Arbeidsrecht
DEEL 1: INLEIDING
HOOFDSTUK 1: WAT IS SOCIALE WETGEVING
1. Arbeidsrecht = geheel van rechtsregels dat de verhoudingen regelt
tussen werkgevers en werknemers (= zwakste partij)
o Individueel
o Collectief
- Vb. van beschermingswetten
o Loonbeschermingswet
o Arbeidswet
o Wet op arbeidsovereenkomst
2. Sociale zekerheid = geheel van sociale voorzieningen om sociale
risico’s op te vangen
- 2 soorten sociale zekerheid:
o Sociale zekerheid in de strikte zin
Waarborgen verkregen door werknemers
Steunt op een systeem van solidariteit
Bestaat uit 7 takken
1. Ziekte- en invaliditeitsverzekering
2. Arbeidsongevallenverzekering
3. Beroepsziekteverzekering
4. Werkloosheid
5. Rust- en overlevingspensioenen
6. Gezinsbijslag
7. Jaarlijkse vakantie
o Sociale bijstand
Voor wie niet of niet voldoende gewerkt heeft
- DOEL SOCIALE WETGEVING = BESCHERMING VAN BELANGEN VAN
DE WERKNEMERS EN HET BEVORDEREN VAN HUN WELZIJN
HOOFDSTUK 2: BRONNEN VAN HET ARBEIDSRECHT
1. Internationale rechtsbronnen
= de verdragen die België sluit met andere landen
o Bilaterale verdragen (tussen 2 landen)
o Multilaterale verdragen (tussen meer landen)
, 2. Nationale rechtsbronnen
DEEL 2: ARBEIDSRECHT
HOOFDSTUK 1: ALGEMENE BEPALINGEN VAN DE
ARBEIDSOVEREENKOMSTENWET VAN 3/07/1978
1. Arbeidsovereenkomst
= wederkerige overeenkomst tussen WN en WG
- Voorwaarden:
o 1. Verrichten van arbeid
o 2. Tegen loon
o 3. Onder gezag
Dus niet zelfstandig
Als 1 van die voorwaarden niet voldaan is
o Vrijwilliger
o Zelfstandigen
o Vast benoemde ambtenaren geen
arbeidsovereenkomst, maar statuut
2. Het ondergeschikte verband
= essentieel kenmerk van een arbeidsovereenkomst
- WG kan bevelen geven aan de WN gezag relatie
- Schijnzelfstandigen = iemand formeel het statuut zelfstandige
heeft, maar functioneert als WN in loondienst => fraude
- Psuedowerknemers = een zelfstandige die zich inschrijft bij de
sociale zekerheid => fraude
3. Aangaan van een arbeidsovereenkomst
3.1. Geldigheidsvereisten
- Arbeidsverhouding ontstaat door een mondelinge of schriftelijke
overeenkomst op voorwaarde van volgende geldigheidsvereisten
o toestemming van de partij die zich verbindt
niet onder geweld, dwaling of bedrog
o bekwaamheid om contracten aan te gaan
o voorwerp
o oorzaak
, sanctie = absolute of relatieve nietigheid van de AO
3.2. Vormvereisten van de arbeidsovereenkomst
- Mondeling
- Schriftelijk
- Elektronisch
4. Soorten arbeidsovereenkomsten
4.1. Beoogde arbeid
- Arbeider = handarbeid
- Bedienden = hoofdarbeid
- Handelsvertegenwoordigers = cliënteel opsporen en bezoeken
- Dienstboden = handenarbeid in gezin van de werkgever (vb. au
pair)
- Studenten
- Huisarbeiders = thuiswerken
4.2. Duur van de overeenkomst
- Onbepaald
o Zo zijn de meeste biedt een waarborg
o Nooit voor het leven => slavernij
o Als de tijdsbepaling niet nauwgezet vervuld is
- Bepaald
o De tijd is vast en zeker
De partijen weten aan het begin van de
overeenkomst exact op welk tijdstip die eindigt
Beëindiging gebeurt automatisch, dus zonder
tussenkomst van de betrokken partijen
o WN verbindt zich ertoe bepaalde verplichtingen en taken na
te komen gedurende een bepaalde tijd
o Deze WN mogen sinds 2002 niet meer minder gunstig
behandeld worden als WN’s van onbepaalde duur
o Schriftelijk vastgelegd bewijs
- Opeenvolgende AO voor een bepaalde tijd
o Tijdelijke contracten (dus van bepaalde duur) die
opeenvolgend gegeven worden in principe = VERBOD
o Uitzonderingen:
Mag max 4x met in totaal max 2jaar
Max 3 jaar met toestemming van de inspectie der
Sociale Wetten
DEEL 1: INLEIDING
HOOFDSTUK 1: WAT IS SOCIALE WETGEVING
1. Arbeidsrecht = geheel van rechtsregels dat de verhoudingen regelt
tussen werkgevers en werknemers (= zwakste partij)
o Individueel
o Collectief
- Vb. van beschermingswetten
o Loonbeschermingswet
o Arbeidswet
o Wet op arbeidsovereenkomst
2. Sociale zekerheid = geheel van sociale voorzieningen om sociale
risico’s op te vangen
- 2 soorten sociale zekerheid:
o Sociale zekerheid in de strikte zin
Waarborgen verkregen door werknemers
Steunt op een systeem van solidariteit
Bestaat uit 7 takken
1. Ziekte- en invaliditeitsverzekering
2. Arbeidsongevallenverzekering
3. Beroepsziekteverzekering
4. Werkloosheid
5. Rust- en overlevingspensioenen
6. Gezinsbijslag
7. Jaarlijkse vakantie
o Sociale bijstand
Voor wie niet of niet voldoende gewerkt heeft
- DOEL SOCIALE WETGEVING = BESCHERMING VAN BELANGEN VAN
DE WERKNEMERS EN HET BEVORDEREN VAN HUN WELZIJN
HOOFDSTUK 2: BRONNEN VAN HET ARBEIDSRECHT
1. Internationale rechtsbronnen
= de verdragen die België sluit met andere landen
o Bilaterale verdragen (tussen 2 landen)
o Multilaterale verdragen (tussen meer landen)
, 2. Nationale rechtsbronnen
DEEL 2: ARBEIDSRECHT
HOOFDSTUK 1: ALGEMENE BEPALINGEN VAN DE
ARBEIDSOVEREENKOMSTENWET VAN 3/07/1978
1. Arbeidsovereenkomst
= wederkerige overeenkomst tussen WN en WG
- Voorwaarden:
o 1. Verrichten van arbeid
o 2. Tegen loon
o 3. Onder gezag
Dus niet zelfstandig
Als 1 van die voorwaarden niet voldaan is
o Vrijwilliger
o Zelfstandigen
o Vast benoemde ambtenaren geen
arbeidsovereenkomst, maar statuut
2. Het ondergeschikte verband
= essentieel kenmerk van een arbeidsovereenkomst
- WG kan bevelen geven aan de WN gezag relatie
- Schijnzelfstandigen = iemand formeel het statuut zelfstandige
heeft, maar functioneert als WN in loondienst => fraude
- Psuedowerknemers = een zelfstandige die zich inschrijft bij de
sociale zekerheid => fraude
3. Aangaan van een arbeidsovereenkomst
3.1. Geldigheidsvereisten
- Arbeidsverhouding ontstaat door een mondelinge of schriftelijke
overeenkomst op voorwaarde van volgende geldigheidsvereisten
o toestemming van de partij die zich verbindt
niet onder geweld, dwaling of bedrog
o bekwaamheid om contracten aan te gaan
o voorwerp
o oorzaak
, sanctie = absolute of relatieve nietigheid van de AO
3.2. Vormvereisten van de arbeidsovereenkomst
- Mondeling
- Schriftelijk
- Elektronisch
4. Soorten arbeidsovereenkomsten
4.1. Beoogde arbeid
- Arbeider = handarbeid
- Bedienden = hoofdarbeid
- Handelsvertegenwoordigers = cliënteel opsporen en bezoeken
- Dienstboden = handenarbeid in gezin van de werkgever (vb. au
pair)
- Studenten
- Huisarbeiders = thuiswerken
4.2. Duur van de overeenkomst
- Onbepaald
o Zo zijn de meeste biedt een waarborg
o Nooit voor het leven => slavernij
o Als de tijdsbepaling niet nauwgezet vervuld is
- Bepaald
o De tijd is vast en zeker
De partijen weten aan het begin van de
overeenkomst exact op welk tijdstip die eindigt
Beëindiging gebeurt automatisch, dus zonder
tussenkomst van de betrokken partijen
o WN verbindt zich ertoe bepaalde verplichtingen en taken na
te komen gedurende een bepaalde tijd
o Deze WN mogen sinds 2002 niet meer minder gunstig
behandeld worden als WN’s van onbepaalde duur
o Schriftelijk vastgelegd bewijs
- Opeenvolgende AO voor een bepaalde tijd
o Tijdelijke contracten (dus van bepaalde duur) die
opeenvolgend gegeven worden in principe = VERBOD
o Uitzonderingen:
Mag max 4x met in totaal max 2jaar
Max 3 jaar met toestemming van de inspectie der
Sociale Wetten