100% satisfaction guarantee Immediately available after payment Both online and in PDF No strings attached 4.2 TrustPilot
logo-home
Summary

Samenvatting - fysiologie en pathofysiologie van de nier (deel 2)

Rating
-
Sold
-
Pages
79
Uploaded on
13-01-2026
Written in
2025/2026

Dit document is een samenvatting (deel 2) van fysiologie en pathofysiologie van de nier uit het OPO MFP nier en urinewegen. Gegeven door prof. Bammens en DeVlieger.

Institution
Course











Whoops! We can’t load your doc right now. Try again or contact support.

Written for

Institution
Study
Course

Document information

Uploaded on
January 13, 2026
Number of pages
79
Written in
2025/2026
Type
Summary

Subjects

Content preview

Hoofdstuk 7: urinaire concentratie en dilutie
7.1. Excretie van water
Ø In = uit: renale fysiologie staat in voor deze homeostase
Ø In: 2500 ml
- Vloeistof 1200 ml
- Voeding 1000 ml
- Metabolisme 300 ml
Ø Uit: 2500 ml
- Urine 1500 ml regelbaar
- Stoelgang 100 ml niet-regelbaar
- Huid (zweet) 550 ml niet-regelbaar: perspiratio insensibilis
- Ademhaling 350 ml niet-regelbaar: perspiratio insensibiliis

7.2. Excretie van opgeloste stoSen
Ø Normaal dieet: 600 mOsm/dag
- Onafhankelijk van de water intake
- Geëxcreteerde osmoles/dag = Uosm x V
Uosm = urinaire osmolariteit
V = urinair volume/dag
Ø Urinaire osmolarieit is over een brede range regelbaar
- Humane nier: 50 tot 1200 mOsm/L
- Plasma osmolaliteit: 290 mOsm/L
- Dus: urine van 7 keer gedilueerd tot 4 keer geconcentreerd
è om homeostase van water en opgeloste stoWen te bekomen

7.3. De vrije water klaring
Ø Urine bestaat uit 2 delen:
- V = Cosm + CH2O
- Osmolaire klaring: volume/debiet nodig om de opgeloste stoWen iso-
osmotisch te verwijderen (berekening zoals klaring)
- Vrij water klaring: extra volume/ debiet nodig om urinair volume te bekomen
Ø Vrij water klaring
- Geconcentreerde urine: vrij water klaring negatief (nier houd water bij)
= enige vorm van klaring die negatief kan zijn
- Nul bij iso-osmotische urine
- Positief bij gedilueerde urine (kan tot 13 L/d)
Ø Iso-osmotische urine:
+23+
Uosm = 300 mOsm/L 8(( 9
-
: " ;</=
Posm = 300 mOsm/L C osm = +23+ = 2L/d
8((
-

, V = 2L/d
CH2O = 2L/d – 2L/d = 0
Ø Geconcentreerde urine
+23+
Uosm = 600 mOsm/L >(( 9
-
: " ;</=
Posm = 300 mOsm/L COsm = +23+ = 2L/d
8((
-
V = 1L/d
CH2O = 1L/d – 2L/d = -1L è negatief
Ø Gedilueerde urine
+23+
Uosm = 150 mOsm/L )?( 9
-
: " *</=
Posm = 300 mOsm/L COsm = +23+ = 2L/d
8((
-
V = 4L/d
CH2O = 4L/d – 2L/d = 2L è positief

7.4. Transport van water: passief
Ø Gedilueerde urine
- Actief transport van zouten over tubulaire segmenten die (relatief)
ondoorlaatbaar zijn voor water
Ø Geconcentreerde urine
- Passieve reabsorptie van water door osmose vanuit tubuli naar intestitium
- Hyperosmotisch interstitieel vocht in medulla
= drijvende kracht van passieve wateropname
- Transport van water vooral in medullaire collecting duct
è wordt geregeld door het aanpassen van waterdoorlaatbaar
Ø Normale nierfunctie: 180L/d primaire urine in kapsel van Bowman

7.4.1. Proximale tubulus
ð Water gaat tussen cellen door en neemt osmolieten mee
ð 2/3 van het water (120 L/d) wordt heropgenomen
ð Iso-osmotisch

7.4.2. Lis van henle
ð Dunne segmenten: platte cellen dus passief transport
ð Creëert een hypertone medulla
- Altijd! Ook wij water diurese
ð tDLH: zeer waterdoorlaatbaar
ð tALH en TAL
- water en opgeloste stoWen niet meer samen getransporteerd
- waterondoorlaatbaar
- zout-reabsorptie
- = diluting segment

, 7.4.3. Collecting tubules en ducts
ð Waterdoorlaatbaarheid afhankelijk van ADH/vasopressine
ð Bij antidurese:
- Gans laatste stuk niet meer doorlaatbaar voor water
- Wel nog doorlaatbaar voor ander stoWen

7.5. Hyperosmotische medulla
Ø Zowel bij antidiurese als bij diurese is er een corticomedullaire
osmolaliteitsgradiënt
- Vanuit cortex naar medulla altijd verschil in osmolaliteit
- Osmolaliteit thv cortex is steeds ongeveer 300 mOsm
- Osmolaliteit thv diepste medulla
Minimaal 500 mOsm bij diurese
Maximaal 1200 mOsm bij antidiurese
Ø Dikke deel van de lus van henle = actieve deel: NKCC2-transporter
- Heropname zout: lagere osmolaliteit urine tov omgeving

7.5.1. Single eGect
ð Generatie van een gradiënt van 200 mOsm
ð Thv dikke stijgende deel van de lis van henle
- Dankzij NKCC2 en paracellulair transport
ð Dunne deel van de lus van henle = passief
- Dalend: waterdoorlaatbaarheid gaat stijgen: urinaire osmolaliteit gaat
stijgen
- Stijgend: waterondoorlaarbaar, passieve heropname NaCl
ð Dikke stijgende deel van de lis van henle = actief
- Vanaf actieve deel, gradiënt van 200 mOsm
- Osmolaliteit stijgt in omgeving naar 500 mOsm
- => wateropname in dalende deel

7.5.2. Countercurrent multiplier
ð Vermenigvuldiging van het single eWect dankzij:
- Tegenstroom structuur van lis van henle
- Verschillende doorlaatbaarheid van NaCl en water
ð EWect van 200 mOsm wordt versterkt door kenmerken van tDLH en tALH
- Water gaat uit tubulair vocht thv de DLH op basis van osmolaliteit van
NaCl en ureum samen
- Gradiënt voor pasieve NaCl heropname van lumen naar medulla obv
concentratie in tALH

, 7.5.3. Opstijgend deel van Lis van Henle
ð Genereert maximale gradient van 200 mOsm (= single eWect)
ð TAL
- Actief NKCC2 transporter
- Passief paracellulair (lumen netto positief + 6mV è heronopane Na+)
ð tALH: volledig passief (vooral bij antidiurese)
- door positiviteit van lumen
- door hogere NaCl in lumen van tALH dan in interstitium
è door waterheropname in tDLH gedreven door NaCl en ureum
(ureum = belangrijk bij antidiurese)

7.5.4. dalende deel van lis van Henle
ð waterheropname, toename osmolariteit in tubulair vocht
ð kenmerken tDLH
- zeer doorlaatbaar voor water
- niet doorlaatbaar voor NaCl of ureum (enkel meest distale deel)
ð medullaire interstitium: zeer hoge osmolaliteit, toenemend in de diepe
medulla
- door countercurrent multiplier van single eWect in TAL

7.5.5. urea recycling bij waterrestrictie
ð ureum terug doorlaatbaar in onderste lis en tALH, tot aan TAL
- Daarna afhankelijk van ADH (dus enkel bij antidiurese)
ð tDLH (diepe gedeelte) en TAL
- hoge ureumpermeabiliteit
- ureum secretie van interstitium naar lumen in de diepe medulla
ð vanaf TAL tem OMCD
- lage permeabiliteit
- wel waterheropname indien ADH geproduceerd wordt
- concentratie van ureum in het lumen ↑
ð IMCD
- Hoge ureumpermeabiliteit indien ADH geproduceerd wordt en hoge
intraluminale ureumconcentratie
- Gefaciliteerde diWusie van ureum naar interstitium
= obv concentratiegradiënt door watertransport

7.5.6. Medullaire bloedvaten = vasa recta
ð Afkomstig van de juxtamedullaire nefronen
- Slechts 10% van alle nefronen
- Lage bloedvoorziening in medulla: 5-10% van de renale plasma flow
Voldoende aanbod van O2 en nutriënten
$8.38
Get access to the full document:

100% satisfaction guarantee
Immediately available after payment
Both online and in PDF
No strings attached


Also available in package deal

Get to know the seller

Seller avatar
Reputation scores are based on the amount of documents a seller has sold for a fee and the reviews they have received for those documents. There are three levels: Bronze, Silver and Gold. The better the reputation, the more your can rely on the quality of the sellers work.
keesluna Katholieke Universiteit Leuven
Follow You need to be logged in order to follow users or courses
Sold
19
Member since
1 year
Number of followers
0
Documents
17
Last sold
1 week ago

4.0

2 reviews

5
1
4
0
3
1
2
0
1
0

Recently viewed by you

Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Frequently asked questions