H3. Het beenderenstelsel
- 206 benen (excl sesambeenderen, incl knieschijven)
- Skelet = skeletos (grieks) = droog grote hvlh anorganische zouten
Muscoskeletaal stelsel
- Verbinding tss beenderen = articulaties / gewrichten
3.1 inleiding
Functies beenderenstelsel
1. Lichaamsgewicht ondersteunen:
a. Osteoporose = botafbraak (vanaf menopauze + ouderen)
2. Ankerplaatsen spieren + fungeren als hefbomen
3. Beschermen vitale organen
4. Beenmatrix = reservoir calcium-en fosfaationen + botmatrix bevat veel
collagene vezels
5. Rijping bloedcellen
a. Hematopoëse = thv rode beenmerg: bloedstamcellen witte-en
rode bloedcellen + bloedplaatjes
Skelet weegt minder dan je zou denken: Wskelet (kg) = 0.093 × H (cm) -6.5
Gisèle = 9.898 kg
3.1.2. Overzicht van de beenderen – kennen in latijns en ned
Kaarten: Tabel 3.1 Namen van beenderen in het Latijn | Quizlet
Skelet : 2 grote groepen
1. Axiale skelet = alle
beenderen in het
midsagittale vlak 80
beenderen
2. Appendiculaire skelet =
buitenste beenderen 126
beenderen
, 3.2 Macroscopische bouw van een bot
4 categorieën obv vorm:
1. Lange beenderen / pijpbeenderen (humerus, femur)
2. Korte beenderen (ossa carpi, ossa tarsi)
3. Platte beenderen (scapula)
4. Onregelmatige beenderen = specifieke vorm (vetabrae)
+ sesambeenderen = beenderen die in een pees of ligament zitten met een
beschermende of ondersteunende functie (hefboomfunctie) (patella)
*pezen verbinden spieren en beenderen
*ligamenten verbinden beenderen en beenderen
3.2.1 Bouw vd lange beenderen
2 soorten botweefsel:
1. Solide dicht weefsel/ compacte beenweefsel
2. Honingraatachtig / niet- solide beenweefsel (spongieus
beenweefsel)
Kenmerken lang bot:
- Één lange schacht / diafyse die bestaat uit compact beenweefsel met
centraal gelegen mergholte / cavum meddullare die geel beenmerg
bevat met daarin vetweefsel (evt energiereserve)
- Epifysen met gewrichtskraakbeen bedekt aan uiteinde bot
o Dmv gewricht met aangrenzend bot verbonden
o Opgebouwd uit spongieus beenweefsel/ substantia spongiosa
met daartussen rode beenmerg
omringd met dunne laag compact beenweefsel
- Gebied tss epifyse en diafyse = metafyse
- Epifysaire schijf / groeischijf: groeit bij kinderen oiv groeihormoon
totdat al het kraakbeenweefsel in epifysaire schijf verbeend is
o Restanten = epifysaire lijn onmogelijk om verder te groeien.
o Groeien: kraakbeencellen delen en verkalken geleidelijk, hierna
worden ze in beenweefsel omgezet
- Volledige bot (behalve thv gewrichten) omgeven door periost /
beenvlies: opgebouwd uit vast bindweefsel
o Bevat vele bloedvaten, lymfevaten en zenuwbanen (gevoeligheid
bot)
o Vezels van pezen en ligamenten zijn vergroeid met periost maakt
aanhechtingen sterk
Beenweefsel = volledig herstelbaar (6 weken); kraakbeen = onherstelbaar
proces = (osteo)-artrose
(leeftijdsgebonden, versneld
overmatige belasting, overgewicht,
beschadiging gewrichten.)
Diagram: 9. Lang bot | Quizlet
- 206 benen (excl sesambeenderen, incl knieschijven)
- Skelet = skeletos (grieks) = droog grote hvlh anorganische zouten
Muscoskeletaal stelsel
- Verbinding tss beenderen = articulaties / gewrichten
3.1 inleiding
Functies beenderenstelsel
1. Lichaamsgewicht ondersteunen:
a. Osteoporose = botafbraak (vanaf menopauze + ouderen)
2. Ankerplaatsen spieren + fungeren als hefbomen
3. Beschermen vitale organen
4. Beenmatrix = reservoir calcium-en fosfaationen + botmatrix bevat veel
collagene vezels
5. Rijping bloedcellen
a. Hematopoëse = thv rode beenmerg: bloedstamcellen witte-en
rode bloedcellen + bloedplaatjes
Skelet weegt minder dan je zou denken: Wskelet (kg) = 0.093 × H (cm) -6.5
Gisèle = 9.898 kg
3.1.2. Overzicht van de beenderen – kennen in latijns en ned
Kaarten: Tabel 3.1 Namen van beenderen in het Latijn | Quizlet
Skelet : 2 grote groepen
1. Axiale skelet = alle
beenderen in het
midsagittale vlak 80
beenderen
2. Appendiculaire skelet =
buitenste beenderen 126
beenderen
, 3.2 Macroscopische bouw van een bot
4 categorieën obv vorm:
1. Lange beenderen / pijpbeenderen (humerus, femur)
2. Korte beenderen (ossa carpi, ossa tarsi)
3. Platte beenderen (scapula)
4. Onregelmatige beenderen = specifieke vorm (vetabrae)
+ sesambeenderen = beenderen die in een pees of ligament zitten met een
beschermende of ondersteunende functie (hefboomfunctie) (patella)
*pezen verbinden spieren en beenderen
*ligamenten verbinden beenderen en beenderen
3.2.1 Bouw vd lange beenderen
2 soorten botweefsel:
1. Solide dicht weefsel/ compacte beenweefsel
2. Honingraatachtig / niet- solide beenweefsel (spongieus
beenweefsel)
Kenmerken lang bot:
- Één lange schacht / diafyse die bestaat uit compact beenweefsel met
centraal gelegen mergholte / cavum meddullare die geel beenmerg
bevat met daarin vetweefsel (evt energiereserve)
- Epifysen met gewrichtskraakbeen bedekt aan uiteinde bot
o Dmv gewricht met aangrenzend bot verbonden
o Opgebouwd uit spongieus beenweefsel/ substantia spongiosa
met daartussen rode beenmerg
omringd met dunne laag compact beenweefsel
- Gebied tss epifyse en diafyse = metafyse
- Epifysaire schijf / groeischijf: groeit bij kinderen oiv groeihormoon
totdat al het kraakbeenweefsel in epifysaire schijf verbeend is
o Restanten = epifysaire lijn onmogelijk om verder te groeien.
o Groeien: kraakbeencellen delen en verkalken geleidelijk, hierna
worden ze in beenweefsel omgezet
- Volledige bot (behalve thv gewrichten) omgeven door periost /
beenvlies: opgebouwd uit vast bindweefsel
o Bevat vele bloedvaten, lymfevaten en zenuwbanen (gevoeligheid
bot)
o Vezels van pezen en ligamenten zijn vergroeid met periost maakt
aanhechtingen sterk
Beenweefsel = volledig herstelbaar (6 weken); kraakbeen = onherstelbaar
proces = (osteo)-artrose
(leeftijdsgebonden, versneld
overmatige belasting, overgewicht,
beschadiging gewrichten.)
Diagram: 9. Lang bot | Quizlet