Colleges
Inleidingscollege
Definitie en bronnen van verbintenissen
een verbintenis is de juridische verhouding (’rechtsverband’) tussen twee
personen: schuldeiser en schuldenaar.
Hoe ontstaan verbintenissen? art. 6:1 BW → vloeien uit de wet voort
door een rechtshandeling (bijvoorbeeld overeenkomst)
op grond van de wet (bijvoorbeeld onrechtmatige daad/onverschuldigde
betaling)
Klassieke beginselen van contractenrecht
1. contractsvrijheid/partij-autonomie
2. vormvrijheid/consensualisme
3. gebondenheid: pacta sunt servanda
Let op: het zijn ‘maar’ beginselen: uitgangspunten met talrijke uitzonderingen
Ad 1. Contractsvrijheid
Een persoon is vrij te beslissen of hij een overeenkomst aangaat, met wie hij
een overeenkomst aangaat en welke inhoud eenovereenkomst heeft.
Uiteraard geen totale vrijheid: het recht stelt grenzen aan wat toegestaan is
(art. 3:40 BW).
Ad. 2 Vormvrijheid
Art. 3:37 lid 1 BW: “Tenzij anders is bepaald, kunnen verklaringen, met inbegrip
van mededelingen, in iedere vorm geschieden, en kunnen zij in een of meer
gedragingen besloten liggen.”
Mondeling akkoord of via Whatsapp bereikte overeenstemming telt dus ook.
Tenzij anders is bepaald: art. 7:2 lid 1 BW (schriftelijk)
koop
tot bewoning bestemde onroerende zaak
Colleges 1
, particuliere koper: vormvereiste niet in acht genomen → koopovereenkomst
nietig (art. 3:39 BW) → titel is in dit geval nietig als we dit koppelen aan art.
3:84 lid 1 BW
Ad. 3 Gebondenheid
‘Pacta sunt servanda’: afspraken moeten worden nagekomen.
Art. 6:248 lid 1 BW: “Een overeenkomst heeft (....) de doorpartijen
overeengekomen rechtsgevolgen.”
Partijen zijn aan elkaar gebonden. Crediteur kan debiteur zo nodig
aanspreken tot:
1. Nakoming (art. 3:296 BW);
2. Schadevergoeding in geval van een tekortkoming (art. 6:74e.v. BW).
Uitzondering: beperkende werking redelijkheid en billijkheid(art. 6:248 lid 2
BW).
Colleges 2
, wil en verklaring moeten in
overeenstemming zijn.
Waar een wil is...
Casus 1: Deelnemer Miljoenenjacht drukt op knop.Deelnemer geeft aan dat
hij reflexmatig heeft gehandeld. Spelorganisatie is van mening dat deze
handeling heteinde van het spel tot gevolg heeft.
Casus 2 (HR Eelman/Hin): Eelman verkoopt onder invloed van schizofrenie
boerderij aan Hin (reële prijs). Hin kon niet weten dat Eelman schizofreen
was.
Casus 3 (naar HR Gerards/Vijverberg): Km-stand auto:45.000 km, blijkt
achteraf >90.000 km te zijn. N.B.Verkoper wist dit niet.
Casus 1: Miljoenenjacht
Overeenkomst is gebaseerd op wilsovereenstemming: beide partijen moeten
het willen.
Totstandkoming van een rechtshandeling
Art. 3:33 BW :- Wil ≠ verklaring (wilsontbreken) : rechtshandeling is nietig
TENZIJ
Art. 3:35 BW jo art. 3:11 BW: (gerechtvaardigd vertrouwen. In voorgaand
voorbeeld doet De Mol hier een beroep op)
verklaring of gedraging van de declarant
zin die de wederpartij onder de gegeven omstandigheden redelijkerwijze
aan de verklaring mocht toekennen
opgevat als een tot de wederpartij gerichte verklaring van een bepaalde
strekking
Colleges 3
, rechtsgevolg : declarant kan geen beroep doen op het ontbreken van de met de
verklaring overeenstemmende wil. Toch een geldige rechtshandeling.
Totstandkoming van een rechtshandeling
Factoren of een wederpartij een beroep kan doen op gerechtvaardigd
vertrouwen: → je moet alleen die toetsen die je denkt dat van toepassing zijn op
de casus
aard van de rechtshandeling (om niet /om baat) (eenzijdig / meerzijdig)
positie partijen (vaardigheden / deskundige bijstand)
plaats rechtshandeling
context
voorgeschiedenis
onverwachte
afkoelingsperiode → hoe langer afkoelingsperiode, hoe eerder een
geslaagd beroep op gerechtvaardigd vertrouwen
nadeligheid rechtshandeling declarant (nolens)
onderzoeksplicht (art. 3:11 BW)
...
Regels aangaande wilsontbreken
1. Uitgangspunt: art. 3:33 BW:
van den Hurk reflexmatig gehandeld (wil stemt niet overeen met verklaring).
2. Correctie: art. 3:35 BW:
bescherming gerechtvaardigd vertrouwen?
verband met art. 3:11 BW: soms is nader onderzoek nodig wil vertrouwen
gerechtvaardigd zijn.
Casus 2 Eelman/Hin
Eelman verkoopt onder invloed van schizofrenie zijn boerderij aan Hin (reële
prijs). Hin kon niet weten dat Eelman schizofreen was.
Bijzondere vorm wilsontbreken (geestelijke stoornis)
Colleges 4
Inleidingscollege
Definitie en bronnen van verbintenissen
een verbintenis is de juridische verhouding (’rechtsverband’) tussen twee
personen: schuldeiser en schuldenaar.
Hoe ontstaan verbintenissen? art. 6:1 BW → vloeien uit de wet voort
door een rechtshandeling (bijvoorbeeld overeenkomst)
op grond van de wet (bijvoorbeeld onrechtmatige daad/onverschuldigde
betaling)
Klassieke beginselen van contractenrecht
1. contractsvrijheid/partij-autonomie
2. vormvrijheid/consensualisme
3. gebondenheid: pacta sunt servanda
Let op: het zijn ‘maar’ beginselen: uitgangspunten met talrijke uitzonderingen
Ad 1. Contractsvrijheid
Een persoon is vrij te beslissen of hij een overeenkomst aangaat, met wie hij
een overeenkomst aangaat en welke inhoud eenovereenkomst heeft.
Uiteraard geen totale vrijheid: het recht stelt grenzen aan wat toegestaan is
(art. 3:40 BW).
Ad. 2 Vormvrijheid
Art. 3:37 lid 1 BW: “Tenzij anders is bepaald, kunnen verklaringen, met inbegrip
van mededelingen, in iedere vorm geschieden, en kunnen zij in een of meer
gedragingen besloten liggen.”
Mondeling akkoord of via Whatsapp bereikte overeenstemming telt dus ook.
Tenzij anders is bepaald: art. 7:2 lid 1 BW (schriftelijk)
koop
tot bewoning bestemde onroerende zaak
Colleges 1
, particuliere koper: vormvereiste niet in acht genomen → koopovereenkomst
nietig (art. 3:39 BW) → titel is in dit geval nietig als we dit koppelen aan art.
3:84 lid 1 BW
Ad. 3 Gebondenheid
‘Pacta sunt servanda’: afspraken moeten worden nagekomen.
Art. 6:248 lid 1 BW: “Een overeenkomst heeft (....) de doorpartijen
overeengekomen rechtsgevolgen.”
Partijen zijn aan elkaar gebonden. Crediteur kan debiteur zo nodig
aanspreken tot:
1. Nakoming (art. 3:296 BW);
2. Schadevergoeding in geval van een tekortkoming (art. 6:74e.v. BW).
Uitzondering: beperkende werking redelijkheid en billijkheid(art. 6:248 lid 2
BW).
Colleges 2
, wil en verklaring moeten in
overeenstemming zijn.
Waar een wil is...
Casus 1: Deelnemer Miljoenenjacht drukt op knop.Deelnemer geeft aan dat
hij reflexmatig heeft gehandeld. Spelorganisatie is van mening dat deze
handeling heteinde van het spel tot gevolg heeft.
Casus 2 (HR Eelman/Hin): Eelman verkoopt onder invloed van schizofrenie
boerderij aan Hin (reële prijs). Hin kon niet weten dat Eelman schizofreen
was.
Casus 3 (naar HR Gerards/Vijverberg): Km-stand auto:45.000 km, blijkt
achteraf >90.000 km te zijn. N.B.Verkoper wist dit niet.
Casus 1: Miljoenenjacht
Overeenkomst is gebaseerd op wilsovereenstemming: beide partijen moeten
het willen.
Totstandkoming van een rechtshandeling
Art. 3:33 BW :- Wil ≠ verklaring (wilsontbreken) : rechtshandeling is nietig
TENZIJ
Art. 3:35 BW jo art. 3:11 BW: (gerechtvaardigd vertrouwen. In voorgaand
voorbeeld doet De Mol hier een beroep op)
verklaring of gedraging van de declarant
zin die de wederpartij onder de gegeven omstandigheden redelijkerwijze
aan de verklaring mocht toekennen
opgevat als een tot de wederpartij gerichte verklaring van een bepaalde
strekking
Colleges 3
, rechtsgevolg : declarant kan geen beroep doen op het ontbreken van de met de
verklaring overeenstemmende wil. Toch een geldige rechtshandeling.
Totstandkoming van een rechtshandeling
Factoren of een wederpartij een beroep kan doen op gerechtvaardigd
vertrouwen: → je moet alleen die toetsen die je denkt dat van toepassing zijn op
de casus
aard van de rechtshandeling (om niet /om baat) (eenzijdig / meerzijdig)
positie partijen (vaardigheden / deskundige bijstand)
plaats rechtshandeling
context
voorgeschiedenis
onverwachte
afkoelingsperiode → hoe langer afkoelingsperiode, hoe eerder een
geslaagd beroep op gerechtvaardigd vertrouwen
nadeligheid rechtshandeling declarant (nolens)
onderzoeksplicht (art. 3:11 BW)
...
Regels aangaande wilsontbreken
1. Uitgangspunt: art. 3:33 BW:
van den Hurk reflexmatig gehandeld (wil stemt niet overeen met verklaring).
2. Correctie: art. 3:35 BW:
bescherming gerechtvaardigd vertrouwen?
verband met art. 3:11 BW: soms is nader onderzoek nodig wil vertrouwen
gerechtvaardigd zijn.
Casus 2 Eelman/Hin
Eelman verkoopt onder invloed van schizofrenie zijn boerderij aan Hin (reële
prijs). Hin kon niet weten dat Eelman schizofreen was.
Bijzondere vorm wilsontbreken (geestelijke stoornis)
Colleges 4