Gerechtelijk recht
HOOFDSTUK 1
1.1 Gedingregels (procesregels)
Gewone handelingen / feiten bv. iemand slaan <-> rechtshandeling (handeling die je
stelt owv een bepaald rechtsgevolg) bv. een contract tekenen
Duidelijke afspraken = rechtszekerheid
Proceshandelingen =als je een rechtshandeling stelt in een procedure -> begint met de
geding-inleidende akte of de proceshandeling om een procedure te starten)
Proceshandelingen zijn onderworpen aan twee soorten afspraken:
a) Vormvoorschriften
b) Termijnen (art. 48-57 Ger.W.)
a) Vormvoorschriften
Vormvoorschriften gesanctioneerd of straffe v nietigheid
art. 860 e.v. Ger.W.
Toepassingsgebied:
-> alle proceshandelingen kunnen eventueel het voorwerp zijn v een nietigheid (dus
ook een vonnis, arrest, beschikking)
-> vormgebrek
Niet naleven = nietig
Vonnissen en arresten kunnen nietig zijn MAAR zijn niet onderworpen aan de
nietigheidsleer
Nietigheidsleer
De vormvereisten voor een vonnis en arrest zijn veel strikter
-> Kunnen veel sneller nietig verklaard worden dan andere proceshandeling
Nietigheidseer niet v toepassing op vonnissen, arresten en beschikkingen
Proceshandeling pas nietig als je alle ‘obstakels’ hebt overwonnen
Exceptie van nietigheid
Voorwaarden om proceshandeling nietig te laten verklaren
1) geen nietigheid zonder wettekst (als nietigheid niet in wettekst staat geschreven ->
moet dus in wet staan) (art. 860 Ger.W.)
2) geen nietigheid zonder schade (belangschade) (art. 861 Ger.W.)
3) opwerpen in limine litis (art. 864 Ger.W.)
Mogelijkheid tot herstel
1) Door rechter opgelegde maatregelen (art. 861, tweede lid Ger.W.)
-> Rechter gaat ambtshalve kijken of die iets kan doen waardoor het nadeel/de
belangschade wordt rechtgezet -> als dit kan dan heb je geen nietigheid
o Bv. Dagvaardingstermijn niet gerespecteerd -> rechter ziet dit -> rechter
beveelt om dit uit te stellen op een week -> belangschade weg dus geen
nietigheid
2) Regularisatie handtekening (art. 863 Ger.W.)
-> Bepaalde processtukken moeten ondertekend zijn
MAAR
-> Soms moet rechter ambtshalve verplicht de zaak meedelen aan het OM en een
advies te vragen -> verplichting is voorgeschreven op straffe v nietigheid -> als die
dit vergeet is zijn vonnis nietig (geen belangschade, geen regularisatie, niet limine liits
-> is hier niet van toepassing -> is gewoon nietig)
1
,b) termijnen (art. 48-57 Ger.W.)
Wachttermijn (minimumtermijn)
‐ Handeling dient verricht te worden buiten de termijn
Bv. dagvaardingstemrijn (betekenen: dag waarop deurwaarder dagvaarding brengt en
het moment dat je moet verschijnen voor rechtbank -> tussen die periodes moet
minstens 8dagen tussen zitten)
‐ Deurwaarder gaat betekenen, gaat zitting bepalen waarop die gaat betekenen,
deurwaarder mag dat zelf bepalen wanneer. Rechtbank heeft regels bv. vredegerecht
heeft vaste zittingsdag. Dag van betekening wordt gekozen -> opdat moment begint
het
‐ Bv. dagvaarding betekend op 2 juli -> eerste dag van de zitting is 11 juli maar is een
feestdag maar geen nationale feestdag dus er wordt gewerkt
‐ Bv. dagvaarding op 11 juli -> eerste dag v zitting is 23 juli
Vervaltermijn (maximumtermijn)
‐ Handeling dient verricht te worden binnen de termijn
Bv. termijn van hoger beroep tegen vonnis
Vervaltermijn : niet allemaal gesanctioneerd op straffe v verval
Bv. vanaf dat vonnis wordt betekent heb je 1 maand om hoger beroep aan te tekenen -
> termijn = vervaltermijn -> hoger beroep is ontoelaatbaar
Vervaltermijn gesanctioneerd met eigen specifieke sanctie
Bv. binnen conclusietermijn een conclusie neerleggen op griffie en toesturen aan
andere partij -> niet doen -> conclusie eruit gelaten
Vervaltermijn gesanctioneerd op straffe v nietigheid
Termijnen: vaststelling
‐ Enkel door de wet (art. 48 Ger.W. e.v.)
‐ Door de rechter als de wet het toestaat (art. 49 Ger.W.)
Termijnberekening: aanvang (art. 52 Ger.W.)
‐ Principe: van de dag na die van de akte of de gebeurtenis die hem doet ingaan
‐ Betekening of kennisgeving
‐ Algemene regel:
-> Dies a quo = dag waarvan je begint (eerste dag van termijn is de dag ERNA) (geen
deel v termijn)
-> Dies ad quem = vervaldag (wel deel v termijn)
-> zat, zon is -> meetellen in termijn
Termijnrekening: dagen
‐ 8 dagen vanaf de betekening van de daagvaarding (aanvangsdag zit niet in termijn)
‐ Op zat, zon of wettelijke feestdag mag je niet betekenen
‐ Gerekend in kalenderdagen -> zaterdag, zondag maakt ni uit, gewoon doortellen
Regel 3: Laatste dag -> vervaldag (zit wel in termijn dus zitting mag niet op dag 8)
Je mag hier ten vroegste dagvaarden voor een zitting donderdag de 22 ste
2
, ‐ Regel 4: wanneer vervaldag komt op zat, zon of wettelijke feestdag ->
vervaldag wordt automatisch verplaatst nar eerst volgende werkdag
Je mag hier ten vroegste dagvaarden voor een zitting dinsdag de 27 ste
Voorbeeld: 19de moet zittingsdag zijn: (kort geding, termijn 2 dagen)
-> zaterdag en Zondag kunnen niet dag 2 zijn want dan word da verplaatst naar
maandag
-> Vrijdag moet dus dag 2 zijn
-> 15de is dan dag 1
-> Woensdag 14de is laatste dag dat je kan betekenen
Termijnberekening: maanden of jaren
‐ Vonnis betekent 15 april
‐ Wat is laatste dag dat tegen vonnis beroep kan worden ingesteld ?
‐ Dag van betekening speelt niet mee in termijn dus eerste volgende dag erop
= 16/4
‐ Regel 5: termijnen in maande of jaren worden gerekend v de zoveelste (dag 1) tot de
dag voor de zoveelste
-> dus 15 mei -> op deze dag kan je nog steeds hoger beroep instellen want IN termijn
-> Als 15 mei zaterdag of zondag is dan wordt vervaldag verplaatst naar 16 de en heb je
dus een extra dag
Bv. betekening v vonnis op 29 april -> eerste dag v termijn is 30 april -> dag voor 30 ste
is 29 mei maar is een feestdag dus termijn verzet naar eerst volgende werkdag =
laatste dag dat hoger beroep kan aangetekend worden is 30 mei
Bv. vonnis betekend op maandag 30 juni -> laatste dag v termijn om hoger beroep aan
te tekenen -> gerechtelijk verlof -> tot 15 sep
Termijn om hoger beroep of verzet aan te tekenen die beginnen en eindigen in
gerechtelijk verlof verlengd tot 15 sep tenzij dit zat, zon is dan tot eerst volgende
werkdag
Bv. dagvaarding op 27 juni -> termijn begint te lopen op 28 ste juni -> eindigt op 27 juli -
> is een zondag dus verplaatst naar 28 juli -> eindigt in gerechtelijk verlof maar is niet
begonnen in gerechtelijk verlof dus niet verlengd
Bv. vonnis betekent op 31 juli -> termijn loopt op 1 augustus -> eindigt op 31 augustus
en is een zondag -> laatste dag v termijn verzet op eerst volgende werkdag dus 1 sep -
> valt niet in het gerechtelijk verlof dus niet verlengd
3
HOOFDSTUK 1
1.1 Gedingregels (procesregels)
Gewone handelingen / feiten bv. iemand slaan <-> rechtshandeling (handeling die je
stelt owv een bepaald rechtsgevolg) bv. een contract tekenen
Duidelijke afspraken = rechtszekerheid
Proceshandelingen =als je een rechtshandeling stelt in een procedure -> begint met de
geding-inleidende akte of de proceshandeling om een procedure te starten)
Proceshandelingen zijn onderworpen aan twee soorten afspraken:
a) Vormvoorschriften
b) Termijnen (art. 48-57 Ger.W.)
a) Vormvoorschriften
Vormvoorschriften gesanctioneerd of straffe v nietigheid
art. 860 e.v. Ger.W.
Toepassingsgebied:
-> alle proceshandelingen kunnen eventueel het voorwerp zijn v een nietigheid (dus
ook een vonnis, arrest, beschikking)
-> vormgebrek
Niet naleven = nietig
Vonnissen en arresten kunnen nietig zijn MAAR zijn niet onderworpen aan de
nietigheidsleer
Nietigheidsleer
De vormvereisten voor een vonnis en arrest zijn veel strikter
-> Kunnen veel sneller nietig verklaard worden dan andere proceshandeling
Nietigheidseer niet v toepassing op vonnissen, arresten en beschikkingen
Proceshandeling pas nietig als je alle ‘obstakels’ hebt overwonnen
Exceptie van nietigheid
Voorwaarden om proceshandeling nietig te laten verklaren
1) geen nietigheid zonder wettekst (als nietigheid niet in wettekst staat geschreven ->
moet dus in wet staan) (art. 860 Ger.W.)
2) geen nietigheid zonder schade (belangschade) (art. 861 Ger.W.)
3) opwerpen in limine litis (art. 864 Ger.W.)
Mogelijkheid tot herstel
1) Door rechter opgelegde maatregelen (art. 861, tweede lid Ger.W.)
-> Rechter gaat ambtshalve kijken of die iets kan doen waardoor het nadeel/de
belangschade wordt rechtgezet -> als dit kan dan heb je geen nietigheid
o Bv. Dagvaardingstermijn niet gerespecteerd -> rechter ziet dit -> rechter
beveelt om dit uit te stellen op een week -> belangschade weg dus geen
nietigheid
2) Regularisatie handtekening (art. 863 Ger.W.)
-> Bepaalde processtukken moeten ondertekend zijn
MAAR
-> Soms moet rechter ambtshalve verplicht de zaak meedelen aan het OM en een
advies te vragen -> verplichting is voorgeschreven op straffe v nietigheid -> als die
dit vergeet is zijn vonnis nietig (geen belangschade, geen regularisatie, niet limine liits
-> is hier niet van toepassing -> is gewoon nietig)
1
,b) termijnen (art. 48-57 Ger.W.)
Wachttermijn (minimumtermijn)
‐ Handeling dient verricht te worden buiten de termijn
Bv. dagvaardingstemrijn (betekenen: dag waarop deurwaarder dagvaarding brengt en
het moment dat je moet verschijnen voor rechtbank -> tussen die periodes moet
minstens 8dagen tussen zitten)
‐ Deurwaarder gaat betekenen, gaat zitting bepalen waarop die gaat betekenen,
deurwaarder mag dat zelf bepalen wanneer. Rechtbank heeft regels bv. vredegerecht
heeft vaste zittingsdag. Dag van betekening wordt gekozen -> opdat moment begint
het
‐ Bv. dagvaarding betekend op 2 juli -> eerste dag van de zitting is 11 juli maar is een
feestdag maar geen nationale feestdag dus er wordt gewerkt
‐ Bv. dagvaarding op 11 juli -> eerste dag v zitting is 23 juli
Vervaltermijn (maximumtermijn)
‐ Handeling dient verricht te worden binnen de termijn
Bv. termijn van hoger beroep tegen vonnis
Vervaltermijn : niet allemaal gesanctioneerd op straffe v verval
Bv. vanaf dat vonnis wordt betekent heb je 1 maand om hoger beroep aan te tekenen -
> termijn = vervaltermijn -> hoger beroep is ontoelaatbaar
Vervaltermijn gesanctioneerd met eigen specifieke sanctie
Bv. binnen conclusietermijn een conclusie neerleggen op griffie en toesturen aan
andere partij -> niet doen -> conclusie eruit gelaten
Vervaltermijn gesanctioneerd op straffe v nietigheid
Termijnen: vaststelling
‐ Enkel door de wet (art. 48 Ger.W. e.v.)
‐ Door de rechter als de wet het toestaat (art. 49 Ger.W.)
Termijnberekening: aanvang (art. 52 Ger.W.)
‐ Principe: van de dag na die van de akte of de gebeurtenis die hem doet ingaan
‐ Betekening of kennisgeving
‐ Algemene regel:
-> Dies a quo = dag waarvan je begint (eerste dag van termijn is de dag ERNA) (geen
deel v termijn)
-> Dies ad quem = vervaldag (wel deel v termijn)
-> zat, zon is -> meetellen in termijn
Termijnrekening: dagen
‐ 8 dagen vanaf de betekening van de daagvaarding (aanvangsdag zit niet in termijn)
‐ Op zat, zon of wettelijke feestdag mag je niet betekenen
‐ Gerekend in kalenderdagen -> zaterdag, zondag maakt ni uit, gewoon doortellen
Regel 3: Laatste dag -> vervaldag (zit wel in termijn dus zitting mag niet op dag 8)
Je mag hier ten vroegste dagvaarden voor een zitting donderdag de 22 ste
2
, ‐ Regel 4: wanneer vervaldag komt op zat, zon of wettelijke feestdag ->
vervaldag wordt automatisch verplaatst nar eerst volgende werkdag
Je mag hier ten vroegste dagvaarden voor een zitting dinsdag de 27 ste
Voorbeeld: 19de moet zittingsdag zijn: (kort geding, termijn 2 dagen)
-> zaterdag en Zondag kunnen niet dag 2 zijn want dan word da verplaatst naar
maandag
-> Vrijdag moet dus dag 2 zijn
-> 15de is dan dag 1
-> Woensdag 14de is laatste dag dat je kan betekenen
Termijnberekening: maanden of jaren
‐ Vonnis betekent 15 april
‐ Wat is laatste dag dat tegen vonnis beroep kan worden ingesteld ?
‐ Dag van betekening speelt niet mee in termijn dus eerste volgende dag erop
= 16/4
‐ Regel 5: termijnen in maande of jaren worden gerekend v de zoveelste (dag 1) tot de
dag voor de zoveelste
-> dus 15 mei -> op deze dag kan je nog steeds hoger beroep instellen want IN termijn
-> Als 15 mei zaterdag of zondag is dan wordt vervaldag verplaatst naar 16 de en heb je
dus een extra dag
Bv. betekening v vonnis op 29 april -> eerste dag v termijn is 30 april -> dag voor 30 ste
is 29 mei maar is een feestdag dus termijn verzet naar eerst volgende werkdag =
laatste dag dat hoger beroep kan aangetekend worden is 30 mei
Bv. vonnis betekend op maandag 30 juni -> laatste dag v termijn om hoger beroep aan
te tekenen -> gerechtelijk verlof -> tot 15 sep
Termijn om hoger beroep of verzet aan te tekenen die beginnen en eindigen in
gerechtelijk verlof verlengd tot 15 sep tenzij dit zat, zon is dan tot eerst volgende
werkdag
Bv. dagvaarding op 27 juni -> termijn begint te lopen op 28 ste juni -> eindigt op 27 juli -
> is een zondag dus verplaatst naar 28 juli -> eindigt in gerechtelijk verlof maar is niet
begonnen in gerechtelijk verlof dus niet verlengd
Bv. vonnis betekent op 31 juli -> termijn loopt op 1 augustus -> eindigt op 31 augustus
en is een zondag -> laatste dag v termijn verzet op eerst volgende werkdag dus 1 sep -
> valt niet in het gerechtelijk verlof dus niet verlengd
3