Inleiding
Spreek examen: 9 vragen THEORIE een vraag letterlijk/zuivere theorie
Juridische concepten toepassen op situaties
Wat is recht?
Objectieve perspectief (als Subjectieve perspectief (vanuit
maatschappelijk fenomeen) individu)
geheel van algemene (on)geschreven individualisering van het recht
gedragsregels die de samenleving
organiseren en afgedwongen worden
door de overheid
Verbindende bevelen Een aanspraak die een persoon aan
een rechtsnorm ontleent
Rechtsregels afgedwongen door de Ontstaan uit objectief recht
overheid via rechtbanken
Regels die nodig zijn om te krijgen wat
je recht op hebt
Verband objectief recht – subjectief recht
- Subjectieve rechten -> aanspraken op andermans gedrag
- “Ik heb een subjectief recht omdat mijn aanspraak beschermt is door het
objectief recht “
- Juiste objectieve recht nodig om subjectieve recht te kunnen claimen
- eisende partij moet het objectieve recht juist aanbrengen
- Rechter grijpt niet in bij foute aanbrenging van artikel door onpartijdigheid
Relevantie van onderscheid: Wie lost conflict op?
Gewone rechtbanken en hoven Raad van State (RvS)
Subjectief contentieux: geschil m.b.t. Objectief contentieux:
subjectief recht Administratieve rechtscolleges
oordelen over de wettigheid van een
bestuurshandeling (schending van
objectief recht?)
,Vb van een objectieve rechtsregel: een onrechtmatige daad
Artikel 6.5 BW
Eenieder is aansprakelijk voor de schade die hij door zijn fout aan een ander
veroorzaakt.
Voorwaarden schadevergoeding
1) Door een fout (foutief gedrag)
2) Er moet schade zijn
3) Oorzakelijk verband
Dan aansprakelijk
1. Wat is een fout
Wetgeving >< rechtsregels: wetgeving is neergeschreven
Vergoeding voor schade maar geen aansprakelijkheid (ten laste vd overheid)
Objectief component art. 6.6 BW Subjectief component
Wetsplichten niet naleven Leeftijd: <12 -> niet aansprakelijk
>12-> wel maar niet
volledig
(rechter beslist)
6.9 BW en 6.10 BW
Niet naleven van ongeschreven Geestesbekwaamheid: bijzondere
plichten van algemene zorgvuldigheid regeling
Rechter interpreteert en vult Discussiepunten
de rechtspraak aan - Wanneer ben je geestesziek?
Maatstaf: redelijk en - Telt dit ook voor mensen oiv.
voorzichtig persoon drugs?
art. 6.11 BW
Uitsluitingsgronden: foutief gedrag die
niet als ‘fout’ wordt gezien want was
door bv dwang, noodzaak
Interpretatie van rechter obv
jurisdictie
art. 6.7 en 6.8 BW
2. Wat is schade? art. 6.24 BW
= Eco/ niet-eco gevolgen vd aantasting van een juridische beschermend belang
- Niet enkel verlies van subjectief recht, aantasting van een juridisch
beschermend belang is genoeg (zuster verhaal, inkomsten van haar)
- Foutief gedrag kan (extra) patrimoniale schade veroorzaken
- Schade moet integraal vergoed worden (exacte verlies) – Integrale
schadeloosstelling (art. 6.31 BW)
, 3. Wat is ‘oorzakelijk verband’? (art. 6.18 BW)
- Heel moeilijk (wat is de exacte oorzaak)
- Oorzakelijk verband tss fout en schade kan enkel uitgesloten worden
als rechter oordeelt dat de zaken die zich voordeden op dezelfde
wijze zouden gebeuren als je de fout zou weglaten
- Of als de tot aansprakelijkheid leidende feit en de schade zo
verwijdert zijn van elkaar dat het kennelijk onredelijk zou zijn de
schade toe te rekenen
Equivalentieleer is de Belgische causaliteitstheorie
= Elke fout moet gezien worden als een noodzakelijke voorwaarde voor
het creëren van de concrete schade
- Volgens de equivalentietheorie zou een tot aansprakelijkheid leidend
feit dat op zich een voldoende voorwaarde was voor schade niet meer
als een noodzakelijke voorwaarde worden gezien als een gelijktijdige
gebeurtenis voor dezelfde schade zorgt. Zo zou het eerst gepleegde feit
dus niet meer worden gezien als een oorzaak
Dus Art. 6.18, lid 2 bepaalt..
Degene die de fout begaan is, is aansprakelijk voor alle schade, ook al is die
mede veroorzaakt door andere factoren
- Simplistische behandeling
- Vergoeding moet als je niet iets anders kan beschuldigen
Geen rekening met voorbestemdheid van de persoon (art. 6.29 BW)
- Maar benadeelde heeft op grond van art 6.29 BW enkel recht op
schadeloosstelling voor nieuwe schade door nieuwe feit of door
verergering van de bestaande schade
Bv botsen tegen fragile persoon -> uiteindelijke schade is groter en duurder. Of
botsen tegen sterkere persoon -> uiteindelijke schade is kleiner en goedkoper
Zelfde fout maar verschillende gevolgen
Eerlijk? Nee…
- Wel rekening houden met fouten van de slachtoffer zelf (art. 6.20
BW)
Artikel 6.5 heeft 2 objectieve rechtsregels
1) Verbod schade te brengen
2) Plicht schade te vergoeden
Hier uit vloeien 2 subjectieve regels:
1) Het recht op zorgvuldig gedrag van hun medemens
2) Het recht op herstel in natura of door schadevergoeding van de door
zijn medemens aangerichte schade
, 2. Klassieke definitie van het objectieve recht
Objectief recht
= het geheel van imperatieve, door de overheid afdwingbare regels voor de
uiterlijke gedragingen van de rechtssubjecten
Objectief recht: Kenmerken
1) Rechtsregels zijn imperatief
2 soorten regels
- Indicatieve regels die uitdrukken ‘wat is’ (natuurkunde)
- Imperatieve regels die uitdrukken van anders kan, maar niet anders
mag
Juridische denkmethode = deductief
Vertrekken vanuit een algemene regel, waaruit ze gevallen afleiden
voor een concreet geval
Natuurwetenschappelijke methode: inductief
Algemene regel trekken vanuit een observatie van bepaalde gevallen
Imperatief karakter
= Rechtsregels gebieden of verbeiden van bepaalde zaken
Permissieve regels houden indirect een verbod
Sommige bepalingen die een recht toekennen aan een persoon houden
een gebod in voor andere personen om dat recht te respecteren
Meeste regels indicatief geformuleerd -> toch gaat het steeds om een
gebod of verbod
Definities
- Bepalingen die andere rechtsregels helpen formuleren of verduidelijken
Bepalingen van de werkingssfeer van de rechtsregels
- Toepassingsgebied van rechtsregel of werkingssfeer wordt vermeld
Constitutieve regels
- Bevatten gedragsregels maar organiseren de staat
- Bevoegdheden toegekend via attributieve regels die voor de overheid
gedragsregels zijn
2) Rechtsregels verplichten tot het halen van een bepaald resultaat
of gebieden inzet van bepaalde middelen