100% satisfaction guarantee Immediately available after payment Both online and in PDF No strings attached 4.2 TrustPilot
logo-home
Summary

Samenvatting: Vrijheid, burgerschap en democratie

Rating
-
Sold
-
Pages
83
Uploaded on
05-01-2026
Written in
2025/2026

Dit is een samenvatting van het korfvak 'Vrijheid, burgerschap en democratie'. De samenvatting bevat alle informatie die je nodig hebt voor het examen. Onder meer alle colleges met daarbij ook de gastcolleges.

Institution
Course

















Whoops! We can’t load your doc right now. Try again or contact support.

Written for

Institution
Study
Course

Document information

Uploaded on
January 5, 2026
Number of pages
83
Written in
2025/2026
Type
Summary

Subjects

Content preview

Vrijheid, burgerschap en democratie
INHOUDSOPGAVE

INTRODUCTIE 1

1. ‘DE POLITIEK’ EN ‘HET POLITIEKE ‘ 1
2. VRIJHEID 1

HOOFDSTUK 1: DE LIBERALE VRIJHEIDSOPVATTING VAN ISAIAH BERLIN 3

1. SITUERING 3
2. NEGATIEVE VRIJHEID 3
3. NEGATIEVE VRIJHEID EN VRIJHEIDSBEGRENZING 3
4. NEGATIEVE VRIJHEID EN GRENZEN AAN DE VRIJHEIDSBEGRENZING 4
5. NEGATIEVE VRIJHEID VERSUS PATERNALISME 4
6. NEGATIEVE VRIJHEID (LIBERALE VRIJHEID) EN DEMOCRATIE 4
7. POSITIEVE VRIJHEID 4
8. WAARDENPLURALISME EN HUMANISME 4

HOOFDSTUK 2: DE REPUBLIKEINSE VRIJHEIDSOPVATTING VAN PHILIP PETTIT 5

1. GESCHIEDENIS EN ESSENTIE VAN DE REPUBLIKEINSE VRIJHEIDSOPVATTING 5
2. HOE WEET JE DAT JE VOLLEDIG VRIJ BENT? 5
3. FUNDAMENTELE ASPECTEN VAN DE REPUBLIKEINSE OPVATTING VAN POLITIEKE VRIJHEID ALS ROBUUSTE
VRIJHEID 5
4. WAT IS ER NODIG OM VRIJ TE ZIJN? 7
5. REPUBLIKEINSE VRIJHEID EN DEMOCRATIE 8
6. DE LIBERALE EN DE REPUBLIKEINSE OPVATTING VAN VRIJHEID 9

HOOFDSTUK 3: DRIE DIMENSIES VAN BURGERSCHAP 10

1. DRIE DIMENSIES VAN BURGERSCHAP 10
2. DIMENSIE 1: STATUS 11
3. DIMENSIE 2: ACTIEF BURGERSCHAP (CFR. H4) 13
4. DIMENSIE 3: LIDMAATSCHAP (CFR. H5) 13
5. HISTORISCHE SPANNINGSRELATIE TUSSEN DIMENSIES VAN BURGERSCHAP 13
6. HEDENDAAGS SPANNINGSRELATIE TUSSEN DIMENSIES VAN BURGERSCHAP 14
7. HISTORISCHE VERWEVENHEID (HABERMANS) 15

HOOFDSTUK 4: DEMOCRATIE (= DIMENSIE 2) 18

1. INVULLINGEN VAN DEMOCRATIE 18
2. IDEALE DELIBERATIEVE DEMOCRATIE (HABERMANS) 19
3. SOORTEN DEMOCRATIEËN 20

,HOOFDSTUK 5: BURGERSCHAP EN GEMEENSCHAP (= DIMENSIE 3) 22

1. STRATEGIE 1: SHARED SENSE OF JUSTICE 24
2. STRATEGIE 2: COMMON FORM OF LIFE 24
3. STRATEGIE 3: LIBERAAL NATIONALISME – SHARED (NATIONAL) IDENTITY 25
4. STRATEGIE 4: POSTNATIONALE CONSTELLATIE – SHARED POLITICAL PARTICIPATION/CONSTITUTION 27
5. STRATEGIE 5: INTERCULTURALISME – IDENTIFICATION BY SHARED PARTICIPATION 27
6. COMBINEREN VAN DE STRATEGIEËN 27

HOOFDSTUK 6: POLITIEK LIBERALISME 28

1. VERBETERPUNTEN 28
2. STAATSNEUTRALITEIT 31
3. BURGERSCHAP 34

HOOFDSTUK 7 (GASTLES): DE HAÏTIAANSE REVOLUTIE EN DE GRENZEN VAN REVOLUTIONAIR
BURGERSCHAP 36

1. DE UITVINDING VAN MODERN BURGERSCHAP (EINDE 18DE EEUW) 36
2. OPSTAND OP SAINT-DOMINIQUE 37
3. DE STRIJD OM GELIJK BURGERSCHAP EN BEELDVORMING 39
4. VERLICHTING EN UITSLUITING 40
5. DE GRENZEN VAN BURGERSCHAP: VERGELIJKENDE PERSPECTIEVEN 41
6. ERFENISSEN VAN DE HAÏTIAANSE REVOLUTIE 42

HOOFDSTUK 8 (GASTLES): RECHTERS OP ZOEK NAAR LEGITIMITEIT 43

1. DEMOCRATIE EN RECHTSSTAAT 43
2. VIER SOORTEN VERTROUWEN 44

HOOFDSTUK 9 (GASTLES): DEMOCRATIE, TECHNOCRATIE EN POPULISME 49

1. DEMOCRATIE EN POPULISME 49
2. TECHNOCRATIE EN POPULISME 51
3. DE EUROPESE UNIE 52
4. DE ROL VAN EXPERTEN IN EEN DEMOCRATIE 54

HOOFDSTUK 10 (GASTLES): MIGRATIE, INTEGRATIE EN NATIONALITEIT 57

1. JURIDISCH KADER 57
2. VERBLIJFSRECHT 62
3. INTEGRATIE EN NATIONALITEIT 65
4. RECHTEN 69

HOOFDSTUK 11 (GASTLES): DOCHTER VAN DE DEKOLONISATIE 71

1. KOLONISATIE 71
2. KOLONIALE ERFENIS 73
3. DEKOLONISEREN 74

,4. CONCLUSIE 76

HOOFDSTUK 12 (GASTLES): DEMOCRATIE EN LEGITIMITEIT IN DE EUROPESE UNIE 77

1. DEMOCRATIE EN LEGITIMITEIT IN POLITIEKE SYSTEMEN 77
2. DE EUROPESE UNIE ALS POLITIEK SYSTEEM 77
3. DEMOCRATIE IN DE EUROPESE UNIE 79
4. LEGITIMITEIT IN DE EUROPESE UNIE 80

, Introductie

1. ‘De politiek’ en ‘het politieke ‘

Aristoteles: Politieke dier

Aristoteles omschrijft de mens als een politiek dier. Waarbij het onderscheid tussen het sociale en het
politieke belangrijk is:

- Het sociale: Mensen zijn sociale wezens; leven samen, ze overleven, etc. Mensen zijn geen
solitaire wezens, ze zijn aangewezen op het samenleven met andere soortgenoten om te
kunnen overleven.

- Het politieke: Mensen gaan hun sociaal leven politiek organiseren en vormgeven. Er wordt
een onderscheidt gemaakt tussen:

_ De politiek: Het is in eerste instantie een verwijzing naar alle regels, instellingen en wetten
die het sociale verkeer tussen mensen stuurt en regelt.

_ Het politieke: Het kloppende hart van de politieke organisatie van de samenleving. Het
is de interactie tussen de mensen, waarin er gediscussieerd wordt welke doelstellingen dat
ze willen realiseren in de samenleving. Alle instituties, regels en wetten zijn het gevolg
van discussiëren. Het gaat om doelen stellen, welke waarden die centraal staan, stabiliteit
creëren, welvaart, etc.

Om waarden centraal te stellen daarbij gaat een staatsvorm bij aan te pas. Er is vaak discussie wat de
beste staatsvorm is om het politieke te kunnen organiseren. Aristoteles maakt een onderscheidt tussen
een goede en slechte staatsvorm:

- Goede staatsvormen: Het belang van iedereen staat centraal.

- Slechte staatsvormen: Eigen belang van de elites staan centraal.

2. Vrijheid

Aristoteles: Vrijheid

Vrijheid is fundamenteel en het meeste belangrijke, zo fundamenteel dat de organisatie van politiek
en vrijheid samenvallen. Burgers hebben de vrijheid, omdat ze aan politiek doen. Ze mogen zelf mee
gaan bepalen over de samenleving. Ze hebben de vrijheid om te mogen beslissen. Politieke
organisatie en vrijheid zijn volgens Aristoteles hetzelfde. Een totale afwezigheid van politieke
organisatie staat gelijk aan onvrijheid. Als je niet kan spreken en discussiëren dan kan je je doel als
politiek dier niet verwezenlijken, waardoor je niet vrij bent.




1

,Kant: Vrijheid

Menselijke waardigheid en vrijheid is hetzelfde. Er is maar één natuurrecht volgens Kant dat elke
mens heeft en dat is vrijheid. Mensen zijn vrije wezens. Kant geeft daar ook een invulling voor.
Mensen mag je niet als middel behandelen. Er moet altijd rekening gehouden worden met dat de
andere mensen ook vrijheid hebben, en zelf hun eigen leven mogen bepalen en invullen. De
autonomie is fundamenteel. Elk politiek systeem die de autonomie niet respecteert, is een politiek
systeem die het politieke perverteert.

Universele Verklaring van de Rechten van de Mens: Bovenstaand principe vormt één van de
belangrijkste fundamenten van de UVRM. Het is een toetssteen of de vrijheden van de mens worden
gerespecteerd door de naties.

Wat houdt vrijheid in?

Vrijheid is een ‘essentially contested’ concept. Het gaat over begrippen waarover een perfecte
rationele manier kan worden gediscussieerd, met voor- en tegenargumenten. Waarbij de argumenten
plausibel, respectabel en rationeel zijn (perfect genuine). De redelijke uitwisselingen zullen nooit
leiden tot een afsluitende definitie die op de instemming van iedereen kan rekenen (endless).

Een sluitend antwoord op de vraag wat het begrip (concept) vrijheid in deze context inhoudt bestaat
dus niet. Er bestaan alleen maar (plausibele, rationeel verdedigbare, respectabele) opvattingen
(conceptions) van vrijheid.

Twee opvattingen over vrijheid:

- Liberale opvatting van vrijheid (Isaiah Berlin)

- Republikeinse opvatting van vrijheid (Philip Petit)

Die twee opvattingen van vrijheid impliceren twee verschillende antwoorden op de vraag hoe het
samenleven van mensen politiek georganiseerd moet worden, en meer bepaald op de vraag naar het
belang van een democratisch georganiseerde samenleving.




2

, HOOFDSTUK 1: De liberale vrijheidsopvatting van Isaiah Berlin

1. Situering

Two concepts of liberty: negatieve en positieve vrijheid. Het is een tijdsdocument en opgesteld
tijdens de tijden van de Koude Oorlog, waar West-Europa tegenover Oost-Europa staat. Het
document is een verdediging van het vrijheidsidee dat aan de grondslag ligt van het vrije westen
tegenover de propaganda van de communistische Oostblok. Het concept “negatieve vrijheid” krijgt
bij Berlin een positieve waardering en het concept “positieve vrijheid” krijgt een negatieve
waardering.

2. Negatieve vrijheid

Politieke vrijheid: de mogelijkheid om te doen wat men wil doen

Poltieke vrijheid betekent voor Berlin de ruimte of de mogelijkheid hebben om te doen wat men wil
doen, om zelf te kiezen en om te handelen in overeenstemming met die keuze.

Politieke vrijheid is negatieve vrijheid: non-interference

In Berlin zijn opvatting over politieke vrijheid ligt de nadruk op het negatieve, op wat afwezig moet
zijn om te kunnen spreken van vrijheid. Niemand gaat zich bemoeien en inmengen in de keuzes die
iemand maakt (non-interference). Hoe ruimer het gebied van niet inmengen, hoe groter de vrijheid.
Leven in een liberaal systeem, hoe minimaler de staat hoe groter de individuele vrijheid.

Politieke onvrijheid: bemoeienis, dwang en onderdrukking

Als anderen of instanties zich mengen in iemand zijn zaken om een keuze te maken of een doel te
bereiken, dan is er sprake van onvrijheid en dwang of zelfs onderdrukking.

3. Negatieve vrijheid en vrijheidsbegrenzing

Hoe minder inmenging van anderen en hoe minder de bemoeienis van de politieke macht, des te
groter mijn vrijheid. Omdat we met anderen samenleven kunnen we echter nooit in absoute zin vrij
zijn: we moeten iets van onze vrijheid opgeven om de rest te behouden.

Inperking van de negatieve vrijheid en het schadebeginsel

Er is altijd de bedreiging die uitgaat van de absolute vrijheid van één soort of individu voor de
vrijheidsuitoefening van anderen. Daarom komt de volgende vraag ter sprake: “Op grond van welke
beginselen moet de vrijheid van de een zo nu en dan worden ingeperkt om de vrijheid van de ander
te garanderen?”. Er zijn grenzen aan de vrijheid, we mogen anderen hun vrijheid ook niet inperken.
Zoals bijvoorbeeld de vrijheid van meningsuiting, er zijn grenzen aan. Berlin verwijst naar een
schadebeginsel. Wanneer de uitoefening van je vrijheid schade aanbrengt aan anderen, dan is de
vrijheid niet legitiem.




3

, 4. Negatieve vrijheid en grenzen aan de vrijheidsbegrenzing

Negatieve vrijheid is niet absoluut, maar begrensd. Er komen grenzen aan de politieke macht, door
rechten en onschendbare regels. Er zijn vrijheidsrechten, die verbonden zijn met burgerschap.
Onschendbare regels wilt zeggen dat de rechtstaat boven de macht staat. Negatieve vrijheid is enkel
mogelijk als recht boven macht staat, waarbij de macht zich ook houdt aan de regels van het recht.
Daarnaast zijn de rechten fundamenteel, waarbij de macht de rechten niet zomaar kan schrappen of
veranderen. Het recht op vrijheid ligt aan de basis van het UVRM.

5. Negatieve vrijheid versus paternalisme

Volgens Berlin moet er altijd een minimum aan persoonlijke vrijheid blijven bestaan. Vrijheid mag
niet opgeofferd worden om andere doelen, zoals gelijkheid of geluk, te bereiken. Vrijheid is een aparte
waarde, die niet hetzelfde is als rechtvaardigheid of welzijn. Als je vrijheid opgeeft om ongelijkheid
te verminderen, maar daardoor niet echt de vrijheid van anderen vergroot, dan gaat er gewoon vrijheid
verloren. Dat verlies kan misschien goedgemaakt worden door meer rechtvaardigheid of vrede, maar
het blijft een verlies van vrijheid. Als vrijheid wordt opgeofferd voor rechtvaardigheid, gerechtigheid,
gelijkheid, etc. dan zit je met een paternalistische staat en arbitraire inmenging van de staatsmacht in
je vrijheidsuitoefening.

6. Negatieve vrijheid (liberale vrijheid) en democratie

Vrijheid hangt niet rechtstreeks samen met democratie of zelfbestuur. Hoewel democratie vrijheid
beter kan beschermen en garanderen, is er geen logisch noodzakelijk verband tussen democratisch
bestuur en negatieve vrijheid (vrijheid als afwezigheid van inmenging).

7. Positieve vrijheid

Positieve vrijheid sluit deels aan bij het idee van paternalisme. Ze wordt vaak gezien als een
aanvulling op negatieve vrijheid. Waar negatieve vrijheid gaat over vrij zijn van inmenging, gaat
positieve vrijheid over de mogelijkheid om je keuzes ook echt te kunnen realiseren.

Volgens deze opvatting ben je pas echt vrij als je de middelen, steun en omstandigheden hebt om
jezelf te ontplooien. In sommige ideologieën, zoals het communisme, wordt gesteld dat vrijheid juist
via collectieve organisatie mogelijk wordt: iedereen werkt en draagt zo bij aan de zelfrealisatie van
zowel het individu als de gemeenschap. Arbeid wordt dan gezien als het middel waarmee mensen
hun vrijheid in praktijk kunnen brengen.

8. Waardenpluralisme en humanisme

Mens zijn is in meervoud leven, het pluralisme. Iedere persoon die we ontmoeten is uniek, met een
eigen blik op de werkelijkheid en eigen voorkeuren. Een samenleving die ruimte laat aan individuen
om zichzelf te zijn, is een samenleving die vrijheid respecteert. Pas wanneer die verscheidenheid
wordt erkend en gewaardeerd, kan de mens werkelijk zichzelf zijn.




4

, HOOFDSTUK 2: De republikeinse vrijheidsopvatting van Philip Pettit

1. Geschiedenis en essentie van de republikeinse vrijheidsopvatting

Geschiedenis: Het gaat terug tot de tijd van de Romeinen en de Griekse stadstaten en verwijst naar
een traditie die even oud is als de Romeinse politieke geschriften.

Essentie: Vrijheid is volgens de Republikeinse opvatting gelijk aan non-domination. Bij de liberale
opvatting was dat non-interference. Iemand die vrij is zelfstandig en iemand die niet gedomineerd
wordt door iemand anders. Vrij ben je pas als je geen slaaf bent.

2. Hoe weet je dat je volledig vrij bent?

Voorbeeld: A Doll’s house

Het toneelstuk gaat over Torvald en zijn vrouw Nora. Zolang Torvald Nora laat doen wat ze wil, lijkt
ze vrij te zijn, in de betekenis van negatieve vrijheid. In werkelijkheid is haar vrijheid afhankelijk van
Torvald, die bepaalt wat zij mag doen en die haar vrijheid op elk moment kan beperken. Haar vrijheid
bestaat dus slechts omdat hij die toestaat.

Lucky freedom versus robust freedom

Lucky freedom: In de liberale zin lijkt Nora vrij: ze wordt niet beperkt of gehinderd door Torvald,
ze kan doen wat ze wil. In de republikeinse zin is dat niet zo haar vrijheid hangt volledig af van
Torvald: hij laat haar vrij zijn, zolang hij dat wil. Deze vorm van vrijheid noemt Pettit “lucky
freedom”: ze heeft geluk dat haar meester mild is, maar ze blijft afhankelijk. Ze is dus niet echt vrij,
enkel vrij bij toeval of dankzij de welwillendheid van een ander.

Robust freedom: Iemand is echt vrij, omdat die onafhankelijk is van de wil van een ander. Nora is
dat niet: ze leeft onder de macht van Torvald, die beslist wat ze wel of niet mag doen. Zolang iemand
anders die macht of “reserve control” houdt, is er geen echte vrijheid. Echte (robuste) vrijheid
betekent dat niemand jou kan overheersen of jouw vrijheid kan afnemen.

3. Fundamentele aspecten van de republikeinse opvatting van
politieke vrijheid als robuuste vrijheid

De republikeinse opvatting van vrijheid benadrukt sterk het verschil met de liberale opvatting, waarin
vrijheid wordt gezien als negatieve vrijheid. Binnen het republikeinse denken wordt vrijheid
daarentegen opgevat als robuuste vrijheid:

- Vrijheid is verbonden met burgerschap

- De tegenstelling tussen vrijheid en slavernij staat in de republikeinse opvatting centraal

- Vrijheid is non-domination (ook wanneer niemand zich met jouw leven bemoeit kan je onvrij
zijn)




5

, - Vrijheid is afwezigheid van arbitraire bemoeienis (ook wanneer iemand zich met jouw leven
bemoeit kan je vrij zijn)

- Wetten die correct tot stand zijn gekomen stichten de vrijheid

3.1 Vrijheid en burgerschap

Burgerschap geeft je rechten en zorgt ervoor dat je als gelijke wordt beschouwd. Geen enkele burger
mag zich boven een ander plaatsen, er is geen dominantie. Iedere burger heeft gelijke rechten. In
de republikeinse betekenis van vrijheid geldt dat inmenging alleen een beperking van vrijheid
is wanneer ze arbitrair is: wanneer iets wordt opgelegd zonder toestemming of zonder inspraak van
de betrokken burgers. Niet elke vorm van inmenging beperkt dus de vrijheid, alleen wanneer ze
gebeurt zonder legitimiteit of medezeggenschap.

3.2 Vrijheid versus slavernij

De tegenstelling tussen vrijheid en slavernij staat centraal in de republikeinse opvatting van politieke
vrijheid, omdat ze duidelijk maakt wat het betekent om vrij te zijn. In de republikeinse zin is iemand
pas vrij als hij niet onderworpen is aan de willekeur van een ander, zoals een slaaf dat is tegenover
zijn meester. Vrijheid betekent dus bescherming tegen willekeurige macht, iets wat alleen mogelijk
is binnen een wettelijk en politiek systeem dat alle burgers gelijk behandelt.

3.3 Non-domination versus non-interference

IMPLICATIE 1: Het is mogelijk dat je onvrij, ondanks het feit dat niemand zich bemoeit
met jou leven

De republikeinse opvatting van vrijheid houdt in dat iemand onvrij kan zijn, zelfs wanneer niemand
zich daadwerkelijk met zijn leven bemoeit. Dat komt omdat onvrijheid niet alleen gaat over feitelijke
inmenging, maar over onderworpen zijn aan de macht van een ander.

Een slaaf is bijvoorbeeld onvrij, ook als zijn meester vriendelijk is en hem met rust laat, omdat de
meester nog steeds de macht heeft om in te grijpen wanneer hij dat wil. De slaaf leeft dus voortdurend
onder het gezag van een ander en is afhankelijk van diens willekeur.

_ Daarom betekent vrijheid in republikeinse zin non-domination in plaats van enkel non-
interference. Je bent pas echt vrij als niemand de macht heeft om zich arbitrair met jouw leven
te bemoeien, ook niet wanneer die macht op dat moment niet wordt gebruikt.

IMPLICATIE 2: Het is mogelijk dat iemand zich met je leven bemoeit, maar dat je wel vrij
bent

Volgens de republikeinse opvatting van vrijheid kan iemand toch vrij zijn, ook al wordt er in zijn
leven ingegrepen. Dat is het geval wanneer die bemoeienis niet willekeurig of arbitrair is, maar
juist rechtvaardig en gecontroleerd door degenen die erdoor worden geraakt. Wanneer wetten of
beslissingen daarentegen worden genomen in het belang van de burgers en met hun
medezeggenschap, dan beperken ze de vrijheid niet, maar versterken ze die juist.



6

, 3.4 Wie vrij is, is gewapend tegen arbitraire bemoeienis

In de republikeinse opvatting is iemand pas echt vrij wanneer hij beschermd is tegen willekeurige
inmenging van anderen. Vrijheid betekent dus niet alleen dat er op dit moment geen inmenging
plaatsvindt, maar dat anderen ook niet de macht hebben om zomaar in te grijpen. Het gaat om
een robuuste of veerkrachtige vrijheid: een toestand waarin je niet afhankelijk bent van de genade
van anderen, omdat er institutionele of wettelijke waarborgen bestaan die je beschermen.

3.5 Wetten de concreet tot stand zijn gekomen stichten de vrijheid

Volgens de republikeinse opvatting vormen wetten die op een juiste en rechtvaardige manier tot stand
zijn gekomen geen beperking van de vrijheid, maar juist de grondslag ervan. Hoewel wetten een vorm
van inmenging zijn, worden ze in dit kader beschouwd als een non-mastering interferer een
bemoeienis die niet overheerst of domineert, maar waar je mee inspraak hebt gehad. Zulke wetten
zijn gebaseerd op de algemene belangen en overtuigingen van de burgers en staan dus in dienst van
hen, in plaats van boven hen. Ze vormen een vorm van inmenging die niet arbitrair of
onderdrukkend is, maar juist vrijheid mogelijk maakt.

4. Wat is er nodig om vrij te zijn?

- Robust freedom: Het betekent echte of stevige vrijheid. Het verwijst naar een toestand
waarin iemand vrij is van inmenging, niemand bemoeit zich met wat je doet. Het is een
stabiele, betrouwbare vorm van vrijheid die niet zomaar kan worden afgenomen.

- Resilient absence of interference: Het betekent dat je weerbaar bent tegen inmenging. Het
gaat niet alleen om het feit dat er op dit moment niemand tussenbeide komt, maar dat je
beschermd bent tegen de mogelijkheid dat iemand dat zou kunnen doen. Er bestaan regels,
wetten of sociale structuren die voorkomen dat anderen willekeurig macht over jou kunnen
uitoefenen.

- Non-domination: Het betekent niet onderworpen zijn aan de willekeur van anderen. Je bent
vrij zolang niemand de macht heeft om zich arbitrair met jouw leven te bemoeien. Zelfs als
iemand zich feitelijk niet met je leven bemoeit, ben je onvrij zodra die persoon de macht
heeft om dat te doen zonder jouw inspraak of bescherming.

- The properly constituted law is constitutive of liberty: Het betekent dat wetten die op een
juiste, rechtvaardige en democratische manier tot stand komen, de vrijheid zelf vormen. Ze
scheppen vrijheid in plaats van die te beperken. Volgens het republikeinse denken ben je pas
vrij als de wetten waaronder je leeft:

_ Niet arbitrair zijn

_ Inspraak hebben en controle van de burgers zelf

- Horizontale relaties: Dit gaat over de gelijkheid tussen burgers onderling. Niemand mag
meer rechten of macht hebben dan een ander, elke burger moet dezelfde wettelijke
bescherming genieten.


7

Get to know the seller

Seller avatar
Reputation scores are based on the amount of documents a seller has sold for a fee and the reviews they have received for those documents. There are three levels: Bronze, Silver and Gold. The better the reputation, the more your can rely on the quality of the sellers work.
ismayjanssens Universiteit Antwerpen
Follow You need to be logged in order to follow users or courses
Sold
32
Member since
1 year
Number of followers
6
Documents
11
Last sold
2 days ago

4.0

1 reviews

5
0
4
1
3
0
2
0
1
0

Recently viewed by you

Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Frequently asked questions