Grammatica
Hoofdzin- en bijzinnen
Hoofdzin:
Kenmerkend van een hoofdzin is dat het onderwerp en de persoonsvorm altijd naast
elkaar staan. Er kan geen ander woord tussen worden gevoegd. De persoonsvorm
staat meestal op de eerste of tweede positie in de zin.
Hoe vind je de hoofdzin?
- Persoonsvorm en onderwerp staan naast elkaar en je kunt er geen woord (bijv. Niet
of gisteren) tussen plaatsen.
- Persoonsvorm staat vooraan in de zin
- Kan met een nevenschikkend voegwoord of bijwoord beginnen
- Als je de zin vragend maakt, komt de persoonsvorm van de hoofdzin vooraan te
staan.
Bijzin:
Kenmerkend voor een bijzin is dat onderwerp en persoonsvorm niet naast elkaar
hoeven te staan. De persoonsvorm staat in de bijzin meestal achteraan in de zin. Als
ze naast elkaar staan, dan kunnen er wel andere woorden tussengevoegd worden. Je
kunt een bijzin vervangen door één of twee woorden. De bijzin heeft een
zinsdoelfunctie binnen de hoofdzin.
Hoe vind je de bijzin?
- Kijk off de zin begint met een onderschikkend voegwoord of betrekkelijk
voornaamwoord.
- Waar staat de persoonsvorm? Als de persoonsvorm achteraan staat, dan is het
meestal een bijzin.
- Staat er een woord/woorden tussen het onderwerp en de persoonsvorm of kun je
het woord niet of andere zinsdelen ertussen plaatsen? Dan meestal bijzin.
- De hele bijzin kun je vaak vervangen door een vervangend woord als het, dat of
toen.
Nevenschikking en onderschikking
Nevenschikking:
Samengestelde zinnen die bestaan uit twee (of meer) hoofdzinnen, noemen we
nevenschikkend. Je kan de zinnen die aan elkaar zitten met nevengeschikte
voegwoorden ook als losstaande oftewel enkelvoudige zin gebruiken.
Nevenschikkende Bijwoorden
voegwoorden
En Dus Bovendien Toch
Maar Noch Daarnaast Daarentegen
Of Alsook Vervolgens Dus
Want Dan wel Echter Dientengevolge
Namelijk Kortom
Immers Daarom
, Nevenschikkende Bijwoorden
voegwoorden
Ook
Onderschikking:
Ondergeschikte zinnen bestaan uit een combinatie van een hoofdzin (of hoofdzinnen)
en een bijzin (of bijzinnen). De bijzin is afhankelijk van de hoofdzin en kan daarom
geen op zichzelf staande zin zijn. De bijzin functioneert dan ook als een zinsdeel (bijv.
Onderwerp of lijdend voorwerp) binnen de hoofdzin. Tussen de bijzin en hoofdzin staan
betrekkelijke voornaamwoorden of voegwoorden.
Onderschikkende voegwo- Betrekkelijke voornaam-
orden woorden
Als Voordat Die
Toen Zodra Dat
Terwijl Omdat Wie
Nadat Doordat Wat
Hoewel Dat Waar + voorzetsel
Ofschoon Of
Als/of Zoals
Mits Omdat/zodat
Tenzij
Door één van deze verantwoorden te gebruiken kun je een samengestelde zin
reduceren door de bijzin te vervangen door één van deze woorden. Je moet er dus
eerst achterkomen wat de bijzin is.
Functie van LV of O Functie van BWB Functie van O of MV
Wie Terwijl Wie
Wat Daarom (Aan) wie
Die Ondertussen
Dat Toen
Het Toch
Dit Desondanks
Destijds
Daarna
Daarvoor