Hoofdstuk 1: Wat is recht
Kenmerken en definitie van recht
Kenmerken van het recht
➔ Regels;
Dit zijn je rechten en plichten
Bv. Recht op een leefloon (onder bepaalde voorwaarde), plicht om
actief naar werk te zoeken
Gebodsregels= wat je moet doen
Bv. Belastingaangifte doen, aangesloten zijn bij een
mutualiteit/HZIV, …
Verbodsregels= wat je niet mag doen
Bv. Moord plegen, door rood licht rijden, …
Regels zijn opgesteld/bekrachtigd door de samenleving =>
rechtsregel
Het recht heeft als doel de samenleving
te ordenen
Doel van recht: het ordenen van de samenleving
(Over)leven + handelen als mensen binnen SL (groep) veronderstelt
regels;
Wie (bevoegdheid) mag wat doen met welke middelen (goederen, geld,
rechten)
Welk gedrag (niet) aanvaard wordt
Hoeveel/welke middelen iemand over mag beschikken
1
Emma Senesael – Recht verkennen
,Wanneer er geen duidelijkheid is ordelijk handelen = onmogelijk /
ruzies en gevechten
Het recht wordt opgelegd door de
samenleving
Oorsprong van recht ligt in de wil van de SL
Samenleven zorgt voor conflict, de oplossing hiervoor zijn regels
Het Aanpassen van het recht aan evoluerende omstandigheden, is
toevertrouwd aan specifieke wetgevende organen (‘parlementen’);
Rechtstreekse democratie (directe)
Via het referendum
Vertegenwoordigde democratie (indirecte)
Parlementen = ‘stem van het volk’ (=vertegenwoordigers) (Zij
akkoord = wij allemaal akkoord)
Nieuwe regels + wijzigen/afschaffen van bestaande rechtsregels gebeurt
volgens wettelijke procedures. Nadat deze zijn nageleefd moet de wet
toepassing plaatsvinden en moet de wet afdwingbaar worden.
SL is continu in verandering;
Wetgeving = dynamisch gegeven
Recht = nooit af
Bv. abortus, euthanasie, …
De naleving van het recht kan worden
afgedwongen
Rechtsregels zijn afdwingbaar:
Niet-naleving heeft gevolgen
Bv. Te snel rijden => boete
Om ze te kunnen afdwingen zijn er structuren, instellingen en
procedures
Bv. Politie, fiscus, parket, rechtbanken, …
Procedures; burgers kunnen zelf recht afdwingen
2
Emma Senesael – Recht verkennen
,!!Niet alle rechtsregels zijn even afdwingbaar
Bv. contract gaat voor op de ‘aanvullende’ wet
Soorten regels
Recht = geheel van regels
Gedragsregels: regels die gedrag van leden in SL ordenen, dit
gebeurt door het vastleggen van “subjectieve rechten” van leden
van de SL, namelijk hun bevoegdheden om over middelen te
beschikken met ander woorden, gedrag dat is toegestaan of niet
Instellingen en procedures voor toepassing en
afdwinging: Gedragsregels zijn alleen effectief zijn als er ook
instellingen en structuren bestaan om hun naleving te
controleren en afdwingen wanneer iemand de regels of
andermans rechten schendt.
Bv. Gerechtelijke organisatie, waarin diverse
instellingen (arbeidsrechtbank, procureur des
Konings, gevangenissen, …) zijn vervat
Instellingen en procedures voor wijziging van het
recht: De wetten en regels die het gedrag van mensen sturen,
en de organisaties en procedures die ervoor zorgen dat deze
regels worden toegepast, zijn niet voor altijd vastgelegd. Ze
kunnen veranderen als de maatschappij verandert.
Vrouwe Justitia
(=afbeelding van de kenmerken van recht/personificatie van recht)
Blinddoek= rechtspraak o.b.v. de rede, zonder misleidende
zintuiglijke waarneming, Recht is onpartijdig en objectief, Iedereen
is gelijk voor de wet, ‘dura lex sed lex’
3
Emma Senesael – Recht verkennen
, Weegschaal= afweging van bewijzen, getuigenissen …. Men gaat
zeer zorgvuldig hiermee om
Zwaard= vonnis. Er zal een uitspraak zijn.
Definitie van recht
WAT? geheel van rechtsregels
WAAROM? met als doel de maatschappij te ordenen
VAN WAAR? Opgelegd door de samenleving, via haar vertegenwoordigers
HOE? De niet-naleving ervan is afdwingbaar via een wettelijk voorzien
systeem van sancties
Objectief recht vs. subjectief recht
Objectief recht (abstract en algemeen)
= Rechtsregels, geformuleerd in ‘het Recht’, dit is de geschreven
wetgeving (wetboeken)
Staan los van een concreet persoon of een specifieke situatie
Subjectief recht (concreet en toepasbaar)
=Het gaat over de individuele rechten die wij ontlenen aan de
algemene wetten (de objectieve rechtsregels) en hoe we die wetten in
een concrete situatie kunnen gebruiken.
Voorbeeld: het recht op 144 studiepunten
Objectief: leerkrediet staat beschreven in de codex voor het hoger
onderwijs (algemene regels)
Subjectief: dit is de toepassing van de studenten, zij kiezen zelf hoe zij hun
leerkrediet inzetten.
Rechtssubject vs. rechtsobject
Rechtssubject (=wij)
Titularis/houder van subjectieve rechten
Drager van rechten & plichten
2 soorten:
4
Emma Senesael – Recht verkennen