed aanvoelt”
Vertrouwt op je instinct om vragen te beantwoorden. Onderbuikgevoel.
--> snelste manier voor antwoorden krijgen
Vaak als --> geen info hebben
Vaak bij --> ethische of morele beslissingen
PROBLEEM --> geen mechanisme bestaat om accurate van inaccurate kennis te onderscheiden
3. De methode van autoriteit
= iemand vindt antwoorden door een autoriteit op ‘t ow te raadplegen.
--> direct expert raadplegen, naar bibliotheek of website om werken van expert te lezen.
--> vertrouwt op expertise van een ander.
Voorbeeld: googlen, boeken, mensen, tv, internet raadplegen om antwoorden te vinden!!
,Voorbeelden experts: arts, wetenschapper, psycholoog, professor, makelaar, advocaat.
Vaak --> snel & makkelijk antwoorden krijgen
PROBLEEM:
- Niet altijd accurate info --> autoriteit kan bevooroordeeld zijn
- Antwoorden expert kunnen subjectief, mening weergeven ipv echter expertise
- Gaan er vaak vanuit dat je expertise op 1 gebied kan generaliseren naar andere ow’en.
- Mensen accepteren uitspraak expert vaak gelijk (zonder juistheid controleren of andere
mening vragen)
- Mensen soms volledig vertrouwen in autoriteitsfiguur
--> dan methode van geloof (blind accepteren) = andermans visie op waarheid accepteren
zonder verifiëren
Voorbeeld: kind blind vertrouwen op antwoord ouder & religie
- Niet alle “experts” zijn experts
VERGROTEN VETROUWEN INFO AUTORITEIT:
- Bron van info evalueren (is het een expert? Zijn expertisegebied? Mening?)
- Info zelf evalueren (logisch? Consistent met andere info?)
- Tweede mening vragen van ander
Deze 3 methoden prima, zolang er geen ernstige gevolgen zijn.
4. De rationele methode
= antwoorden zoeken dmv logisch redeneren. Begint met bekende feiten/aannames & gebruik logica
om tot conclusie te komen of antwoord op vraag te krijgen.
Voorbeeld:
Een angstige ervaring met hond kan angst veroorzaken voor honden>
Amy is bang voor honden.
Amy heeft dus angstige ervaring gehad met hond.
PROBLEEM:
- Conclusie is niet per se waar, tenzij beide premissen waar (zelfs als logisch argument)
- Mensen niet heel goed in logisch redeneren
(voorbeeld is bv. Geen geldig argument)
De rede wordt als bron van kennis gebruikt.
Vereist geen directe observatie.
--> manier om waarheid vast te stellen in afwezigheid van bewijs
--> cruciaal onderdeel van de wetenschappelijke methode !!!
5. De methode van het empirisme
= probeert vragen te beantwoorden dmv directe observatie of persoonlijke ervaring.
--> alle kennis via zintuigen verworven
Voorbeeld: kinderen over t algemeen kleiner dan volwassenen, juli warmer dan december in NL, pond
biefstuk duurder dan pond hamburger.
PROBLEEM:
, - Te veel vertrouwen op eigen waarnemingen
- Vaak mensen verkeerd wereld waarnemen of interpreteren (bv. Optische illusie)
- Waarnemingen beïnvloed door --> voorkennis, verwachting, gevoel, overtuiging
- Tijdrovend
- Soms gevaarlijk --> (bv. Weten of bepaalde plant giftig is of niet)
1.3 De wetenschappelijke methode
De wetenschappelijke methode = een benadering voor verwerven van kennis. Specifieke vragen
worden geformuleerd & vervolgens systematisch antwoorden worden gevonden.
Bevat veel elementen van de eerdere methoden, om --> valkuilen van de aparte methoden te
vermijden
De wetenschappelijke methode = zorgvuldig ontwikkeld systeem voor het stellen & beantwoorden van
vragen, zodat de antwoorden die we vinden zo nauwkeurig mogelijk zijn.
Stappen wetenschappelijke methode
Stap 1 – Observeer gedrag of andere verschijnselen
Start met toevallige/informele obserevatie. Observeer wereld om je heen. Of bv. Observatie van een
ander lezen. De observatie roept vragen bij je op.
Neiging tot --> inductie
= algemene conclusie trekken obv paar specifieke voorbeelden
Stap 2 – Formuleer voorlopig antwoord of verklaring (een hypothese)
Identificeren factoren/variabelen die verband houden met de observatie.
Kies verklaring die in onderzoek geëvalueerd zal worden. Andere verklaringen worden NIET
verworpen.
Hypothese = voorlopig antwoord dat je test & kritisch wordt geëvalueerd
hypothese = algemene bewering !!!
Stap 3 – Gebruik je hypothese om een toetsbare voorspelling te genereren
Hypothese wordt toegepast op een specifieke, waarneembare situatie in de praktijk. (rationele
methode)
Voorspelling = specifieke bewering!!!
Deductie = van algemeen naar specifiek. Gebruiken hypothese als algemene premisse & bepalen de
conclusies/voorspellingen die moeten volgen als de hypothese waar is.
De onderzoeker manipuleert de onafhankelijke variabele(n)”
Manipuleren = Systematisch ‘iets’ veranderen én vergelijken, Want dan kan ik met zekerheid iets
zeggen over causaliteit. Goed manipuleren = Verander één ding en hou de rest gelijk
Experimenten zijn nuttig om causaliteit mee te onderzoeken…
Causaliteit vaststellen
Causaliteit vaststellen: 3 voorwaarden:
1. Covariatie
= een (statistisch) verband tussen X en Y
2. Chronologie
= X gaat vooraf aan Y
3. Uitsluiten alternatieve verklaringen
= Covariatie tussen X en Y mag niet veroorzaakt worden door Z
Correlatie = geeft alleen aan dat er samenhang is, het zegt niets over de causale volgorde (eerst x
dan y, of andersom, of allebei…
Als je manipuleert heb je:
1. Covariatie
2. Chronologie
H1: Introduction, Acquiring Knowledge, and the Scientific Method
Leerdoelen
LO1.1 Vergelijk en contrasteer de niet-wetenschappelijke manieren om kennis te verkrijgen
(vasthoudendheid/tenaciteit, intuïtie, autoriteit, de rationele methode en de empirische methode).
Geef van elke methode een voorbeeld en leg de beperkingen ervan uit.
LO1.2 Identificeer en beschrijf de stappen van de wetenschappelijke methode.
LO1.3 Definieer inductie en deductie en leg de rol van elk uit binnen de wetenschappelijke methode.
LO1.4 Maak onderscheid tussen een hypothese en een voorspelling.
LO1.5 Leg uit wat bedoeld wordt met de uitspraak dat de wetenschappelijke methode empirisch,
openbaar en objectief is.
,LO1.6 Maak onderscheid tussen wetenschap en pseudowetenschap.
LO1.7 Maak onderscheid tussen kwalitatief en kwantitatief onderzoek en herken voorbeelden van
beide.
LO1.8 Identificeer en beschrijf de stappen in het onderzoeksproces.
1.1 Inleiding tot de onderzoeksmethodologie
De wetenschappelijke methode = fundamentele standaardpraktijk in de wetenschap.
Waarom zou je cursus onderzoeksmethoden volgen?
Inzicht in onderzoeksmethoden helpt --> onderzoek van anderen te begrijpen, interpreteren & kritisch
evalueren
Inzicht in onderzoeksmethoden helpt --> de waarheid te achterhalen
1.2 Methoden om kennis te verwerven & te leren kennen
Methoden om kennis te verwerven --> zijn veel manieren waarop je kennis kunt vergaren & om
antwoorden te ontdekken.
5 NIET-wetenschappelijke methoden
1. De methode van vasthoudendheid/tenacity
= we houden vast aan ideeën & overtuigingen, omdat --> ze lange tijd als feiten geaccepteerd zijn of
vanwege bijgeloof.
--> Gewoonte & bijgeloof (= overtuiging die als feit wordt beschouwd)
Geloofsvasthoudendheid = geloven in iets wat we altijd al hebben geloofd.
--> hoe vaker blootgesteld aan uitspraken, hoe meer geneigd ze te geloven
Voorbeeld: slogans herhalen als bedrijf in hoop consumenten ze accepteren als waarheid.
PROBLEEM --> verkregen info miss niet accuraat
--> er is geen methode om onjuiste ideeën te corrigeren
: zelfs met bewijs voor tegendeel --> overtuiging moeilijk veranderen
2. De methode van intuïtie
= info als waar aangenomen omdat --> “het goed aanvoelt”
Vertrouwt op je instinct om vragen te beantwoorden. Onderbuikgevoel.
--> snelste manier voor antwoorden krijgen
Vaak als --> geen info hebben
Vaak bij --> ethische of morele beslissingen
PROBLEEM --> geen mechanisme bestaat om accurate van inaccurate kennis te onderscheiden
3. De methode van autoriteit
= iemand vindt antwoorden door een autoriteit op ‘t ow te raadplegen.
--> direct expert raadplegen, naar bibliotheek of website om werken van expert te lezen.
--> vertrouwt op expertise van een ander.
Voorbeeld: googlen, boeken, mensen, tv, internet raadplegen om antwoorden te vinden!!
,Voorbeelden experts: arts, wetenschapper, psycholoog, professor, makelaar, advocaat.
Vaak --> snel & makkelijk antwoorden krijgen
PROBLEEM:
- Niet altijd accurate info --> autoriteit kan bevooroordeeld zijn
- Antwoorden expert kunnen subjectief, mening weergeven ipv echter expertise
- Gaan er vaak vanuit dat je expertise op 1 gebied kan generaliseren naar andere ow’en.
- Mensen accepteren uitspraak expert vaak gelijk (zonder juistheid controleren of andere
mening vragen)
- Mensen soms volledig vertrouwen in autoriteitsfiguur
--> dan methode van geloof (blind accepteren) = andermans visie op waarheid accepteren
zonder verifiëren
Voorbeeld: kind blind vertrouwen op antwoord ouder & religie
- Niet alle “experts” zijn experts
VERGROTEN VETROUWEN INFO AUTORITEIT:
- Bron van info evalueren (is het een expert? Zijn expertisegebied? Mening?)
- Info zelf evalueren (logisch? Consistent met andere info?)
- Tweede mening vragen van ander
Deze 3 methoden prima, zolang er geen ernstige gevolgen zijn.
4. De rationele methode
= antwoorden zoeken dmv logisch redeneren. Begint met bekende feiten/aannames & gebruik logica
om tot conclusie te komen of antwoord op vraag te krijgen.
Voorbeeld:
Een angstige ervaring met hond kan angst veroorzaken voor honden>
Amy is bang voor honden.
Amy heeft dus angstige ervaring gehad met hond.
PROBLEEM:
- Conclusie is niet per se waar, tenzij beide premissen waar (zelfs als logisch argument)
- Mensen niet heel goed in logisch redeneren
(voorbeeld is bv. Geen geldig argument)
De rede wordt als bron van kennis gebruikt.
Vereist geen directe observatie.
--> manier om waarheid vast te stellen in afwezigheid van bewijs
--> cruciaal onderdeel van de wetenschappelijke methode !!!
5. De methode van het empirisme
= probeert vragen te beantwoorden dmv directe observatie of persoonlijke ervaring.
--> alle kennis via zintuigen verworven
Voorbeeld: kinderen over t algemeen kleiner dan volwassenen, juli warmer dan december in NL, pond
biefstuk duurder dan pond hamburger.
PROBLEEM:
, - Te veel vertrouwen op eigen waarnemingen
- Vaak mensen verkeerd wereld waarnemen of interpreteren (bv. Optische illusie)
- Waarnemingen beïnvloed door --> voorkennis, verwachting, gevoel, overtuiging
- Tijdrovend
- Soms gevaarlijk --> (bv. Weten of bepaalde plant giftig is of niet)
1.3 De wetenschappelijke methode
De wetenschappelijke methode = een benadering voor verwerven van kennis. Specifieke vragen
worden geformuleerd & vervolgens systematisch antwoorden worden gevonden.
Bevat veel elementen van de eerdere methoden, om --> valkuilen van de aparte methoden te
vermijden
De wetenschappelijke methode = zorgvuldig ontwikkeld systeem voor het stellen & beantwoorden van
vragen, zodat de antwoorden die we vinden zo nauwkeurig mogelijk zijn.
Stappen wetenschappelijke methode
Stap 1 – Observeer gedrag of andere verschijnselen
Start met toevallige/informele obserevatie. Observeer wereld om je heen. Of bv. Observatie van een
ander lezen. De observatie roept vragen bij je op.
Neiging tot --> inductie
= algemene conclusie trekken obv paar specifieke voorbeelden
Stap 2 – Formuleer voorlopig antwoord of verklaring (een hypothese)
Identificeren factoren/variabelen die verband houden met de observatie.
Kies verklaring die in onderzoek geëvalueerd zal worden. Andere verklaringen worden NIET
verworpen.
Hypothese = voorlopig antwoord dat je test & kritisch wordt geëvalueerd
hypothese = algemene bewering !!!
Stap 3 – Gebruik je hypothese om een toetsbare voorspelling te genereren
Hypothese wordt toegepast op een specifieke, waarneembare situatie in de praktijk. (rationele
methode)
Voorspelling = specifieke bewering!!!
Deductie = van algemeen naar specifiek. Gebruiken hypothese als algemene premisse & bepalen de
conclusies/voorspellingen die moeten volgen als de hypothese waar is.