Personen- en familierecht
Roze
Bloed- en aanverwantschap
Bloedverwantschap in de rechte linie is de betrekking tussen personen waarbij de
een van de ander afstamt; zoals ouders en kinderen maar ook grootouders en
kleinkinderen.
Bloedverwantschap in de zijlinie is de betrekking tussen personen die een
gemeenschappelijke stamvader hebben; zoals broers en zussen, ooms en tantes
en neven en nichten.
De mate van bloedverwantschap tussen de vader en zoon van een gezin is een
eerstegraads bloedverwantschap in de rechte linie.
Er was immers maar één geboorte nodig om de betrekking tussen vader en
zoon te doen ontstaan.
Het gaat om een bloedverwantschap in de rechte linie omdat het hier
personen betreft waarvan de één afstamt van de ander.
De mate van bloedverwantschap tussen de broer en zus van een gezin is een
tweedegraads bloedverwantschap in de zijlinie.
Er waren immers twee geboortes nodig om de betrekking tussen broer en zus
te doen ontstaan.
Het gaat hier om bloedverwantschap in de zijlinie omdat de zoon en dochter
van het gezin dezelfde stamvader hebben.
Aanverwantschap is de betrekking die ontstaat met de bloedverwanten van de
echtgenoot of geregistreerde partner.
De betrekking ontstaat door het aangaan van een huwelijk of het aangaan van
een geregistreerd partnerschap.
De mate van aanverwantschap tussen de vader en zijn schoonzoon, de
echtgenoot van zijn dochter, is een eerstegraads aanverwantschap in de rechte
linie.
Er was immers maar één geboorte nodig om de betrekking tussen vader en
dochter te doen ontstaan, namelijk de geboorte van de dochter.
Deze mate van bloedverwantschap bepaalt ook de mate van aanverwantschap
tussen de vader en zijn schoonzoon. Daarom, eerste graad.
De mate van aanverwantschap tussen de zoon van het gezin en zijn zwager, dat
is de echtgenoot van zijn zus, is een tweedegraads aanverwantschap in de
zijlinie.
Voor het ontstaan van de bloedverwantschap in de tweede graad tussen broer
en zus waren immers twee geboortes nodig, namelijk de geboorte van de zoon
van het gezin en de geboorte van de dochter van het gezin.
Deze mate van bloedverwantschap, tweedegraads, bepaalt ook de mate van
aanverwantschap tussen de zoon van het gezin en zijn zwager. Daarom, tweede
graad.
Biologisch bloedverwantschap is niet altijd juridisch bloedverwantschap. De wet
neemt als uitgangspunt voor de juridisch bloedverwantschap de biologische
betrekking, maar het hoeft niet altijd zo te zijn.
, Juridisch bloedverwantschap ontstaat ook na erkenning en gerechtelijke
vaststelling van het ouderschap
Wordt ook wel familierechtelijke betrekking genoemd.
De vijfdegraadse bloedverwantschap in de zijlinie.
Er waren namelijk vijf geboortes nodig om de bloedverwantschap tussen X en
Y te vormen.
Het is een bloedverwantschap in de zijlinie omdat X en Y dezelfde stamvader
hebben
, Personen- en familierecht; van de wieg (en zelfs daarvoor) tot het graf (en zelfs
daarna…).
Regelt de rechtsverhoudingen die uit samenlevingsvormen, te weten huwelijk
en geregistreerd partnerschap en die uit afstamming voortvloeien: het sluiten en
ontbinden van een huwelijk of een GP, de rechtspositie van kinderen, en het over
hen uitgeoefende gezag.
Tot het familierecht kan men ook rekenen de regeling van de
vermogensrechtelijke gevolgen van het huwelijk en het GP: het huwelijks- en
partnerschapsgoederenrecht.
Uitgang in het afstammingsrecht is dat een kind ten hoogste twee ouders heeft.
De door afstamming ontstane juridische betrekking wordt ook wel
familierechtelijke betrekking genoemd.
Iedereen is rechtssubject in Nederland en dus rechtsbevoegd
= drager van rechten en plichten
Rechtsbevoegd is niet hetzelfde als:
- Handelingsbevoegd
- Handelingsbekwaam
Ook een handelingsonbekwame is dus rechtsbevoegd. Hij heeft immers ook
rechten en plichten, maar mag niet alles zelf uitoefenen.
Bepalingen met betrekking tot het bestaan van een persoon:
- Geboorte (de ‘persoonlijkheid’ begint)
- Overlijden (de ‘persoonlijkheid’ eindigt’)
Fictief bestaan: ongeboren kind (art. 1:2 BW)
Fictief overleden: verklaring van vermoedelijk overlijden
Art. 1:426-430 BW staat de regeling voor gevallen waarvan het eigenlijk wel
zeker is dat een persoon is overleden (bijv. vliegrampen)
Naamrecht
Roze
Bloed- en aanverwantschap
Bloedverwantschap in de rechte linie is de betrekking tussen personen waarbij de
een van de ander afstamt; zoals ouders en kinderen maar ook grootouders en
kleinkinderen.
Bloedverwantschap in de zijlinie is de betrekking tussen personen die een
gemeenschappelijke stamvader hebben; zoals broers en zussen, ooms en tantes
en neven en nichten.
De mate van bloedverwantschap tussen de vader en zoon van een gezin is een
eerstegraads bloedverwantschap in de rechte linie.
Er was immers maar één geboorte nodig om de betrekking tussen vader en
zoon te doen ontstaan.
Het gaat om een bloedverwantschap in de rechte linie omdat het hier
personen betreft waarvan de één afstamt van de ander.
De mate van bloedverwantschap tussen de broer en zus van een gezin is een
tweedegraads bloedverwantschap in de zijlinie.
Er waren immers twee geboortes nodig om de betrekking tussen broer en zus
te doen ontstaan.
Het gaat hier om bloedverwantschap in de zijlinie omdat de zoon en dochter
van het gezin dezelfde stamvader hebben.
Aanverwantschap is de betrekking die ontstaat met de bloedverwanten van de
echtgenoot of geregistreerde partner.
De betrekking ontstaat door het aangaan van een huwelijk of het aangaan van
een geregistreerd partnerschap.
De mate van aanverwantschap tussen de vader en zijn schoonzoon, de
echtgenoot van zijn dochter, is een eerstegraads aanverwantschap in de rechte
linie.
Er was immers maar één geboorte nodig om de betrekking tussen vader en
dochter te doen ontstaan, namelijk de geboorte van de dochter.
Deze mate van bloedverwantschap bepaalt ook de mate van aanverwantschap
tussen de vader en zijn schoonzoon. Daarom, eerste graad.
De mate van aanverwantschap tussen de zoon van het gezin en zijn zwager, dat
is de echtgenoot van zijn zus, is een tweedegraads aanverwantschap in de
zijlinie.
Voor het ontstaan van de bloedverwantschap in de tweede graad tussen broer
en zus waren immers twee geboortes nodig, namelijk de geboorte van de zoon
van het gezin en de geboorte van de dochter van het gezin.
Deze mate van bloedverwantschap, tweedegraads, bepaalt ook de mate van
aanverwantschap tussen de zoon van het gezin en zijn zwager. Daarom, tweede
graad.
Biologisch bloedverwantschap is niet altijd juridisch bloedverwantschap. De wet
neemt als uitgangspunt voor de juridisch bloedverwantschap de biologische
betrekking, maar het hoeft niet altijd zo te zijn.
, Juridisch bloedverwantschap ontstaat ook na erkenning en gerechtelijke
vaststelling van het ouderschap
Wordt ook wel familierechtelijke betrekking genoemd.
De vijfdegraadse bloedverwantschap in de zijlinie.
Er waren namelijk vijf geboortes nodig om de bloedverwantschap tussen X en
Y te vormen.
Het is een bloedverwantschap in de zijlinie omdat X en Y dezelfde stamvader
hebben
, Personen- en familierecht; van de wieg (en zelfs daarvoor) tot het graf (en zelfs
daarna…).
Regelt de rechtsverhoudingen die uit samenlevingsvormen, te weten huwelijk
en geregistreerd partnerschap en die uit afstamming voortvloeien: het sluiten en
ontbinden van een huwelijk of een GP, de rechtspositie van kinderen, en het over
hen uitgeoefende gezag.
Tot het familierecht kan men ook rekenen de regeling van de
vermogensrechtelijke gevolgen van het huwelijk en het GP: het huwelijks- en
partnerschapsgoederenrecht.
Uitgang in het afstammingsrecht is dat een kind ten hoogste twee ouders heeft.
De door afstamming ontstane juridische betrekking wordt ook wel
familierechtelijke betrekking genoemd.
Iedereen is rechtssubject in Nederland en dus rechtsbevoegd
= drager van rechten en plichten
Rechtsbevoegd is niet hetzelfde als:
- Handelingsbevoegd
- Handelingsbekwaam
Ook een handelingsonbekwame is dus rechtsbevoegd. Hij heeft immers ook
rechten en plichten, maar mag niet alles zelf uitoefenen.
Bepalingen met betrekking tot het bestaan van een persoon:
- Geboorte (de ‘persoonlijkheid’ begint)
- Overlijden (de ‘persoonlijkheid’ eindigt’)
Fictief bestaan: ongeboren kind (art. 1:2 BW)
Fictief overleden: verklaring van vermoedelijk overlijden
Art. 1:426-430 BW staat de regeling voor gevallen waarvan het eigenlijk wel
zeker is dat een persoon is overleden (bijv. vliegrampen)
Naamrecht