100% satisfaction guarantee Immediately available after payment Both online and in PDF No strings attached 4.6 TrustPilot
logo-home
Summary

Samenvatting - Introduction to Health and Society (HSO10806)

Rating
-
Sold
-
Pages
22
Uploaded on
21-01-2026
Written in
2025/2026

Dit document is een uitgebreide en overzichtelijke samenvatting van het vak Introduction to Health and Society (HSO10806). De samenvatting behandelt de belangrijkste theorieën, concepten en wetenschappelijke inzichten rondom gezondheid en samenleving, met aandacht voor zowel sociale als maatschappelijke perspectieven. Onderwerpen zoals gezondheid, ziekte, welzijn, gezondheidsongelijkheid, sociale determinanten van gezondheid, sociaaleconomische status, cultuur, leefstijl en omgeving worden helder uitgelegd. Daarnaast wordt ingegaan op gezondheidsgedrag, preventie, gezondheidsbeleid, zorgsystemen, medicalisering en de rol van instituties binnen de samenleving. Ook thema’s als macht, ongelijkheid, globalisering, ethiek, verantwoordelijkheid en sociale structuren komen aan bod. De stof is academisch en wetenschappelijk onderbouwd, maar duidelijk en gestructureerd uitgewerkt, waardoor complexe maatschappelijke vraagstukken rondom gezondheid goed te begrijpen zijn. Deze samenvatting is tentamenrelevant, geschikt voor hbo- en wo-niveau, en ideaal als studiemateriaal voor zowel het leren als het herhalen van de stof. Dankzij de overzichtelijke opbouw is dit document een waardevolle ondersteuning bij de tentamenvoorbereiding voor het vak Introduction to Health and Society.

Show more Read less
Institution
Course










Whoops! We can’t load your doc right now. Try again or contact support.

Written for

Institution
Study
Course

Document information

Uploaded on
January 21, 2026
Number of pages
22
Written in
2025/2026
Type
Summary

Subjects

Content preview

COLLEGE 1.1: Inleiding Gezondheid & Maatschappij

Biomedische model:
- Scheiding van lichaam en geest.
- Ziekte = storing in het lichaam met duidelijke symptomen (biologische oorzaken).
- Lichaam kan gerepareerd worden.
- Patiënt is passief, arts is expert.
➔ Kritiek op biomedisch model:
- Overschatting medische wetenschap.
- Sociaal maatschappelijke invloeden minstens net zo belangrijk (hygiëne, voeding, welvaart).

Sociaal model:
- Holistische kijk (kijkt naar de hele mens): lichaam, geest en omgeving.
- Ziekte en gezondheid = ook sociaal-maatschappelijk.
- Burger is actief, meerdere experts betrokken.
- Zorg kan ook buiten het ziekenhuis plaatsvinden.

Definities van gezondheid:
1. Gezondheid is afwezigheid van ziekte.
2. Gezondheid is een toestand van volledig fysiek, mentaal en maatschappelijk welbevinden
(WHO, 1948).
3. Gezondheid is het vermogen om lichamelijk, geestelijk, sociaal (en spiritueel) te functioneren
in de samenleving (WHO, 1988) → VERMOGEN OM TE FUNCTIONEREN.
4. Het vermogen zich aan te passen en een eigen regie te voeren, in het licht van fysieke,
emotionele en sociale uitdagingen van het leven (Huber et al., 2011) → VERMOGEN OM ZICH
AAN TE PASSEN.

Public Health is het vakgebied dat zich bezighoudt met het beschrijven, begrijpen en verbeteren van
de volksgezondheid.
- Etiologie: invloed van de omgeving op gezondheid.
- Diagnostiek: vergelijking tussen bevolkingsgroepen.
- Therapie: omgeving gezonder maken (preventie = voorkomen).
Health Promotion: mensen of groepen helpen meer grip te krijgen over de determinanten van hun
gezondheid → factoren die invloed hebben op gezondheid of gedrag (WHO, 1986).

Determinanten van gezondheid zijn factoren die invloed hebben op hoe gezond iemand is.
1. Gezondheidszorgsysteem
o Voorzieningen op gebied van: genezing, zorg en preventie.
2. Biologische en genetische factoren
o Erfelijke factoren: geslacht en genetische aanleg.
o Verworven somatische (lichamelijke) factoren: ontstaan door leefstijl of ervaringen
o Verworven psychische factoren: gevormd door omgeving en ervaringen.
3. Leefstijl en gedrag
o Dagelijkse gewoontes die (in)direct gezondheid beïnvloeden
4. Fysieke en sociale omgeving
o Invloeden uit de leefomgeving, zoals luchtkwaliteit of sociale contacten

Preventie staat centraal: door sport en bewegen gezondheid verbeteren, gezondheidsverschillen
verkleinen en zorgvraag verminderen.

,COLLEGE 1.2: Denken over ziekte, gezondheid en welzijn

Ziekte = Geleidelijke of plotselinge ontstane, kort- of langdurige aandoening die plaatselijk kan zijn
maar ook het hele lichaam betreffen met verschijnselen waarvan de oorzaak bekend is.
➔ Diagnose door een arts
ICD: Internationale lijst voor het classificeren van ziekten.
ICF: Richt zich op functioneren, inclusief lichamelijke, sociale en persoonlijke factoren.
DSM: Richt zich op het indelen van psychische stoornissen.

Objectieve ziekte: meetbaar via tests zoals bloedwaarden of temperatuur.
Subjectieve ziekte: hoe iemand klachten ervaart, zoals pijn, verschilt per persoon, is lastig meetbaar.

Disease = medisch vastgestelde ziekte.
Illness = hoe je je ziekte ervaart.
Sickness = hoe je ziekte sociaal wordt gezien (ziekenrol).

Je kunt een ziekte (disease) hebben zonder je ziek te voelen (illness) → Kanker in een vroeg stadium.
Ziekteverloop: klacht → ziek voelen (illness) → ziekenrol (sickness) → ziekte (disease).

Ziektypes:
- Voorwaardelijk: tijdelijk (bv. bronchitis).
- Onvoorwaardelijk: chronisch (bv. kanker).
- Onrechtmatig: gezien als eigen schuld (bv. alcoholisme).
Gezondheid is een continuüm, geen zwart-wit situatie (je bent niet ziek OF gezond).

Gezondheid - 9 subthema’s:
1. Compleet welbevinden (afwezigheid ziekte)
2. Welbevinden
3. Aanpassingsvermogen
4. Meerdere dimensies (lichamelijk, mentaal, sociaal)
5. Zelf-manangement
6. Participeren
7. Kwaliteit van leven
8. Ervaren gezondheid → weerspiegelt het oordeel over de eigen gezondheid
9. Dagelijks functioneren

Perspectieven gezondheid:
- Burgers: brede kijk, alle dimensies.
- Zorgverleners: alle dimensies, focus op compleet welbevinden.
- Patiënt: dagelijks functioneren in de maatschappij.
- Ouderen: aanpassingsvermogen, niet afhankelijk van anderen (zelfredzaamheid).

Medicalisering: Steeds meer gewone levensproblemen worden als medisch gezien en behandeld,
zoals bevallen in het ziekenhuis of relatieproblemen bij de huisarts.
➔ Medicalisering groeit door meer kennis, social media, technologie en specialisten.

Pathogenese: oorzaak van ziekte, hoe een ziekte ontstaat (longontsteking → bacteriële infectie).
Iatrogenese: schade door artsen of medische behandeling, zoals fouten of onnodige behandelingen.
- Klinisch: bijwerkingen en sterfte door medische ingrepen. (infectie door operatie)
- Sociaal: twijfel over wat wel of geen ziekte is. (verdriet is stoornis die behandelt moet worden)
- Structureel: maatschappelijke opvattingen over medicatie. (mensen worden afhankelijk van zorg)
Salutogenese: oorzaak van gezondheid, wat gezondheid bevordert. (sociale steun bevordert herstel)

, COLLEGE 1.3: Indicatoren voor gezondheid en ziekte

1. Indicator LEVENSVERWACHTING
Levensverwachting = Het gemiddelde aantal jaren dat mensen verwachten te leven, meestal gemeten
bij geboorte. → Dit wordt berekend op basis van sterftecijfers, dus kan door bijvoorbeeld oorlogen of
pandemieën worden beïnvloed.
In Nederland (2024) is de levensverwachting 80,5 jaar voor mannen en 83,3 jaar voor vrouwen
(genetisch). Vroeger was de levensverwachting lager door factoren zoals roken. In landen als
Afghanistan is de levensverwachting laag door hoge kindersterfte en geweld.

2. Indicator STERFTE
Sterfte is een belangrijke volksgezondheidsindicator, betrouwbaar en per doodsoorzaak meetbaar.
Er zijn twee soorten: absolute sterfte (totaal aantal overledenen) en relatieve sterfte (gecorrigeerd
voor leeftijd). Artsen registreren de doodsoorzaak.
Zuigelingensterfte krijgt veel aandacht omdat het iets zegt over het zorgsysteem,
levensomstandigheden en de levensverwachting beïnvloedt. Bijvoorbeeld, in Nederland zorgen veel
thuisbevallingen voor hogere zuigelingensterfte.

3. Indicator ZIEKTE EN AANDOENINGEN: incidentie
Incidentie is het aantal nieuwe ziektegevallen binnen een jaar. Hoge incidentie zie je bij nek- en
rugklachten, privé-ongevallen, luchtweginfecties, contacteczeem en griep.
Prevalentie is het totaal aantal mensen met een ziekte (nieuw en oud). Dit kan op één moment
(puntprevalentie) of over een periode (bijv. jaarprevalentie) zijn. Hoge prevalentie is er bij artrose,
diabetes, slechthorendheid, nek- en rugklachten, en hartziekten.

4. Indicator FUNCTIONEREN EN KWALITEIT VAN LEVEN
Functionele beperkingen: problemen met slapen, werken of sociaal leven (moeilijk objectief te
meten, vaak via vragen).
Kwaliteit van leven: fysieke, mentale en sociale gezondheid (subjectief, wordt gemeten via vragen
zoals “Hoe ervaart u uw gezondheid?”)
→ Slechte gezondheidsbeleving voorspelt vaak een hogere sterfte.

Samengestelde indicatoren voor volksgezondheid combineren sterftecijfers met functioneren en
kwaliteit van leven.

DALY kwantificeert gezondheidsverlies (ziektelast) → hoe iemand de ‘ziekte’ ervaart.
- 1 DALY = verlies van 1 gezond levensjaar
- Combineert sterfte en kwaliteit van leven
Berekening: aantal mensen dat aan de ziekte lijdt, ernst van de ziekte (vermindering kwaliteit van
leven), kans op sterfte, leeftijd sterfte.
$9.79
Get access to the full document:

100% satisfaction guarantee
Immediately available after payment
Both online and in PDF
No strings attached

Get to know the seller
Seller avatar
crmbeckers

Get to know the seller

Seller avatar
crmbeckers Wageningen University
Follow You need to be logged in order to follow users or courses
Sold
New on Stuvia
Member since
1 week
Number of followers
0
Documents
5
Last sold
-

0.0

0 reviews

5
0
4
0
3
0
2
0
1
0

Recently viewed by you

Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Frequently asked questions